Blad De God van Nederland

Wie niet benepen van geest is kan De God van Nederland met een gerust hart op de salontafel laten liggen

Wat is lezenswaardig deze week? Vandaag het verlangen beschreven in veel Franse woorden in De God van Nederland. 

Omslag van De God van Nederland nummer 18. Beeld Geen

In 2012 voorkwam de directie van de VPRO, uitgerekend de VPRO, dat in de eigen gids ‘de beste foto’s uit het tijdperk van het schaamhaar’ te zien zouden zijn. Schaamhaar is niet raar, was de titel van de aflevering van het jongerencollectief Dorst.

Grafisch ontwerper Piet Schreuders (voormalig artdirector van de VPRO Gids) schrijft over de kwestie in een erotiekspecial van De God van Nederland. Die heet Année érotique. Van Frans lusten de samenstellers Bob Polak en Frederik van der Kamp (pseudoniem van Vic van de Reijt) wel pap en het staat goed bovendien, olala.

Schreuders treft de kern van de special met één zinnetje: ‘In de jaren zeventig verschoof de kuisheidsgrens stapsgewijs richting schaamstreek.’ De samenstellers gebruiken in hun voorwoord een typetje van Wim Sonneveld om hun punt te maken: ‘Waar is de erotiek vandaag de dag gebleven, meneer Sonneberg?’

Goede vraag, in een tijd van toenemende preutsheid en vertrutting. Het verlangen van de mannen wordt breed gedeeld. In een recensie van de boeken van Jan Cremer (goed idee trouwens) gooit Lisette Lewin er het volgende citaat tegenaan uit Ik, Jan Cremer, Deel 2 uit 1966: ‘De klitoris was als een korte afgezogen zuurstok en stak fier uit de verstevigde vleesflappen.’

Haar bedenkingen over Cremer en zijn onverbiddelijke bestsellers zijn volledig verdwenen: ‘Nu verslond ik het opnieuw en nu vind ik het een hoogtepunt in de literatuur.’

Ik, Jan Cremer, eerste deel. Beeld Geen

Bijna alle koppen in De God van Nederland zijn in het Frans en Van de Reijt zou Van de Reijt niet zijn als hij niet twee pagina’s in zou ruimen voor ‘Swinging mademoiselles’, actrices en fotomodellen die zich in de jaren zestig (‘van de vorige eeuw’, moet je daar dan bij zeggen) als popzangeres manifesteerden.

Op de eerste plaats staat, natuurlijk, Je t’aime... moi non plus van de Britse actrice Jane Birkin en Serge Gainsbourg uit 1969. Wie oplet ziet dat de tekst onderaan elke bladzijde staat afgedrukt, samen met tekeningetjes van neukende konijnen. Zo klinkt het misschien wat plat allemaal, met al die beestjes die onbeschroomd bij de naam worden genoemd, maar wie niet benepen van geest is kan DGVN met een gerust hart op de salontafel laten liggen.

Bijna overal sijpelt de weemoed door. Haaks op de huidige tijdsgeest, is niet voor niets de lijfspreuk van het blad. Het gevoel wordt uitmuntend verwoord door Gerdy van der Stap, in een recensie van De Verleider van Theo Kars.

‘In dit #metootijdperk zou je er bijna naar terugverlangen. Naar de seksuele revolutie. Toen seks bevrijdend was. Heilzaam. En niet te vergeten: emancipatoir. Een manier om mannen en vrouwen dichter bij elkaar te brengen. Liefst bloot.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.