Zo Hollands als hutspot

Nu Willem-Alexander alweer geruime tijd zonder openlijk liefdesverdriet het water aan het managen is, is zijn verbroken verhouding oud nieuws....

De Telegraaf had dan wel pontificaal 'Het is uit' op de voorpagina geplaatst, maar de vraag of dat waar was, knaagde aan ons aller gemoedsrust. Als Emily Bremers niet het initiatief had genomen het Nederlandse volk uit zijn lijden te verlossen door zelf te bevestigen dat het uit was, zouden we nu nog altijd worden gemarteld door onzekerheid. Dat laatste is overigens een vertrouwd gevoel als het om onze kennis van het wel en wee van de Oranjes gaat.

Ik bijvoorbeeld krijg een heerlijke 'we zijn weer thuis'-tinteling bij de gedachte aan al die jonge, onnozele journalisten die de Rijksvoorlichtingsdienst (RVD) belden in de veronderstelling snel met informatie omtrent het prinselijk relatieprobleem te worden bediend. Ze kregen te horen dat de kroonprins staatkundig noch volkenrechtelijk een seksuele verhouding met een vriendin kàn hebben. Met andere woorden: omdat het constitutioneel gezien nooit aan kan zijn, kan het dus ook niet uit zijn. 'Can you follow me?' Je hòòrt het die RVD-ambtenaar zeggen tegen een suizebollende verslaggever van The Guardian of Aftonbladet.

Goede, oude RVD. Welke persrot herinnert zich niet de RVD-er die, op een vraag van een verslaggever in 1972 of prinses Margriet na de geboorte van haar derde kind veel bezoek en cadeautjes had gehad, antwoordde de vraag 'niet passend' en 'te privé' te vinden - en bovendien 'te exclusief' omdat andere journalisten die vraag niet hadden gesteld? Het is allemaal zo Hollands als hutspot.

Zodra het om het Koninklijk Huis gaat, staat de Nederlandse pers traditioneel elkaar aan te kijken als volleyballers die beteuterd de bal tussen zich in op de grond zien stuiteren. Omdat de serieuze journalistiek het zo laat afweten, hebben we tegenwoordig een koninklijke familie die bijna onbekend is. Van hun privéleven weten we niets: dat is het geheim van Huis ten Bosch.

Van hun politieke macht en invloed weten we evenmin iets: dat is het geheim van Paleis Noordeinde. We mogen alleen op Paleis Het Loo hun serviezen en bestekken tellen, begrijp ik uit een STER-spotje. Vergeleken met de huidige muur van stilte hield Paleis Soestdijk in zijn tijd open huis voor ravottend journaille.

De roddelpers mag dan massaal in het gat zijn gesprongen dat de serieuze media open laten liggen, het opvullen doen ze niet. Hoofdredacteuren van zulke bladen zitten tegenwoordig in praatshows en actualiteitenrubrieken mee te kwekken over de ethiek van hun vak alsof ze echte journalisten zijn, maar onder hun regie worden nog net zo vrolijk als tien jaar geleden hele en halve verhalen uit de duim gezogen. Laten we niet vergeten dat zij het waren die zo goed wisten dat de verloving van 'Alex' en Emily aanstaande was. En nu de nieuwe hoofdredacteur van Privé de verknoping van feiten met fictie in haar blad zelfs maar een klein stukje probeert te ontwarren, dalen de verkoopcijfers, zo is inmiddels wel duidelijk.

Een verrassing is dat op zichzelf niet: het grootste deel van het publiek is nu eenmaal, zeker waar het Oranje betreft, niet geïnteresseerd in feiten, maar in sprookjes. Maar dit gegeven heeft wel elke poging tot serieuze verslaggeving van het doen en laten van de monarchie bij voorbaat in diskrediet gebracht. En het heeft in belangrijke mate bijgedragen tot de achterstand die de serieuze media bij het volgen van het Nederlandse vorstenhuis hebben opgelopen.

Met de vraag waarom de echte journalisten inzake Oranje in gebreke blijven, had ik vroeger geen enkele moeite. Lakeien waren het, hielenlikkers met blocnootjes. Tegenwoordig zie ik het wezenlijke probleem niet zozeer schuilen in een overmaat aan respect voor het Koninklijk Huis als wel in een gebrek daaraan, althans als onderwerp.

Onder veel journalisten leeft diep van binnen de hardnekkige overtuiging dat royalty-nieuws, hoe zeer het door het publiek ook wordt gevreten, eigenlijk triviaal is, voer voor snel ontroerde oudere dames. Nieuws dat er niet toe doet voor mensen die er niet meer toe doen.

Dat stigma van flauwekul-nieuws is in de hand gewerkt door de roddelpers, maar het bestond al langer. Al eind jaren veertig golden 'gezellige' verhalen over ons vorstenhuis als het domein van periodieken die op verstrooiing waren gericht, zoals damesbladen en de populaire ochtendbladen Algemeen Dagblad en De Telegraaf.

De Volkskrant-hoofdredacteur Joop Lücker liet de pas ingehuldigde koningin Juliana achtervolgen door een in triviale royalty ('wat voor zoutjes heeft de koningin zojuist bij u gekocht?') gespecialiseerde verslaggeefster, Marijke Vetter, omdat hij meende in de ochtendbladmarkt te moeten opboksen tegen de twee net genoemde concurrenten. Maar het bleef een 'zich verlagen tot', en Marijke Vetter kreeg geen opvolger.

Om dezelfde reden lieten kranten zich altijd gemakkelijk afpoeieren als zich ten paleize iets crisis-achtigs voordeed. De enige uitzondering is de Lockheed-affaire geweest, maar dat was dan ook niets voor oudere dames.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden