Wereldverbeteraar Comenius

De Boheemse vluchteling Komenský heeft in Nederland onder de naam Comenius tal van activiteiten ontplooid, die volgens politiek filosoof H.E.S. Woldring uiteindelijk een en hetzelfde doel hadden: de 'menselijkheid der mensheid' bevorderen.


Achteraf bezien lijkt het een merkwaardig verbond: de berooide vluchteling die, tot twee maal toe door oorlogsgeweld van huis en haard verdreven, een veilig heenkomen én een mecenas vindt in Nederland, dankzij de man die wel 'de bommenkoning van de zeventiende eeuw' is genoemd.


De refugié in kwestie was de in 1592 in Moravië (Tsjechië) geboren Jan Komenský, predikant van de Broedergemeenschap - de Unitas Fratrum, een protestantse stroming, later ook bekend geworden als de Moravische broeders of hernhutters - die op initiatief van de rooms-katholieke kerk en samen met andere reformatorische gezindten bloedig werd vervolgd tijdens de zogeheten contrareformatie.


De bommenkoning heette Lodewijk de Geer, een Amsterdamse staal- en kopermagnaat, die als wapenhandelaar een godsvermogen had vergaard en wiens zoon Laurens al vroeg een bewonderaar was van het werk van de Boheemse theoloog. Het feit dat banneling en beschermheren een vluchtelingenverleden gemeen hadden - de De Geers stamden af van gevluchte Waalse hugenoten - verklaart wellicht de wederzijdse sympathie tussen de op oorlogskapitaal terende patriciërsfamilie en de Boheemse vredestichter, utopist en onverbeterlijke wereldverbeteraar.


Deze Komenský, die als rector van een Latijnse school zijn achternaam latiniseerde tot Comenius en, onder verwijzing naar de oudtestamentische profeet, Amos (Hebreeuws voor 'drager' of 'last') als tweede naam koos, zou dankzij deze niet aflatende morele en financiële steun de laatste veertien jaren van zijn leven in Nederland doorbrengen. Hij zat er niet stil. In Amsterdam stichtte Comenius een nieuwe school, bestierde hij een eigen drukkerij en schreef hij zijn belangrijkste boeken. Hij overleed in 1670 en ligt begraven in de Waalse kerk in Naarden.


Behalve op die van zijn vaderland zou hij ook een blijvend stempel drukken op de Nederlandse cultuur. Dat blijkt onder meer uit de vele scholen, straten en pleinen die naar de balling zijn vernoemd, maar ook uit het gegeven dat vandaag, zoals ieder jaar rond zijn geboortedatum, in Naarden een Comeniusdag wordt georganiseerd, met de uitreiking van de Comeniusprijs, dit keer aan schrijver Geert Mak.


Comenius was een welhaast universeel geleerde, die zich begaf op uiteenlopende terreinen als de theologie, filosofie, pedagogiek en de diplomatie. In al die vaardigheden had hij uiteindelijk een en hetzelfde doel voor ogen: het stimuleren van 'de menselijkheid der mensheid', zoals dr. H.E.S. Woldring, emeritus hoogleraar politieke filosofie van de VU, het formuleert in een handzame en toegankelijke inleiding in leven en werk van de man die als belangrijk erflater van de Europese beschaving mag worden beschouwd.

Beeld Inge van Mill / ANP

 

Gebrek aan medemenselijkheid was in Comenius' ogen de oorzaak van alle kwaad. Daartegen bracht hij zijn 'pansofie' - Via Lucis (weg van het licht) - in stelling. De wereld is daarin 'de school van Gods wijsheid', een wijsheid die men zich eigen kan maken dankzij drie bronnen: de wereld die kenbaar, want zintuiglijk waarneembaar is, de mens, geschapen immers naar Gods beeld, en de Bijbel als toelichting op mens en wereld. Maar omdat de mensheid massaal deze toelichting negeert en haar verstand verkeerd gebruikt, is de wereld het schouwtoneel van oorlog en geweld geworden.


Pansofie was de remedie. Daarin komen al zijn wetenschappelijke inzichten en idealen, zoals één wereldtaal en universele scholen, samen. Pedagogiek speelt daarbij een hoofdrol, wat onder meer verklaart waarom hij tal van schoolboeken, waaronder het eerste didactisch bedoelde prentenboek ooit, op zijn naam bracht.


Comenius' revolutionaire want alomvattende, wereldverbeterende denken vond vooral weerklank in verlichte kring. Hij discussieerde erover met de Franse filsoof René Descartes, die tegelijk met Comenius in Nederland verbleef en die hem weliswaar bewonderde, maar ook zijn bedenkingen had tegen zijn pansofisme. De vermaarde Duitse denker Gottfried Leibniz prees Comenius daarom juist als 'burger van hoog're werelden'.


Weerstand was er vooral vanuit de calvinistische orthodoxie, die in het protestantse Nederland van die dagen officieel de toon aangaf. In zijn op onbegrensd optimisme gestoelde pansofie gaf Comenius er immers blijk van geen besef te hebben van de erfzonde, noch van 'het eigen verderf'. Geen wonder dus dat hij, zoals Woldring schrijft, kort voor zijn overlijden opperde niet bang te zijn voor de dood. Die zou hem immers bevrijden van 'de woede der theologen'.

Comeniusprijs voor Mak

Vandaag vindt in de grote kerk te Naarden de jaarlijkse herdenking plaats van de geboortedag van Jan Amos Comenius (1592-1670), ter gelegenheid waarvan de Comeniusprijs wordt uitgereikt aan schrijver Geert Mak.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.