Whiens Wanja is vooral wankel

Het lijkt erop dat regisseur Whien zich met Oom Wanja geen raad heeft geweten, want de tragikomedie wordt een olijke voorstelling waarin de onderliggende melancholie ontbreekt. Je mag van alles met Oom Wanja doen, maar niet de tragiek eruit slopen. Dat is een doodzonde.

scène uit het toneelstuk Oom Wanja. Beeld Sanne Peper / Toneelschuur Producties
scène uit het toneelstuk Oom Wanja.Beeld Sanne Peper / Toneelschuur Producties

Het decor van de voorstelling Oom Wanja is allesbepalend. Achter houten schuttingen zien we een opeenstapeling van troep - oude huisraad, keukengerei, meubeltjes - alles op elkaar gestapeld. Alsof we van meet af aan zijn beland op de rommelzolder. Alsof alles al is onttakeld en opgeruimd, klaar voor het afscheid.

Deze opmerkelijke scenografie is een ontwerp van Marc Warning. Vanuit die sfeer van verlatenheid spelen vijf acteurs Tsjechovs Oom Wanja, een productie van De Toneelschuur Haarlem in regie van Erik Whien. Deze theatermaker bewees eerder op eigentijdse manier nieuw licht te kunnen werpen op (moderne) klassiekers. Zijn regies van Arthur Millers Van de brug af gezien (Toneelgroep Oostpool) en Edward Albee's Who's afraid of Virginia Woolf (Toneelschuur) behoren tot de beste van de afgelopen jaren.

Met Oom Wanja heeft hij zich echter geen raad geweten - een andere conclusie is helaas niet mogelijk. In en rond die uitdragerij proberen de vijf acteurs Tsjechovs tragikomedie tot leven te brengen, maar de voorstelling is een ratjetoe aan speelstijlen. De sfeer van het geheel is bovendien veel te olijk, te koddig en op geen enkel moment is er ook maar iets van de onderliggende melancholie voelbaar.

Sympathieke klaagbroeder

Bij Tsjechov is Wanja een sympathieke klaagbroeder, een goedzak, totdat op zeker moment ook bij hem de stoppen doorslaan. Een harde werker ook: samen met zijn nichtje Sonja beheert hij het landgoed van haar vader, de oude professor die de benen nam naar een mondainer leven. Het stuk begint als de professor met zijn veel jongere en erg mooie vrouw Jelena het landgoed bezoekt om de dokter te raadplegen. Deze dokter Astrov is eigenlijk het belangrijkste personage - hij is behalve arts ook wereldverbeteraar, huiskamerfilosoof en vrouwenversierder tegen wil en dank. Zowel de timide Sonja als de wereldse Jelena vallen voor hem, ieder op hun eigen wijze: Sonja oprecht smachtend, Jelena geraffineerd verleidelijk. En Wanja heeft in alles het nakijken.

Ali Ben Horsting speelt Astrov met een shabby soort charme, en met een virtuoze tekstbehandeling. De technische beheersing van de rol en het personage is tot in het kleinste detail kloppend; als hij probeert de moed erin te houden, is er ook altijd iets van wanhoop voelbaar. De scène waarin hij aan Jelena (met lichte overdrijving heel fraai gespeeld door Naomi Velissariou) zijn toeksomtvisie ontvouwt, is het hoogtepunt van de voorstelling. Beide acteurs zetten hun personage net even uit het lood en je zou willen dat Whien in zijn tijdloze opvatting die speelstijl alom had toegepast.

Ongeloofwaardig

In plaats daarvan speelt Jeroen de Man een ongeloofwaardige Wanja - veel te lollig, een beetje als een slome hond, onhandig gesticulerend. Als hij dan ineens in tranen is of in woede uitbarst, lijkt dat nergens vandaan te komen. Han Kerckhoffs is een wel erg vrolijke professor, eerder een grappige oom dan de intellectueel die orde op zaken komt stellen. De prachtige rol van Sonja wordt gespeeld door Mariana Aparicio Torres die van haar een kordaat meisje maakt, maar intussen alle ingekapselde droefenis achterwege laat.

'We zullen rust vinden. We zullen engelen horen, we zullen de hele hemel in diamanten zien, we zullen zien hoe al het aardse kwaad, al ons lijden zal wegzinken in barmhartigheid die dan de hele wereld vervult. En ons leven wordt kalm, teder en zoet, als een liefkozing.' Sonja's schitterende slotmonoloog wordt hier emotieloos afgeraffeld, alsof de actrice een boodschappenlijstje voordraagt. En ja, Wanja huilt maar weer eens, geen idee waarom. Misschien is het stuk ook wel iets te rigoureus bewerkt, waardoor je te weinig zicht krijgt op de diepere lagen van de personages.

Hoe dan ook: Whiens Wanja is vooral wankel.

Oom Wanja, van Anton Tsjechov door Toneelschuur-producties. Regie: Erik Whien. Gezien 28/2, Toneelschuur Haarlem. Daar t/m 5/3.

Oom Wanja appelleert aan mooie idealen, en hun teloorgang

Oom Wanja is een geliefd stuk en was de laatste jaren in tal van regies te zien.

De laatste jaren is Oom Wanja in Nederland en België een van de meest gespeelde stukken van Tsjechov. Meer nog dan Drie Zusters of De Kersentuin spreekt het stuk oudere en jonge theatermakers aan, waarschijnlijk omdat het (ook) gaat over een optimistisch toekomstperspectief gekoppeld aan de teloorgang van idealen. En misschien ook wel om praktische redenen: je hebt er maar vijf, zes acteurs voor nodig, en dat scheelt weer in de kosten.

Drie jaar geleden regisseerde Gerardjan Rijnders Oom Wanja met Pierre Bokma als Wanja en Hein van der Heijden als Astrov. Het accent lag daarin op de mannenvriendschap, een thema dat in Whiens opvoering nagenoeg onbenoemd blijft. Een van de allermooiste Wanja's was die van Toneelhuis Antwerpen, in regie van Luk Perceval (2003). Hij situeerde de tragikomedie in een oud café met krakende parketvloer, een grammofoon en veel drank. Het resulteerde in een meedogenloze etalage vol groot verdriet van kleine mensen in een armetierige feestzaal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden