Recensie Goed gerei

Wido Smeets schrijft met Goed Gerei een monument van het menselijk tekort (vier sterren)

De fabriek. Foto Wido Smeets

Leio Smeets heeft kort na de oorlog in het Noord-Limburgse Wessem een voor die dagen imposant fabriekspand gebouwd. Bestemd voor zijn houtfabriek annex meubelmakerij, met als specialiteit meubelplaat en eerste klas triplex, een modern en gewild product in die tijd. Leio heeft zes zonen die allemaal een functie krijgen in de fabriek, en allemaal een stapeltje aandelen. Vader Leio blijft directeur, zijn vrouw Lena, zuinig en bits, houdt alles in de gaten. Ze hebben ook nog een dochter, een nakomertje. Leio vindt dat zij geen aandelen hoeft te krijgen, ‘een fabriek is niks voor vrouwen’. De zes broers geven haar er toch ieder één.

De economie trekt aan, Nederland krijgt langzamerhand wat te besteden en gaat massaal nieuwe meubels kopen, houten meubels. Het gaat goed met de fabriek van Leio en zijn zonen. Alleen, Leio heeft zijn opvolging niet geregeld. Hij kon niet kiezen wie van zijn zoons straks de eindverantwoordelijkheid zou krijgen. En als hij in 1962 komt te overlijden, breekt er een eindeloos gecompliceerd conflict uit, dat de zes broers steeds verder uiteenjaagt. Binnen een paar maanden, bij de dood van moeder Lena, is het familiedrama compleet.

Goed gerei, opkomst en ondergang van een (meubelmakers)familie

Wido Smeets

De Arbeiderspers; 384 pagina’s; € 22,50.

Dat drama probeert Leio’s kleinzoon Wido Smeets te reconstrueren in Goed Gerei  Opkomst en ondergang van een (meubelmakers)familie. Wido, zoon van Giel, heeft Wessem al jong verlaten, is journalist geworden, tegenwoordig al jaren hoofdredacteur van het cultuurmagazine Zuiderlucht. Hij voelde de onweerstaanbare aandrang uit te zoeken wat er allemaal gebeurd is tussen die broers. En hoe de wet van de remmende voorsprong vat kreeg op dat langzaamaan onbestuurbare bedrijf, waar na de dood van vader Leio niemand doorzettingsmacht had en elke vernieuwing vastliep in achterdocht en behoudzucht.

De broers. Foto Wido Smeets

Gemakkelijk was Wido’s taak niet. Het waren moeilijk te doorgronden types, die broers, zwijgzaam, gruwelijk eigenwijs en met geen cirkelzaag open te breken. Totaal niet in staat over gevoelens en emoties te praten, levenslang opgesloten in het eigen gelijk en in wrok jegens de wereld. Smeets interviewde tientallen familieleden en werknemers van de fabriek, die met hun herinneringen meebouwen aan wat je een monument van het menselijk tekort zou kunnen noemen.

Overigens, zo’n meubelfabriek die het niet redt, waarom zou je daar alle details van moeten weten? Er is een simpel antwoord op: godmiljaar, wat kan die Wido van Giel geweldig schrijven!

Meer over