'Zelfregulering gebruikers moet Internet schoonhouden'

Dit is een herpublicatie van een opiniestuk uit 1995 dat de deze week overleden Xs4all-oprichter Felipe Rodriguez schreef. Internet (destijds nog met hoofdletter) moest toen nog bij de lezer worden geïntroduceerd.

Beeld Thinkstock

De laatste jaren is er een grenzeloze elektronische informatiemaatschappij geboren. De naam is Internet. Internet bestaat nu al uit tientallen miljoenen mensen die met elkaar communiceren en informatie uitwisselen. Er is echter ook een kleine minderheid die schokkende en soms illegale boodschappen op Internet zet.

De vrijheid van meningsuiting staat bijzonder hoog in het vaandel van de gemiddele Net-gebruiker. Dat neemt niet weg dat er gevallen zijn waarin sprake is van oproepen tot geweld, intimidatie en discriminatie. Een voorbeeld vormen ook de recente berichten over kinderporno op Internet. De Net-gemeenschap dient haar leden daartegen te beschermen. Dit dient in de eerste plaats te gebeuren door zelfregulering, vooral omdat de bestaande regelgeving hier tekort schiet.

Het Net heeft zijn eigen sociale conventies en dynamiek. Er is al een vrijwillige fatsoenscode - de netiquette - maar daarmee zijn nog niet alle problemen opgelost. De bescherming van net-gebruikers tegen bepaalde uitlatingen mag er niet toe leiden dat censuur wordt ingesteld of bepaalde gebruikers worden geweerd. Als er maatregelen moeten worden genomen, dan altijd achteraf, op basis van concrete gevallen en binnen een door de netgemeenschap te bepalen kader.

Regulering

De lezer denkt nu misschien: wat doen ze moeilijk. Dit is toch allemaal al geregeld in de Nederlandse wet? Het Internet is toch een gewoon communicatiemedium als bijvoorbeeld radio, TV, telefoon en krant?

Dat is nu juist niet het geval. Het Internet is een geheel ander medium en veel meer dan een technische infrastructuur van aan elkaar gekoppelde computers. Het is een nieuwe sociale en internationale samenlevingsvorm. Daarvoor moeten nieuwe definities en structuren worden ontwikkeld.

Netgebruikers staan zeer terughoudend tegenover regulering. Vandaag gaat het nog over kinderporno en racisme, maar morgen? Porno is in islamitische landen verboden. Alcoholgebruik? Verboden te vermelden in Zweden. De Koerden? In Turkije verboden voor op te komen. Homo's? In Engeland mag je er wettelijk niets positiefs over zeggen. Het Dagboek van Anne Frank? Op sommige scholen in de Verenigde Staten verboden.

Grote schoonmaak

Iedereen kan nog wel meer zaken bedenken die hem of haar tegen de borst stuiten en die in aanmerking komen voor een Grote Schoonmaak. Er is een grijs gebied van organisaties die geheel binnen de (Nederlandse) wet opereren en er toch een duidelijk discriminerend gedachtengoed op nahouden. De CD heeft iets tegen minderheden, de SGP kan niet overweg met vrouwen en de Islamitische Omroep heeft het niet begrepen op homo's.

Dat soort discriminatie moet worden bestreden door de opvattingen van deze organisaties en partijen te weerspreken en erover met ze in discussie te gaan, in plaats van hen van het Internet te weren.

Bovendien wordt er verschillend gedacht over wat discriminerend is en wat niet. In de VS zijn sommige ideeënstromingen uit den boze omdat ze niet 'politiek correct' zijn. Voorkomen moet worden dat dat op het Net ook gaat gebeuren.

Het Net biedt mensen de gelegenheid kennis te nemen van andere leefstijlen en andere zienswijzen, deel te nemen aan virtuele gemeenschappen met totaal andere normen en waarden dan waarin men in de fysieke wereld woont of is opgegroeid. Dat is een ontzettend waardevolle eigenschap van het Net, en die moet worden behouden.

Het Kwaad

Anderzijds maakt het Net het door haar digitale aard mogelijk de plekken van het Kwaad (zoals door verschillende mensen verschillend gedefinieerd) zelf te vermijden. Er is software ontwikkeld die het ouders mogelijk maakt bepaalde World-Wide-Web pagina's af te schermen voor de nieuwsgierige blikken van hun kinderen. Ook maakt men al jarenlang veelvuldig gebruik van 'kill-files' waarmee men naar keuze selectief auteurs of onderwerpen kan weren van het eigen computerscherm.

Tot nu toe hebben we vooral een pleidooi gehouden voor de vrijheid van meningsuiting. Hoe stellen we ons de zelfbescherming concreet voor? Wanneer moet er worden ingegrepen tegen berichten van intimidatie en geweld, en door wie?

Internet-bedrijven hebben geen enkele verantwoordelijkheid voor de berichten van de gebruikers, net zoals de PTT dat niet heeft voor de telefoongesprekken die worden gevoerd. Internet-aanbieders beheren gezamenlijk de toegang tot het netwerk. Ze zijn de deur naar de informatiemaatschappij. Censuur door (Internet)bedrijven is om principiële redenen ongewenst. Ze zijn geen uitgevers, plegen geen redactie, filteren de informatie-stroom op geen enkele manier.

Praktisch is dat ook welhaast onmogelijk. Dagelijks verschijnen honderdduizenden berichten en vele honderden nieuwe diensten op Internet. Dat neemt niet weg dat er bepaalde plekken op Internet zijn die wel degelijk een redactionele omgeving vormen en waaraan wel inhoudelijke eisen mogen worden gesteld. Over die plekken moet snel duidelijkheid komen.

Porno

Er zijn vele tientallen landen aangesloten op Internet, elk met een eigen wetgeving en een eigen cultuur. Wat in Nederland is verboden, is dat in andere landen niet, en omgekeerd. Die landen zijn niet duizenden kilometers, maar slechts een toetsaanslag hiervandaan. Het Internet gaat over landsgrenzen heen en is daarom niet of nauwelijks via nationale wetgeving te reguleren.

Nationale wetgeving biedt de Internetgebruiker enerzijds twijfelachtige bescherming - sommige landen hebben een wetgeving die ronduit discriminerend is - anderzijds biedt het te weinig bescherming. Een Internetter kan gemakkelijk en anoniem uitwijken naar een ander land en op die manier de gevolgen van zijn daden ontlopen.

Zo heeft de Nederlandse CP'86 zijn Web-pagina op de computer staan van een Amerikaanse Internet-aanbieder, omdat de vrijheid van meningsuiting daar veel ruimer wordt geïnterpreteerd dan in Nederland (met uitzondering van pornografische uitingen).

Minimale regels

Het is dus te makkelijk en niet voldoende om het probleem van geweld en discriminatie af te schuiven op de Nederlandse rechter. En waarom de Nederlandse, aangezien iedereen op het Net in de positie is om zijn eigen rechtsstelsel uit te kiezen? Geen enkele 'lokale' oplossing doet recht aan het grensoverschrijdende karakter van het Net; het betekent bovendien aanpassing aan soms zeer strikte normen en waarden.

Om die reden is het nodig om tot een aantal minimale regels te komen die door de Net-gebruikers zelf breed worden gesteund en op overtreding waarvan concrete sancties staan. Die sancties moeten worden uitgevoerd door nog aan te wijzen organisaties en personen uit de Internet-gemeenschap zelf.

Om hiermee meteen een begin te maken wordt alvast een meldpunt geweld en discriminatie in het leven geroepen. Verder zal de 'gehele' Nederlandse Net-gemeenschap om advies worden gevraagd over een vorm van minimale interne regelgeving.

Bullinga is woordvoerder van de Digitale Burgerbeweging Nederland DB.NL en auteur van Spinnen in het digitale Web.

Rodriquez is voorzitter van de branchevereniging van Internet providers NLIP en directeur van de stichting xs4all Internet

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.