Werken Wolfgang Tillmans krijgen niet nadruk die ze verdienen in Tate Modern

Stoeptegels, zoenende vrienden, oksels: fotograaf Wolfgang Tillmans maakt het alledaagse intiem en ontroerend. Hoe maak je met schijnbaar eenvoudige beelden een interessante overzichtstentoonstelling?

Juan Pablo & Karl, Chingaza (2012). Beeld Wolfgang Tillmans

Dus dit is hoe hij het heeft bedoeld. In The Tanks, de voormalige oliebergplaats van de elektriciteitscentrale die het Londense museum Tate Modern ooit was, een bunkerachtige betonnen ruimte die nu in dienst staat van de hedendaagse kunst, komt alles samen. Er is een lichtshow van een rij theaterlampen in acht kleuren, er is snoeiharde muziek en er is een projectie van videoclips op de muur. Er staan stoelen, er liggen kussens, quasi-nonchalant door de ruimte verspreid.

En het werkt. Jong en oud hangt hier rond, vergaapt zich aan de lichtshow, draait zich vol verwachting naar de muur wanneer daar ineens iets te zien is of laat zich onderuitzakken in de kussens. De samenhang en de toegankelijkheid die in de tentoonstellingszalen boven in het museum ontbreken, lijken hier een vanzelfsprekendheid. Dit is een totaalervaring, terwijl de expositie als los zand aan elkaar hangt.

Wolfgang Tillmans. Beeld EPA
Astro crusto, a (2012). Beeld Wolfgang Tillmans

Het leven

Die 'hij' uit de eerste zin is de Duitse fotograaf Wolfgang Tillmans (48). Zijn naam prijkt in koeieletters op de gevel van Tate Modern, waar zijn grote overzichtstentoonstelling te zien is. Tillmans kreeg veertien zalen tot zijn beschikking, oftewel een halve verdieping (de andere helft is voor de Amerikaanse pop-artkunstenaar Robert Rauschenberg).

Zeventien jaar geleden won Tillmans in dit museum de prestigieuze en vaak flink becommentarieerde Turner Prize, tegen de verwachtingen in en als eerste fotograaf ooit. Zijn presentatie destijds bestond uit foto's van verschillende formaten die zogenaamd lukraak tegen de muur waren geplakt, soms vlak bij de grond, soms bijna tegen het plafond. Die manier van 'hangen' was al opmerkelijk (fotografie werd toch vooral geacht ingelijst en op rij te worden aangeboden, zeker in een museum), opmerkelijker was Tillmans' onderwerpkeuze: alles. Het leven. Zíjn leven.

De fotograaf leek - achteraf gezien - knap vooruit te lopen op de huidige Instagramgeneratie, die dagelijks een stroom aan persoonlijke foto's de wereld in stuurt, bestemd voor wie het maar wil zien. Hij fotografeerde bloemen, stoeptegels, ontbijtstillevens, sleutelbossen, feesten, dansende vrienden, zoenende vrienden, vrienden onder de douche, oksels, zonsondergangen, vliegvelden (véél vliegvelden), de appelboom voor zijn keukenraam in allerlei weersomstandigheden, opgerichte piemels en af en toe een poepgat.

Iguazu (2010). Beeld Wolfgang Tillmans

Jong en fris

'If one thing matters, everything matters' - het was niet voor niets de titel van zijn tentoonstelling in Tate Britain in 2003. Elk onderwerp, hoe banaal ook, is het waard gefotografeerd te worden, verkondigde Tillmans, alsof Stephen Shore, de Amerikaanse documentairefotograaf die al in de jaren zeventig borden met eten en de inhoud van zijn ijskast vastlegde, er nooit was geweest.

In Engeland (ook daarbuiten, maar vooral in Engeland) kreeg Tillmans na het winnen van de Turner Prize een onthaal van jewelste. Al snel werd hij niet langer 'fotograaf' genoemd, maar kreeg hij het predicaat 'kunstenaar'. Hoe dat precies in zijn werk gaat, is nog altijd niet duidelijk. Niemand zal ooit beweren dat een fotograaf minder is dan een beeldend kunstenaar en toch zit er een waardeoordeel verstopt in die overgang van de ene positie naar de andere, alsof een beeldend kunstenaar met minder touwtjes zit vastgeknoopt aan de zichtbare werkelijkheid en meer mag experimenteren.

Hoe het ook zij, het werk van de kunstenaar Wolfgang Tillmans was jong en fris. Het leek een beetje op dat van de Amerikaanse fotograaf Nan Goldin, die er dezelfde rauwe, dagboekachtige manier van werken op nahield. Het had een pietsie van de overbelichte grunge-esthetiek van de foto's van landgenoot Juergen Teller, en een vleugje Ryan McGinley, een wat jongere Amerikaanse fotograaf die zich op hetzelfde moment met min of meer dezelfde onderwerpen bezighield (blote vrienden, vrijheid & romantiek). Het was vuig en esthetisch tegelijk, rauw en teder, idealistisch en eerlijk. Bovendien wist Tillmans zijn publiek ervan te overtuigen dat wat je op zijn foto's zag, zijn echte leven was.

Shit buildings going up left, right and centre (2014). Beeld RV - Wolfgang Tillmans

Totaalfotografie

Dat is nog altijd zo. Bij alles wat hij doet - het Berlijnse nachtleven verkennen, flyers en cd-hoesjes ontwerpen, tentoonstellingen organiseren, tijdschriften maken - is de camera aanwezig. Totaalfotografie, het leven als oeuvre en andersom. En nog steeds zijn alle onderwerpen hem even lief. Die houding speelt hem parten in zijn grote overzicht, zeventien jaar nadat hij in Tate Modern voor de Turner Prize een bescheiden ruimte mocht vullen.

Tillmans richtte de zalen zelf in, samen met Chris Dercon, de Vlaamse voormalige directeur van Tate Modern, en met hoofd tentoonstellingen Helen Sainsbury. Die twee hadden hier en daar op de rem kunnen trappen. Ze hadden, toen Tillmans per se een gang wilde behangen met de flyers van elke tentoonstelling die hij ooit organiseerde in zijn projectruimte Between Bridges (eerst in Londen, nu in Berlijn), moeten zeggen: Nou, Wolfgang, is dat wel zo interessant? Ze hadden de kunstenaar tegen zichzelf in bescherming moeten nemen toen die in de laatste zaal zijn project Time Mirrored (2015-2017) wilde tonen, een installatie die bestaat uit vitrines met foto's en uitgeprinte A4'tjes met vrijblijvende en lege teksten als 'The end of the Cold War is now as long ago as the end of WWII was in 1970' en '8 years ago was the year 2009. 8 years after now is the year 2025'.

Ze hadden Tillmans moeten dwingen zijn betrokkenheid bij de wereldproblematiek, volgens de aankondigingen een belangrijk onderdeel van de tentoonstelling en zijn kunstenaarspraktijk, verder uit te diepen.

Intimiteit met alledaagse dingen

Man, wat is het jammer dat dat niet gebeurd is. Want laat dit duidelijk zijn: Wolfgang Tillmans is wel degelijk in staat een zaal in te richten die voelt als een ademteug tintelende zuurstof. Hij kan beelden samenvoegen die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben, maar die in de hoofden van zijn publiek vanaf dan voor altijd samen door het leven zullen gaan.

Neem zaal nummer tien. Daar zorgt de combinatie van Collum (2011), een grote foto met daarop de zijkant van een mannenhals, en een kleinere afbeelding van een witte chrysant voor instant- en vintage-Tillmansgeluk. Het oproepen van intimiteit met alledaagse dingen: daar blijft hij een meester in. En niemand fotografeert een toekan op de rand van zijn etensbakje zoals Wolfgang Tillmans dat doet (zie cover).

In de tweede zaal hangen fijne foto's van zijn rommelige studio, gevuld met printers, computers en andere apparatuur die nodig is om beeld te (re)produceren. Die praktische realiteit vergeet je snel bij het zien van Tillmans' oeuvre, omdat het lijkt alsof hij zich slechts met een lichtgewicht snapshotcameraatje door de wereld beweegt.

Collum (2011). Beeld Wolfgang Tillmans

Lofwaardige projecten

Een uiterst aangename foto is die van een zorgvuldig uit elkaar gesloopte printer, de CLC 800, die hij kocht van het geld van de Turner Prize (destijds was dat 20 duizend pond). De hoeveelheid metaal, de schroeven, knoppen en printplaten vormen een mooi contrast met de abstracte, efemere foto's in poederkleuren die door de hele tentoonstelling heen hangen en die Tillmans verkreeg door te experimenteren met vloeistof op lichtgevoelig papier.

Ook Tillmans' engagement, het kinderachtige Time Mirrored daargelaten, voelt echt. In 2005 richtte hij het Truth Study Center op, een nog altijd groeiende installatie met foto's en knipsels over de onmogelijkheid iets zeker te weten, in 2017 actueler dan ooit. Vorig jaar ontwierp hij posters om Britse jongeren aan te sporen te gaan stemmen, het liefst tegen Brexit, een actie die nu een vervolg krijgt in een nieuwe reeks posters vóór de Europese Unie.

Het zijn stuk voor stuk lofwaardige projecten. Maar ze krijgen in deze tentoonstelling niet de nadruk en de ruimte die ze verdienen. De presentatie scheert erlangs, duikt nergens in, wat begrijpelijk is wanneer alles van de afgelopen zeventien jaar een plek moest krijgen in de zalen van Tate Modern. Hier hadden scherpere keuzen gemaakt moeten worden. Nu zit er te weinig samenhang in en struikelt Tillmans alsnog over zijn eigen democratische principe. Wanneer alles even belangrijk is, is uiteindelijk niets meer belangrijk en loopt het bezoek schouderophalend rond.

Pas op

De posters die Wolfgang Tillmans vorig jaar ontwierp en die jonge Britten moesten aansporen om toch vooral tegen een Brexit te stemmen, maakten onlangs een doorstart. De Engelstalige posters werden door Jop van Bennekom en Gert Jonkers, oprichters van het tijdschrift Fantastic Man, bewerkt in aanloop naar de Nederlandse, Franse en Duitse verkiezingen van dit jaar. Ze waarschuwen voor het nationalisme en promoten het idee van een verenigd, democratisch Europa. Het is de bedoeling dat de posters de komende tijd in alle 24 officiële talen van de Europese Unie verschijnen.

Versmelten van beeld en geluid

Alleen in The Tanks bubbelt het. De techno die hier de ruimte vult, werd door Tillmans zelf gemaakt. Hij begon ermee in de jaren tachtig en pakte het een paar jaar geleden weer op. In robotachtig Engels zingt hij over elektronica en 'blurring the lines', terwijl tegelijkertijd op de muur een jongensachtig meisje - of een meisjesachtige jongen, wat maakt het ook uit - danst.

En plotseling is het zonneklaar dat hier Tillmans hart ligt: in het versmelten van beeld en geluid, in het creëren van een zintuiglijke totaalervaring waarin hij de onderwerpen die hem bezighouden veel speelser kan aankaarten. Zonde dat hij dat boven niet voor elkaar kreeg.

Wolfgang Tillmans: 2017. T/m 11/6 in Tate Modern, Londen. Catalogus euro 28,75.

Paper Drop, Prinzessinnenstrasse (2014). Beeld Wolfgang Tillmans
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden