Zeg het met bloemen

Alleen voor toeristen gooien Grieken borden in gruzelementen. Prijzige anjers werpen is des te populairder in de restaurants en nachtclubs van Athene, de stad van het Eurovisie Songfestival 2006....

Eén keer met de vinger knippen volstaat voor de jonge Griek - hij zal niet ouder zijn dan zestien - om in de afgeladen nachtclub Diogenis Palace in Athene een serveerster te wenken. Behendig laveert ze tussen de krap op elkaar geplaatste tafels en stoelen. Ze heeft geen drank bij zich, maar vijf platte mandjes met anjers zonder steel.

Stuk voor stuk pakt de jongen de rieten korfjes aan; hij kiept ze in een vloeiende beweging leeg over het hoofd van zijn vriendin. Zij giebelt en lacht, maar keurt hem geen blik waardig.

Toch heeft de tiener zojuist honderd euro uitgegeven aan zijn bloemenhulde.

'Zo tonen wij Grieken onze liefde en genegenheid voor elkaar', legt Loukas Vergopulos aan een belendend tafeltje uit. Om zijn woorden steun bij te zetten, wenkt ook hij een serveerster. Ze krijgt het verzoek om enkele tafeltjes verderop vijf mandjes te deponeren, dwars over de schaaltjes met pistachenoten, stukjes kiwi en banaan. Er wordt uitbundig gezwaaid en geroepen: 'Dankjewel, Loukas!'

Een oogwenk later worden ook op onze tafel bloemen gedeponeerd. Weer vijf mandjes. Vriendschap mag wat kosten. 'Ja, het is een dure grap, maar als je plezier hebt en wat drinkt, doe je wel meer gekke dingen.'

Vergopulos heeft reden tevreden te zijn. De vertegenwoordiger van de Britse drankengigant Diageo (Guinness, Johnny Walker, Baileys, Smirnoff) mag deze nachtclub tot zijn betere klanten rekenen. 'Laten we het zo zeggen: de meeste gasten gaan morgenochtend bepaald niet nuchter naar huis.'

Het is zaterdagavond tegen elven, het populaire Diogenis Palace zit mudvol. Ruim vijftienhonderd mensen hebben een plaats gevonden aan een van de tafeltjes in de zaal of op het balkon. Een eindeloze stoet zangers en zangeressen treedt op, begeleid door een in het wit gestoken band met een drummer, basgitarist, violist, klarinettist en twee bouzouki-spelers, het traditionele Griekse tokkelinstrument. Alle liedjes zijn in het Grieks. De hoofdact laat nog tot rond middernacht op zich wachten. Dan pas zal ook op de tafels en stoelen worden gedanst, beloven de tafelgenoten.

Dit is het ware nachtleven van Athene, het soort vertier dat toeristen in een bescheiden variant in de restaurants vinden. In de nachtclubs zelf zie je alleen Grieken - en iedereen zingt hit na hit mee.

Deze optredens zijn de eigentijdse variant van de rebetika-golf uit de jaren veertig van de vorige eeuw. 'Rebetika komt van het woord rebel. De zangers waren meestal zeelieden. Ze zongen over hun pijn en verdriet om ver en lang van huis te zijn en over hun gebruik van drugs om hun verdriet te vergeten', zegt Leda Galanou, een Atheense die haar geld verdient met de promotie van arthouse-films. 'De optredens waren clandestien en de onderwerpen taboe. Alleen vrienden en familie kwamen luisteren op de geheime locaties.'

In de jaren vijftig brak de rebetika door bij het grote publiek. De begeleidingsbands werden groter, maar de bouzouki ontbrak nooit. Veel zangers groeiden uit tot absolute sterren en doken ook op als acteurs in films en later soapseries. Sinds de jaren tachtig is het de hoofdstroming in de Griekse muziek.

Hippe disco's en nachtclubs draaien na één uur 's nachts alleen nog Griekse nummers. Madonna of Coldplay kunnen het dan vergeten, weet Galanou. 'De laiko, de Griekse folkmuziek, is hier ook onder jongeren geliefder dan de Engelstalige popmuziek.' Elk weekeinde, van september tot en met mei, stromen de nachtclubs vol; daarna gaan de meeste artiesten op tournee naar de Griekse eilanden.

En dat bloemen gooien - Grieken gooien toch met borden? 'Dat is ordinair en vooral voor de toeristen', zegt Galanou beslist.

Peggy Zina, Despina Vandi, Andonis Remos, Anna Vissi: hun gezichten zie je in Athene op de billboards, hun albums staan prominent in de cd-winkels. Tolis Voskopoulos is de absolute held voor veel generaties. Hij treedt al sinds eind jaren vijftig op en staat nog steeds op het podium. Hij kijkt nogal graag in het glaasje en dat is geregeld duidelijk te merken. Maar het wordt hem vergeven.

Anna Vissi, de zangeres die Griekenland volgende maand vertegenwoordigt op het Eurovisie Songfestival in Athene, treedt deze avond niet op in Diogenes Palace, maar met Peggy Zena doet de nachtclub amper voor haar onder. Het is tien minuten na middernacht als een doorschijnend wit gordijn voor het podium schuift. Vanuit het plafond komt een podium omlaag. Een showtrap klapt open; onder wild gejoel daalt Peggy Zena in een lange zwarte jurk de treden af. Haar garderobe zal deze nacht een paar keer veranderen.

Zes serveersters komen met elk tien mandjes het podium op en gooien ze in hoog tempo over Peggy Zena leeg. Ze krijgt aangewezen waar de gulle gevers in het publiek zitten en gooit, dankbaar knikkend, enkele anjers terug. In het voorprogramma hadden sommige artiesten er al blijk van gegeven dat ze beter zijn in het opvangen en terugwerpen van anjers dan in zingen, maar Peggy heeft beide kwaliteiten aardig onder de knie.

'Dit liedje gaat over moeilijke liefdes!', schreeuwt Loukas Vergopulos. 'Ze zingt: ik heb ware gevoelens voor je, maar jij doet alles voor geld.' En bij nummer twee roept hij: 'Nu zingt ze: ik hou van hem, ik hou van hem, maar ik kan hem niet krijgen.' Nummer drie: 'Ik hou van je, mijn hart is bij jou en ik zie je morgen.'

Al na het vierde lied ('Je hebt mijn leven vernietigd, je bent hier niet, ik ben helemaal alleen, hoe durf jij nog te klagen') komen er twee mannen op het podium die met brede bezems de bergen anjers wegvegen.

'Die bloemen worden hergebruikt', verklapt Harry Savides, verslaggever van de Griekse financiële krant Imerisia. 'Achter de schermen zitten vier dames die de bloemen uitsorteren en de goede anjers weer terug op de dienblaadjes leggen.'

Deze vorm van vermaak was een jaar of vijf geleden op zijn hoogtepunt, zegt Savides. 'Toen waren deze clubs vijf avonden per weer uitverkocht, nu zijn het doorgaans alleen vrijdag, zaterdag en zondag.' Het succes van de nachtclubs is een van de graadmeters voor de Griekse economie. Als Diogenes Palace nieuwe mensen inhuurt, dan duidt dat op economische voorspoed.

De omzet van drank en bloemen bedraagt per tafel vele honderden euro's, schat Savides in. 'En dan moet je weten dat het gemiddelde salaris in Griekenland zevenhonderd tot achthonderd euro is. Hier komen de kinderen van rijkelui om op te scheppen, en zakenlieden om hun relaties te fêteren.

Het fenomeen beperkt zich niet tot pakweg vijftig nachtclubs in Athene, maar strekt zich uit over de eilanden en het arme binnenland. 'Er wordt wel gezegd dat de honderden miljoenen van de Europese Unie voor achtergestelde regio's grotendeels is opgegaan aan dit soort nachten', zegt Savides. 'We hadden natuurlijk moeten investeren in onze economie, maar maakten het geld op aan bloemen en feestvieren. Daarom is dit land nu failliet.'

Om kwart voor vier is Peggy Zena weer terug, na haar zoveelste verkleedpartij; het publiek mag nu niet alleen op de tafels en stoelen dansen, maar ook op het podium. Zelf maakt Zena intussen een rondje door de zaal; omringd door veiligheidspersoneel en serveersters met bloemenmandjes werpt ze, al zingend, handenvol anjers over het publiek. Een tafelgenoot schuift haar het schrijfblok van de Nederlandse verslaggever onder de neus. 'Met liefde, Peggy', krabbelt ze in Griekse karakters.

De avond is nog jong, het geld nog lang niet op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden