Tv-recensiefrank heinen

Wie Wei niet heeft gezien, moet dat alsnog doen

Ter gelegenheid van Wereld Alzheimer Dag werd maandag op NPO 2 Wei uitgezonden, een film van Ruud Lenssen over zijn vader Jac en zijn moeder Ria. Wei begint met een scheldende man op een erf. ‘Ik sla ze godverrrredomme allemaal overhoop.’

Jac Lenssen is jong en ziek. In Wei zie je wat dat inhoudt. De ziekte slaat grote gaten, eerst tussen de woorden in zijn zinnen en later tussen hem en de wereld. Soms is hij even stil, je ziet hem als het ware op de tast een weg banen door zijn eigen gedachten waarin het begint te schemeren. Een toerist in een vreemde stad. Op momenten waarop zijn voorland zich even kraakhelder voor hem uitstrekt, mompelt hij: ‘Het gaat alleen maar erger worden, hè’ of ‘Als het niets meer is, dan laat maar gaan’. Op andere momenten barst hij uit in ongeremd schelden, of in grimmig gefluister. Op die momenten vervult Jac Lenssen je niet met mededogen, maar met angst.

De wei uit de titel, Jacs wei, valt niet langer te onderhouden. Eerst worden de paarden verkocht, daarna de grond. Alleen de ziekte wint terrein. Steeds vaker weet Ria het ook niet meer. Ze wil geen hulp, geen vreemde handen. Liever geeft ze haar volksdansavondje op. Uitgeput zitten ze tegenover elkaar aan de keukentafel. ‘Niets te vertellen? Niets. Het is stil inside.’

Jac zwijgt maar. De binnenkant van zijn hoofd moet een reusachtige zwerm zinnen en gedachten zijn, met hem in het midden, net te traag om er één te vangen.

Jac en Ria Lenssen in 'Wei'.Beeld KRONCRV

En ja: het wordt alleen maar erger. Jac, in de badkamer, in zijn ondergoed, onbeholpen. Jac, die panisch aan alle uit voorzorg gesloten deuren trekt. Jac, die mechanisch zijn soep lepelt. Het moment dat de zorg Ria boven het hoofd groeit, nadert. In een gesprek met een hulpverlener fluistert Jac eerst alleen maar ‘Los, los, los, los.’ En dan, als de zon die doorbreekt, zegt hij opeens hardop: ‘Je hoeft niet meer te komen. Ik ben genezen.’

Later, op de stoep voor de instelling waar Jac ‘op vakantie mag’, gaat het mis. Jac voelt wat er te gebeuren staat. De woorden van protest krijgt hij niet meer te pakken. ‘Ik kan er niet tegen, ik kan er niet tegen, ik kan er niet tegen.’ Met een kalmeringspil op gaat het beter, en via de achteringang loopt Jac alsnog zijn angstdroom binnen. Dat hij het niet wil, dat het niet mag, dat hij er niet tegen kan, is hij al weer vergeten.

Ruud Lenssen heeft de onttakeling van een binnenwereld gedocumenteerd, de afbraak van de geestelijke vermogens van een naaste, en de zorg die dat oplevert. Aangrijpend, hartverscheurend, ellendig – er zit weinig anders op dan al die duffe adjectieven weer eens op te piepen. En dan was de slotscène tussen vader en zoon nog onvergetelijk óók.

Wei dus. Wie hem niet heeft gezien, moet dat alsnog doen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden