Review

Zo echt als de klappen aanvoelen, zo authentiek is het grauwe decor

Zoveel troosteloosheid had een zwartmoedige film kunnen opleveren, maar Koza bevat genoeg zwartgallige humor om het geheel draaglijk te maken. Het tragische docudrama over de Slovaakse bokser kent zelfs momenten van wrange schoonheid.

Zijn hersens hebben flinke dreunen gekregen, zijn neus is zo vaak gebroken dat hij amper normaal kan ademhalen. Eigenlijk zou hij nooit meer mogen boksen. En toch ziet Peter Baláž, een Slovaakse Roma die in 1996 als lichtgewicht deelnam aan de Olympische Spelen maar sindsdien in de vergetelheid is weggezakt, geen andere uitweg. Vanwege het prijzengeld, dat hij nodig heeft om de abortus van zijn vriendin Miša te kunnen betalen, zal hij opnieuw in de ring stappen. En dat terwijl hij zelf het kind graag zou willen houden.

Alsof de premisse zo nog niet triest genoeg is, blijkt de held van het docudrama Koza al zijn bokstalent te hebben verloren. Terwijl hij met zijn morsige manager Zvonko (Zvonko Lakcevic) een druilerig parcours door de bokshallen van Oost-Europa en Duitsland aflegt, komt hij zelden voorbij de eerste minuten van de eerste ronde. Miserabele slachtpartijen zijn het, en zo filmt regisseur Ivan Ostrochovský ze ook: in statische, afstandelijke shots, even verveeld als de nouveaux riches die rondom de ring zitten te schransen van chic gedekte borden.

Koza

Drama
Regie: Ivan Ostrochovský
Met: Peter Baláž, Zvonko Lakcevic, Stanislava Bongilajová, Ján Franek
75 min., in 5 zalen

Een tragedie op twee wankele benen, dat is Baláž, die Koza ('geit') als bijnaam heeft en hier, met passende ernst en terughoudendheid, min of meer zichzelf speelt. Koza was oorspronkelijk opgezet als documentaire rond de voormalige Olympiade-ganger; verschillende scènes, zoals die waar je hem met Miša en haar dochtertje in hun bouwvallige woning ziet, voelen als onversneden kiekjes van zijn uitzichtloze bestaan, en leveren onnadrukkelijk kritiek op de misstanden in de Slovaakse maatschappij.

In de loop van het productieproces besloot Ostrochovský, die tot dan toe enkel documentaires had gemaakt, evenwel een fictionele draai aan zijn film te geven. Waar de feiten ophouden en de fictie begint, is in Koza vaak onduidelijk, maar de opzet geeft hoe dan ook iets waarachtigs en tastbaar guurs aan het relaas. Zo echt als de klappen aanvoelen die Baláž in de boksring te verduren krijgt, zo authentiek is ook het grauwe decor van wegrestaurants, hotels, tankstations en parkeerplaatsen dat Baláž en Zvonko met hun gammele auto doorkruisen.

In combinatie met de kale, opzettelijk onverschillige stijl had zoveel troosteloosheid een onverteerbaar zwaarmoedige film kunnen opleveren. Maar Koza, door filmmuseum Eye uitgebracht in de zomerreeks Previously Unreleased, bevat in zijn compacte 75 minuten speeltijd genoeg zwartgallige humor om het geheel (net) draaglijk te maken. Zoals de scènes met de aftandse coach die Zvonko inschakelt om Baláž erbovenop te krijgen, of het absurdistische beeld na de begintitels, waarin Baláž een autoband achter zich aantrekt: eerder een strafexercitie dan een training.

Wanneer Koza door de nacht jogt, het licht van de koplampen weerkaatsend op zijn cape van zilverfolie, breekt zelfs een onvergetelijk moment van wrange schoonheid door de ellende. Dan is de missie van deze almaar falende, maar koppig verder vechtende boksheld tenminste ergens goed voor geweest.

Het absurdistische beeld waarin Baláž een autoband achter zich aantrekt toont eerder een strafexercitie dan een training.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.