InterviewZaïre Krieger

Zaïre Krieger over The Hill We Climb: ‘Als je geen ervaring hebt met spoken word, kun je deze zinnen niet vertalen’

Na een literaire rel vertaalde Zaïre Krieger het meest besproken gedicht van het jaar, The Hill We Climb van Amanda Gorman. Dat betekent erkenning voor het genre in Nederland, zegt Krieger. ‘Het gaat niet per se om een zwarte vrouw, het gaat er vooral om dat de vertaler een spokenwordartiest is.’

Zaïre Krieger Beeld Valentina Vos
Zaïre KriegerBeeld Valentina Vos

Afgelopen Koningsdag zat spokenworddichter Zaïre Krieger (25) voor een vertaalklus in het enorme pand van de chique literaire uitgever Meulenhoff in Amsterdam. Ze was de enige aanwezige in het gebouw. Daar zat Krieger dan: een jonge, zwarte vrouw, opgegroeid in de achterstandsbuurt Molenwijk in Amsterdam–Noord. Met niet per se heel veel ‘hoge literatuur’ in haar jeugd. Om dan in het pand van zo’n uitgeverij te mogen zitten, om er het werk van een andere jonge, zwarte spokenworddichter te mogen vertalen, terwijl ze omringd werd door boektitels die ze op de middelbare school voor haar leeslijst moest lezen en een schilderij van Jan Wolkers – dat besef was voor Krieger ‘overdonderend’.

‘Het is een prachtig kantoor’, zegt Krieger, nog altijd vol van de ervaring, op een donderdagmiddag in juli in het Rotterdamse café Heilige Boontjes. ‘Het heeft heel grote ramen, je kijkt zo uit over de Amstel. Toen ik daar in het kantoortje zat om te vertalen, met Jan Wolkers en al die boeken om mij heen, heb ik echt wel even gehuild. Want ik had nooit gedacht dat ik hier ooit terecht zou komen.’

Maar na de emoties: tranen wegvegen en aan het werk. In alle rust. Ver weg van alle rumoer waarmee deze vertaalklus was omgeven.

In februari brak er in literair Nederland een kleine rel uit over een Amerikaans gedicht en wie het wel of niet mocht vertalen. Het gedicht in kwestie was The Hill We Climb van de Afro-Amerikaanse spokenworddichter Amanda Gorman (23). Afgelopen februari maakte Gorman indruk toen ze het gedicht voordroeg tijdens de inauguratie van de nieuwe Amerikaanse president Joe Biden. Locatie was het Capitool in Washington, dat een paar weken daarvoor nog bestormd was door horden boze Trump-supporters die de winst van Joe Biden bij de presidentsverkiezingen niet konden verkroppen. Nu stond op de trappen van datzelfde Capitool ‘een dun Zwart meisje, afstammend van tot slaaf gemaakten’, zoals Gorman met een bezwerende dictie over zichzelf vertelde.

Meulenhoff sleepte snel de vertaalrechten voor The Hill We Climb binnen en kondigde aan dat Gormans gedicht vertaald zou worden door niemand minder dan Marieke Lucas Rijneveld, dichter en schrijver van prijswinnende boeken als De avond is ongemak.

Maar dat nieuwtje viel niet overal in goede aarde. Rijneveld is wit. Geen spokenworddichter. En ze had zelf in een interview gezegd dat haar Engels ‘heel slecht’ is. Was zij wel de aangewezen persoon om Gormans gedicht te vertalen?, klonk het op sociale media.

Ook Zaïre Krieger voegde zich in dat kritische koor en somde op Twitter een rijtje vrouwelijke spokenworddichters van kleur op – onder wie zijzelf – die beter geschikt zouden zijn voor deze vertaalklus. Niet alleen zijn deze vrouwen het spokenwordambacht beter machtig, aldus Krieger, ze staan als zwarte vrouwen ook dichter bij de geleefde ervaringen van Gorman. In de Volkskrant werd dat sentiment verwoord door modejournalist Janice Deul, die sprak over een ‘gemiste kans’ omdat er niet was gekozen voor ‘een literator die – net als Gorman – spokenwordartiest is, jong, vrouw, en: unapologetically Black.’

De kritiek had effect. Rijneveld trok zich terug als vertaler en liet op Twitter weten dat ze begrip heeft ‘voor de mensen die zich gekwetst voelen door de keuze van Meulenhoff om mij te vragen’. Een nieuw verhit debat volgde, nu over de vraag of literatuur, met zijn universalistische aspiraties, het nieuwste slachtoffer dreigt te worden van ‘identiteitspolitiek’: volgens critici een praktijk waarbij mensen niet op hun kwaliteiten maar op hun persoonskenmerken worden afgerekend.

Meulenhoff beloofde in ieder geval te zullen ‘luisteren, leren en in dialoog te treden’ met haar critici en maakte kort daarna bekend een nieuwe vertaler te hebben gevonden voor Gormans gedicht: Zaïre Krieger, sinds 2018 spokenworddichter en student Internationaal Recht aan de Tilburg University. In 2019 won ze een Rotterdamse spokenwordprijs. De afgelopen maanden heeft Krieger zich volop gestort op het vertalen van Gormans gedicht, dat begin september uitkomt met een voorwoord van Oprah Winfrey.

‘Het getuigde van moed om voor Gorman te kiezen tijdens de inauguratie van Joe Biden’, zegt Krieger. ‘Ze was geen grote naam. Ze is zwart, jong, vrouw. Het is een soort erkenning van de rol die zwarte vrouwen hebben gespeeld in de Afro-Amerikaanse burgerrechtenbeweging en bij de verkiezing van Joe Biden tot president. In veel staten speelden zij een doorslaggevende rol. En daarnaast, spoken word is niet zo’n bekende kunstvorm. Dus dat zij daar mocht staan, betekende erkenning van het genre.’

Wat betekent The Hill We Climb inhoudelijk voor jou?

‘Het gedicht heet niet voor niets The Hill We Climb en niet Het feestje dat we vieren. Dat is ook de betekenis die het gedicht voor mij heeft. We hebben nog altijd een berg te beklimmen, want we zijn er nog lang niet wat betreft het erkennen van diversiteit, het erkennen van de kunst van gemarginaliseerde groepen en het erkennen van hun ongelofelijke kracht in het bij elkaar houden van onze samenleving.’

Heb je weleens eerder vertaald?

‘Ik heb mijn eigen werk een keer vertaald. Ik heb live weleens van het Engels naar het Nederlands vertaald tijdens conferenties. Ik weet wel dat een normale vertaler niet zomaar spoken word kan vertalen. Het is echt heel moeilijk.’

Waarom?

‘Nou, spoken word heeft zo ongelofelijk veel lagen. Naast kennis van cadans, stijlfiguren en rijmschema’s, moet je ook nog eens voeling hebben met de uitvoerbaarheid ervan. Dat was ook mijn taak bij The Hill We Climb, ervoor zorgen dat het ook uitvoerbaar is. Ik heb vaak over zinnen van Gorman gedacht: als je geen ervaring hebt met spoken word, dan kun je dit niet vertalen.’

Maar zeg je hiermee dat ook een witte spokenwordartiest dit had kunnen vertalen?

‘De keuze voor Amanda Gorman was heel erg bewust. Zij hebben een jonge, zwarte spokenwordartiest gekozen om te erkennen dat de zwarte gemeenschap zo belangrijk is geweest voor het verkiezen van Biden. Het jammere is dan dat Meulenhoff in eerste instantie een kans miste om diezelfde pioniersrol op zich te nemen. Want je hebt hier zo’n ongelofelijk reservoir aan zwarte, vrouwelijke spokenworddichters. Je hebt Babs Gons, de godmother van de Nederlandse spoken word, maar ook bijvoorbeeld Lisette Ma Neza.’

Uiteindelijk gaat het toch gewoon om de vertaling?

‘Kunst staat niet op zichzelf. De performance van Amanda Gorman had niet gedaan kunnen worden door een witte vrouw. Ze heeft het over het feit dat ze afstamt van zwarte slaven en kind is van een alleenstaande moeder. Dus stel dat je een witte spokenworddichter en een zwarte hebt – wie van de twee zou dat verhaal beter kunnen vertalen, denk je? De zwarte spokenworddichter, lijkt mij, want zij heeft een betere link naar Gormans leefwereld.’

Krieger is de dochter van gescheiden, Surinaamse ouders. Vader, een documentairemaker, heeft zich permanent in Suriname gevestigd, waar hij natuurfilms maakt. Moeder is lerares Nederlands en woont tegenwoordig in Krommenie.

Het klinkt als een gezin met vast een rijkgevulde boekenkast vol literaire klassiekers, maar volgens Krieger was dat niet het geval. Het was vooral een christelijk gezin, met veel aandacht voor het geloof, waar ze het niet breed hadden. Haar thuissituatie gaf haar wel de basis om uit te blinken op school en goed genoeg bevonden te worden voor het gymnasium.

Als je kijkt naar je achtergrond – gymnasium, vader documentairemaker, moeder lerares Nederlands – dan verwacht je wel dat je een talige en creatieve jeugd hebt gehad.

‘Als kind schreef ik wel gedichtjes, maar die gingen vooral over het geloof en waren voor de kerk bedoeld. De dichtkunst die mij echt inspireerde, en die mij naar spoken word leidde, vond ik in de hiphop. Hoe daarin wordt gerijmd en gepuzzeld met teksten, daar hield ik erg van. Via hiphop leerde ik ook spoken word kennen. Ik ontdekte Amerikaanse spokenworddichters maar ook mensen als Gershwin Bonevacia uit Amsterdam. Dat heeft mij drie jaar geleden geïnspireerd om zelf ook spokenwordgedichten te maken. Eerst was ik vooral technisch bezig, maar nu probeer ik er ook veel maatschappelijke punten in te verwerken.’

Welke punten zijn dat?

‘Ik schrijf veel over discriminatie. Over feminisme. Over geestelijke gezondheid. Ik schrijf daarover aan de hand van eigen ervaringen. Mijn eerste spokenwordgedicht ging over code switching – het schakelen tussen verschillende leefwerelden. Dat ging over mijn middelbareschooltijd en hoe ik als zwart meisje uit Molenwijk elke dag mentaal moest overschakelen naar een wit gymnasium met kinderen uit Amsterdam-Zuid. Ik probeerde te beschrijven hoe je jezelf daarin kunt kwijtraken. Als we over racisme spreken, hebben we het vaak over uitsluiting van banen, Zwarte Piet, maar er zitten ook meer persoonlijke verhalen in die alleen mensen van kleur kunnen vertellen.’

Spoken word zit in de lift, ziet ook Krieger, en dat is voor een groot deel te danken aan Amanda Gorman. Vrouwelijke spokenwordartiesten van kleur zoals Babs Gons en Lisette Ma Neza – grondleggers van de spokenwordscene in Nederland – krijgen volgens Krieger eindelijk de erkenning die ze verdienen. Ze verschijnen vaker in de media om te spreken over hun ambacht en over maatschappelijke thema’s als racisme en feminisme. En tijdens de afgelopen dodenherdenking op 4 mei op de Dam was er veel lof voor de jonge spokenworddichter Amara van der Elst die een gedicht voordroeg over haar Indische achtergrond.

Ook het verzoek om The Hill We Climb te vertalen ziet Krieger als een blijk van waardering voor vrouwen van kleur in de spokenwordkunst. Om zich goed van de vertaalklus te kwijten heeft Krieger andere zwarte vrouwen – en een enkele man – om zich heen verzameld. Onder hen Loulou Drinkwaard en D’avellonne van Dijk van de jonge uitgeverij Wilde Haren, die kinderboeken uitgeeft met hoofdpersonen van kleur. Zij dienden als kritisch klankbord waarmee Krieger lastige vertaalkwesties kon bespreken en die haar over het juiste ‘dekoloniale taalgebruik’ konden adviseren. Zo wordt ‘Zwart’ in de vertaling consequent met een hoofdletter geschreven en wordt niet over slaven maar over ‘tot slaaf gemaakten’ gesproken.

Ben je tevreden met de vertaling?

‘Ja. Maar het was wel een gevecht. Het Nederlands is best wel een vervelende taal. Alles klinkt raar en veel te pompeus en onnodig emotioneel. Ik heb dus echt gevochten om een paar zinnen in het Nederlands over te zetten.’

Kun je daar een voorbeeld van geven?

‘Een zo’n zin was We wish harm to no one and harmony to all. Dat is een zin met halfrijm. Hoe zet je dat over in het Nederlands? Ik zat te spelen met de woorden ‘gemeen’ als vertaling voor harm en ‘gemeenschap’ voor harmony, want dan kon ik het halfrijm behouden, maar ik kwam er gewoon niet uit. Alles wat ik probeerde klonk niet goed. Er zijn zes vertaalpogingen overheen gegaan en veel heen en weer gemail met anderen, voordat ik uitkwam op deze vertaling: ‘Om met niemand naar handgemeen te streven, maar in gemeenschap samen te leven.’ Daarmee behoud je het halfrijm en klopt de vertaling.’

Hoe denk je dat Marieke Lucas Rijneveld dit gedicht had vertaald?

‘Weet ik niet. (Denkt een tijdje na.) Nee, weet ik niet. Moet je aan haar vragen.’

Toen Rijneveld zich terugtrok, klonk de beschuldiging dat je deze vertaalklus alleen maar kreeg omdat je zwart bent. Bezwaarde dat je toen je met de vertaling bezig was?

‘Aan het begin wel. Maar weet je wat het is, ik hou gewoon van rijmen en puzzelen. Dus ja, wat maakt het dan allemaal uit? Rijneveld is een ontzettend goede schrijver, die blijft nog wel voor van alles gevraagd worden, daar hoeven we ons geen zorgen over te maken. Ik wist dat ik deze klus goed zou aankunnen. Ik heb het ook goed gedaan en ik zal dit werk goed blijven doen.’

Over een paar weken verschijnt het gedicht in de Nederlandse vertaling. Je kunt nu al verwachten dat het met de rode pen in de aanslag gelezen zal worden.

‘Weet je, deze vertaling is ook maar een interpretatie, hè. Er zijn meerdere interpretaties mogelijk. Ik doe gewoon mijn werk en ik ben blij met de huidige vertaling. Iedereen die met mij mee heeft gelezen is erg kundig en zij zijn er ook blij mee. Kan zijn dat sommige mensen er niet blij mee zullen zijn, dat is dan maar zo. Ik hoef de kritiek van andere mensen niet te internaliseren.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden