WIM T. SCHIPPERS

Een overzichtstentoonstelling op je 54-ste? 'Doe maar alsof ik al dood ben', was de reactie van de kunstenaar. In Utrecht is vanaf morgen 'Het beste van Wim T....

KUNSTVERZAMELAAR Harry Ruhé kocht begin jaren zestig z'n eerste werkjes van Schippers en organiseerde later tentoonstellingen rond Fluxus, de kunststroming waartoe hij werd gerekend. 'Je had in die tijd veel jonge kunstenaars die zich afzetten tegen het expressionisme. Maar Schippers sprong er uit. Zo'n glasschervenvloer die hij in 1962 in Fodor maakte, was in de hele wereld nog niet vertoond. Hoogstens Yves Klein dacht in dezelfde richting.'

Twee jaar geleden begon Ruhé aan een boek over Schippers. Voor zichzelf, een publicatie had hij nog niet in gedachten. 'Elke ochtend van negen tot elf uur werkte ik er aan. De rest van de dag had ik dan last van een goed humeur, om het zo maar te zeggen.'

Die zelfwerkzaamheid leidde uiteindelijk tot de overzichtstentoonstelling die nu in Utrecht wordt gehouden. 'Je moet maar net doen alsof ik dood ben', was de eerste reactie van Schippers.

Sjarel Ex, directeur van het Centraal Museum in Utrecht, mag pronken met zoals hij zegt: 'Een van de interessantste kunstenaars van de afgelopen veertig jaar. Een onuitputtelijke ideeënman die - en dat is bijzonder - veel van zijn ideeën realiseerde.'

Zijn cultuurbenadering is heel Nederlands, vindt Ex. 'Ik durf te zeggen dat de cohesie van Nederland, ons gemeenschappelijk bewustzijn, voor een wezenlijk deel door hem wordt bepaald.' Ex ziet geestverwanten in Willem de Ridder en Simon Vinkenoog, maar ook in John Körmeling en Joop van Lieshout.

'Niets is zo verhelderend als chaos', citeert Ex met instemming de grote kunstenaar. 'Altijd doorkruisen, altijd het beeld verstoren,' beaamt dichter/schilder Hans Verhagen. 'Maar nooit zelf iets toevoegen. Heel anders dan wat ik zelf doe. Televisie kan beeldende kunst niet vervangen. Ik heb een bromfiets, nu hak ik m'n been eraf - zo werkt het niet.'

Met het VPRO-programma Hoepla maakten Schippers, Verhagen en Wim van der Linden schokkende televisie. Drie afleveringen kon de natie in 1967 verdragen, de vierde werd wel opgenomen, maar nooit uitgezonden. 'Wim's aandeel was toch vooral het bewaken van de vrede tussen Wim van der Linden en mij', zegt Verhagen. 'Hij vulde wat aan, deed mee aan de kussengevechten. Zoals altijd gaf Wim zijn ogen en oren goed de kost. In die latere shows herkende ik heel wat taaldingen van mezelf, opmerkingen die je gewoon in de omgang maakt.'

Alles relativeren behalve z'n nieuwe auto, zo zit het volgens Verhagen met Schippers. 'Wat hij maakt is altijd om te lachen, er spreekt talent uit. Maar om iets te doorbreken in de beeldende kunst, daar is meer voor nodig dan relativeren. Voor de kwesties van leven en dood is ie bang.'

Verhagen vermoedt dat Schippers nog steeds gedreven wordt door afkeer van zijn vader. 'Die was boekhouder bij Van Houten Chocolade. Eigenlijk deed Wim alles om hem te pesten. Net als vroeger, toen hij z'n tube tandpasta leegkneep en er schoensmeer in stopte. Of toen hij z'n aktentas met damesliteratuur vulde, zodat vader voor gek zou staan bij de meisjes op kantoor.'

Met Verhagen mag de vriendschap bekoeld zijn, Schippers' verwantschappen zijn doorgaans voor het leven. Paul Haenen is Bert, en Schippers is Ernie, zo simpel is het, al 22 jaar lang. Verwisseling is volgens Paul Haenen ondenkbaar. 'Bert is argwanend en zeurderig, net als ik. En Wim is een echte Ernie: actief, wispelturig, enthousiast. Er was in de Verenigde Staten een congres van alle Berten & Ernies. Onze stemmen bleken het best te kloppen.'

Nu de oude opnamen zo vaak herhaald worden, hebben ze er niet meer dan een dag per jaar werk aan om de poppen uit Sesamstraat een stem te geven. Alleen voor een cd moeten ze wat langer de studio in. 'Dan merk je hoe hij altijd dat kinderlijke heeft behouden', zegt Haenen. 'Het is ontroerend zoals hij dan met Clous overlegt. Ik geloof in de wegen die hij inslaat, zo vol overtuiging. Dat de VPRO twee jaar geleden met We zijn weer thuis stopte, is een schande. Een groot kunstenaar moet je de vrijheid geven.'

'Het is begonnen met Waldolala. Dat zal zo 1965-'66 zijn geweest. Of was het later? Ik ben nogal slecht in data.' Clous van Mechelen voorzag Vette Jus, Gehaakte Beddesprei, Waar moet dat heen en honderden andere liedjes, chansons, gedichten, jingles en tussendoortjes van een passende melodie en een stijlvol arrangement. En groeide en passant uit tot het personage Jan Vos, de pianostemmer wiens binnenkomst menig intiem moment verstoorde. 'Een schnabbelaar, en dat ben ik nog steeds. Zo maakt ie van iedereen een karikatuur.'

Schippers schreef de liedteksten overdag, vaak bij bodega Keyser. Op dinsdagavond kwam hij dan naar de studio van Van Mechelen om het radioprogramma Ronflonflon van de volgende dag voor te bereiden. Hij is onbegrijpelijk muzikaal, vindt Van Mechelen. Weet jaren later nog feilloos hele baslijnen na te brommen en is buitendien een handige zanger. 'Le chanson du paysan, dat zong ie fantastisch.'

'Zit je mis, dan vindt ie dat vaak juist mooi. We hebben wel eens tegen bonje aangezeten. Dan zit hij in een stoel te huilen van het lachen, terwijl ik kwaad ben om de fout. Hij is amper te beïnvloeden. Wim, doe het nou zo, zeg ik dan. Een blues heeft nou eenmaal twaalf maten.

'Niks mee te maken, zegt hij. Hoeveel zijn het er nu?

'Dertien.

'Nou, dan wordt het een blues in dertien.'

Daar zijn er wel meer van in de wereld, stelt Van Mechelen gerust. 'Maar wat zeker is: zonder Wim was ik als houten klaas geëindigd.'

Ook striptekenaar Theo van den Boogaard ging vaak met Schippers brainstormen in bodega Keyser. Komt Schippers een keer als laatste binnen en fronst z'n wenkbrauwen: Wat is dat? Ben je aan een ronde tafel gaan zitten? Van den Boogaard: 'Toen snapte ik het pas. Hij noteert alles in zo'n vlakliggend spiraalschriftje. Aan een ronde tafel glijd je al schrijvend met je ellebogen van het blad.'

Vanaf 1976 maken ze samen de Van Oekel-strips, bekend in binnen- en buitenland. Van den Boogaard wil bij deze graag even het misverstand de wereld uithelpen dat er een verbod op de strip zou liggen. Nee, de kwestie is met Dolf Brouwers (de tv-Van Oekel, boos dat zijn persoon in de strip figureerde) in der minne geschikt. Ze mogen door.

Toch ligt het werk al jaren stil. De minutieuze strip is te duur in de productie. Van den Boogaard: 'Ik mis die bijeenkomsten heel erg. Dan zaten we tegenover elkaar, geladen met adrenaline. Theo, ik zie het idee hier als een zuil tussen ons in hangen. Je hoeft het alleen maar te pakken, zei Wim dan.'

Henk en Hans Bom uit Heiloo zijn de harde kern van het Wim T. Schippers Genootschap, dat inmiddels zo'n 225 leden telt. Henk (42), in het dagelijks leven administrateur bij de kabel-tv in Alkmaar, nam het initiatief. Broer Hans volgde snel. Ze vielen voor het taalgebruik, voor O die manier, en jammer maar helaas. De twee hadden overigens een late roeping. Pas echt gewonnen gaven ze zich bij de De Lachende Scheerkwast, een serie uit 1981. 'Voor de Haché- en Servetshows waren we nog te jong. Dat was ook wel een beetje taboe door dat bloot-gedoe.'

Hoogtepunten waren de beide keren dat ze figureerden in We zijn weer thuis. Dat waren feesten, zeker toen Hans een regel tekst mocht zeggen. Henk herinnert het zich nog precies: 'We dineerden in een bistro, en Schippers kaapte de wijn voor de neus van Hans weg. Die moest dan zeggen: Wat zullen we godverdomme nou krijgen.'

Journalist H.J.A. Hofland kent hem 'al tientallen jaren. Ik zag hem voor het eerst in de Kleine Komedie. Met Willem de Ridder werd er wat papier verknipt of zo.' Schippers is een van de drie Nederlanders voor wie hij het predikaat genie reserveert. De anderen zijn Hugo Brandt Corstius en Jan Hein Donner. 'Die drie hebben een zuiver gevoel voor het absurde gemeen. Ze zijn verwant aan Alfred Jarry, aan Groucho Marx, Arrabal, Ionesco. Kamagurka heeft ook iets dergelijks. Mensen met een draai in hun denken die niemand anders heeft. Ik heb het altijd een opluchting gevonden dat ze bestaan, en dat je hun verzinsels kunt zien en horen.'

'Een zuiver gevoel voor het absurde?' De Belgische cartoonist, theater- en televisiemaker Kamagurka laat de woorden op zich inwerken. 'Eigenlijk is wat wij maken helemaal niet absurd. Het is doorgedreven logica, dat is juist het toffe.' Maar dat Schippers een geestverwant is, daarvan is Kamagurka doordrongen. 'Als wij elkaar zien, glimlachen we van herkenning. Wat hij maakt geeft zoveel positieve energie, dat ik meteen goesting krijg erheen te vliegen. Hij past in de categorie van Koot & Bie en Topor, die trouwens ook een groot bewonderaar is.'

Op 6 december 1963 ledigde Schippers nabij Petten een flesje Greenspot-limonade in zee. Die kunstzinnige daad is door Kamagurka in diens tv-serie beantwoord: uit zee verscheen een schepsel dat een flesje zand leeggooit op het strand en dan weer in het water verdwijnt.

Sinds het staken van We zijn weer thuis is Schippers nog maar één keer per jaar op televisie: in de Nationale Wetenschapsquiz stelt hij hooggeleerden vragen over boterhammen met pindakaas die van tafel vallen en over zachte fietsbanden. Ad Lagendijk, wetenschapsprofessor aan de Universiteit van Amsterdam en columnist van de Volkskrant, vindt het programma onder de maat. 'Hij is dan ronduit een etterbak. De kandidaten krijgen geen enkele kans. Met rollende ogen staat hij klaar om zijn gasten af te maken.'

'Toch ben ik een echte liefhebber', haast Lagendijk zich toe te voegen. 'Servet, Haché, bal gehakt, daar bleef ik voor thuis.'

Voor Hans Maarten van den Brink, directeur televisie van de VPRO, was diezelfde Wetenschapsquiz juist een reden Schippers te vragen dit jaar Zomergasten te presenteren. 'Ik vind het geweldig zoals hij dat doet. Van mij hoeft hij niet al zijn gasten een eerlijke kans te geven.' Hij verwacht dat Schippers geknipt is voor Zomergasten. 'Taal, kunst, televisie - hij wil weten hoe alles werkt. Naar mensen is hij even nieuwsgierig. Zijn onbevangenheid is uniek. Hij heeft het vermogen behouden alles te zien en te horen alsof het voor het eerst is.'

Zomergasten als goedmakertje voor We zijn weer thuis? Van den Brink: 'Ik woonde toen niet in Nederland en heb die serie zelden gezien. We zijn nieuwsgierig naar al zijn voorstellen en de verhoudingen zijn heel goed.'

Andere plannen? Met Theo van den Boogaard voltooide Schippers onlangs de synopsis voor een avondvullende Engelstalige tekenfilm met de stripfiguur Van Oekel in de hoofdrol. Harry Ruhé denkt eerder in de richting van beeldende kunst. 'Ik zag hoe tevreden hij in Utrecht naar z'n werk uit de jaren zestig keek. Goh, hoorde ik hem zeggen, ik krijg weer zin om wat te maken.'

Het beste van Wim T. Schippers. Van 1 maart tot en met 27 april in het Centraal Museum, Utrecht.

Het gelijknamige boek, van Harry Ruhé, is verkrijgbaar bij het museum, en bij De Slegte. ¿ 39,50.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden