ReportageDe Wandelclub

Wie op wandeltocht gaat met Tim Knol, wordt onderweg getrakteerd op liedjes

Wandelen en muziek met Tim Knol in de bossen van Gasselte, Drenthe. Beeld Sabine van Wechem

De muzikant richtte De Wandelclub op toen het livemuziekcircuit tot stilstand kwam.

De eerste twee, drie kilometers zijn afgelegd. Tijd voor muziek. Tim Knol haalt de gitaartas van zijn rug, stemt het instrument even en slaat zijn eerste akkoorden aan op een open plek in het Drentse bos. Toepasselijke songkeuze: The Deep Dark Woods, een liedje van zijn album met de Blue Grass Boogiemen.

‘Geluid goed?’, vraagt hij grijnzend. Nou en of. Wat klinkt dat machtig tussen het loof.

‘Gelukkig’, zegt Knol, ‘want ik kan het niet bijstellen.’

Nog een bluegrassliedje dan maar, wederom goed passend bij de overweldigend groene omgeving: That Song About The Willow Garden. Hij verontschuldigt zich: ‘Ik zing met mijn ogen dicht. Sorry. Ik durf mensen nooit aan te kijken als ik bij daglicht zing.’

Ruim een maand geleden kondigde Knol de oprichting van De Wandelclub aan: wandelingen in Nederland met livemuziek onderweg. Vandaag, woensdag 17 juni, staan de eerste twee tochten op het programma: tien kilometer en twintig wandelaars per keer, over het Gasselterveld in de boswachterij Gieten-Borger. Startpunt: de azuurblauwe, door wit strandzand omringde recreatieplas ’t Nije Hemelriek.

‘Ik heb de wandeling zelf uitgestippeld’, vertelt Knol terwijl de groep zich in beweging zet. ‘Ik wil geen bestaande routes lopen, maar iets unieks bieden. De route staat in mijn telefoon, voor als ik de weg kwijtraak.’

Beeld Sabine van Wechem

In De Wandelclub (‘Eropuit sinds 2020!’) komen de twee belangrijkste Knol-vertellingen van dit jaar samen, zou je kunnen zeggen. Het eerste is zijn spectaculaire gewichtsverlies: veertig kilo eraf door gezonder eten, minder bier en veel kilometers wandelen.

Het tweede is de coronacrisis, in het bijzonder het abrupte tot stilstand komen van het livecircuit. Knol noemde de toestand al eens ‘uitzichtloos’, maar besloot niet bij de pakken neer te zitten. Van alle slimme verzinsels om tóch muziek te kunnen maken voor een klein publiek is De Wandelclub misschien wel het leukste.

De nieuwsbrief landt al in 1200 mailboxen, 300 wandelaars werden lid. Zij krijgen het eerst te horen waar en wanneer er gewandeld gaat worden en kunnen zich met korting inschrijven. De gemeente Aa en Hunze wilde even weten wat Knol precies van plan was, maar liet zich snel overtuigen: De Wandelclub houdt het klein en heeft een keurig coronaprotocol.

Beeld Sabine van Wechem

Bij ’t Nije Hemelriek krijgt iedereen een tasje met water, sultanakoekjes, een appel en wat Wandelclub-stickers. Er zijn evenveel mannen als vrouwen, de gemiddelde leeftijd lijkt net voorbij de 40 te liggen. Enkelen komen uit Groningen en Drenthe, maar tot Knols verbazing worden zijn eerste wandelkaravanen gedomineerd door Randstedelingen, kennelijk niet te beroerd om twee uur te rijden voor een bijzondere avond.

Daar gaan we. Door groen bos, over smalle wandelpaadjes en bredere ruitersporen, voorbij velden met kniehoge varens, door een spookachtig woud van kale naaldboomstammen waar het altijd een beetje mistig lijkt. Een hertenmoeder stuift over een open veld, haar kalf in volle vaart achter haar aan.

Iedereen praat met iedereen. Over de schoonheid van Drenthe. Over thuis. Over reizen. Over muziek. ‘Twintig mensen is precies goed’, concludeert Knol. ‘Ik denk dat ik dat maar als limiet aanhoud.’

Beeld Sabine van Wechem

Hij speelt drie korte sets tijdens de wandeling. Twee in het bos, één op een open veld, waar zijn gitaar en kristallen stem weer heel anders blijken te klinken. Hij zingt songs als Soldier On en de oude hit Sam. Bluegrass van zichzelf én bluegrasskoning Jimmy Martin. Verrassing: het prachtige If I Could Only Fly van de betreurde singer-songwriter Blaze Foley.

Daar is ’t Nije Hemelriek weer. De eerste tochten van De Wandelclub zitten erop: tien kilometer in de benen, Knol twintig.

Hij ontvouwt nog even de toekomstplannen. De volgende wandelingen zitten al in de pijplijn: een natuurgebied in Flevoland, Vlieland, ‘iets in Noord-Holland’. Er komt een clubdag, zoals het er nu uitziet in het Fort van Spijkerboor, in de Stelling van Amsterdam.

Stadswandelingen komen er ook, maar dat moet misschien wachten tot we het coronavirus eronder hebben, want in een stad is een klein groepje van twintig mensen ineens problematisch groot. Meindert Talma is alvast gestrikt voor een mars door zijn thuisstad Groningen, want in de toekomst zal opperhoofd Knol niet altijd zelf vooropgaan.

‘De eerste paar tochten begeleid ik zelf’, zegt hij. ‘Maar er komen ook wandelingen met andere muzikanten. Anders denken jullie na een paar keer: daar heb je die klote-Knol weer.’

Eigenlijk werd vanavond maar één ding node gemist: anti-muggenmiddel. De eskaders hebben geen wandelaar overgeslagen. Een regenjas hadden de meesten wél mee, maar de voorspelde bui bleef uit. Knol hoefde Cold Cold Rain niet te zingen.

Dat liedje beluisteren we dan maar in de auto, terwijl de eerste druppels landen op de voorruit.

Lost and Found

Tim Knols meest recente studioalbum (met Blue Grass Boogiemen) verscheen in mei 2019, maar fans kunnen toch nieuwe muziek kopen: via timknol.nl geeft hij The Lost and Found Tapes uit, een reeks van vier cd’s of cassettes. Volgende week verschijnt deel drie. Ook kun je via zijn site een live-album downloaden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden