nieuws boeken

Zilveren griffels uitgereikt: Vosje en Zeb. grootste kanshebbers op Gouden Griffel

Deze twee boeken laten echt iets nieuws zien, dagen de lezers uit, maar zijn ook gewoon kinderboeken. 

Twaalf jeugdboekenschrijvers zijn vandaag tijdens voorleesbezoeken op scholen verrast met een Zilveren Griffel. Daarmee begint voor een aantal van hen een spannende tijd: één van die Zilveren Griffels zal op 1 oktober, als de Kinderboekenweek begint, worden omgezet in een Gouden Griffel, de belangrijkste prijs van de Nederlandse jeugdliteratuur.

Twaalf is een uitzonderlijk hoog aantal. Dat heeft deels te maken met de verhoging van de leeftijdsgrens van de lezers tot 15 jaar. In die nieuwe categorie, voor middelbare scholieren, is meteen een kanshebber te vinden: Tegenwoordig heet iedereen Sorry, van de Vlaamse auteur Bart Moeyaert. Die vertelt het indringende verhaal van de bijna altijd boze tiener Bianca, die onverwacht bezoek krijgt van haar favoriete soap-acteur.

Of worden het toch de geestige en gevatte dierengedichten van Bibi Dumon Tak, uit haar poëziedebuut Laat een bericht achter in het zand? Of het ontroerende Droomopa van de 90-jarige auteur Dolf Verroen, misschien wel het hoogtepunt van zijn oeuvre? Of het briljante afsluitende deel van de natuurwetenschappelijke trilogie van Jan Paul Schutten Het mysterie van niks en oneindig veel snot?

De omvang van de prijzenregen roept elk jaar weer discussie op. Zo veel kanshebbers, dat knaagt aan de geloofwaardigheid van de prijs. Bovendien is het vergelijken van prentenboeken en non-fictie met poëzie en literaire novellen eigenlijk onmogelijk. 

Duidelijk niet meer dan zilver zijn De reis van Syntax Bosselman van Arend van Dam, een inhoudelijk zeer interessante geschiedenis over het Nederlandse slavernijverleden, maar stilistisch geen hoogvlieger; Jef Aerts maakte met De blauwe vleugels een dromerig en wat ontoegankelijk boek; Maria van Donkelaar leverde degelijk maar weinig verrassend werk af met Zo kreeg Midas ezelsoren. De met Zilver bekroonde buitenlandse auteurs Mac Barnett (De wolf, de eend en de muis), Oliver Jeffers (Die eland is van mij) en Susin Nielsen (Het ongemakkelijke dagboek van Henry K. Larsen) maken sowieso geen kans op goud.

Het opvallendste kenmerk van de boeken die wel kans maken is de overtreffende trap die schrijvers en illustratoren meer dan ooit sámen bereiken. Maar liefst twee boeken maken dit jaar kans op een Gouden Griffel én een Gouden Penseel.

Dat zijn Vosje van schrijver en dichter Edward van de Vendel en illustrator Marije Tolman, die geslaagde collages maakte van een getekende vos in bewerkte foto’s van Nederlandse duinlandschappen; en het uitdagende Zeb. van Gideon Samson, die spannende en grappige verhalen vertelt door de ogen van verschillende kinderen in één klas, waar wel heel rare dingen gebeuren; geïllustreerd door nieuwkomer Joren Joshua.

Laat dat nu ook net de twee boeken zijn die echt wat nieuws laten zien en erin slagen hun lezers uit te dagen en toch ook ‘gewoon’ kinderboeken zijn gebleven. Deze boeken zijn de grootste kanshebbers op dik verdiend en mogelijk ook nog eens dubbel Goud dit jaar.

De Gouden Griffel wordt dit jaar voor de 48ste keer uitgereikt. De jury deelde naast de twaalf Zilveren Griffels acht Zilveren Penselen en 29 eervolle vermeldingen uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden