Filmrecensie Le Mans '66

Weinig subtiel maar vermakelijk drama over de verhouding tussen de man en zijn favoriete speelgoed ★★★☆☆

De beroemde race in 1966 op het circuit van Le Mans is niet het gedroomde slotakkoord.

Christian Bale in Le Mans '66.

7000 toeren per minuut is het kantelpunt, vernemen we in het begin van het autoracedrama Le Mans ’66. Dat is het moment waarop de raceauto als het ware gewichtloos wordt; de neiging krijgt tot vliegen; de auto voor de coureur gevoelsmatig verdwijnt en hij enkel nog zijn lichaam heeft, voortrazend door tijd en ruimte.

Zo’n proloog prikkelt. Maakt nieuwsgierig naar de wijze waarop regisseur James Mangold (Walk the Line, Logan) die snelheidsfilosofie in het verloop van de tweeënhalf uur durende film zal verbeelden. In een latere, geestige scène nodigt auto-ontwerper en ruwe bolster Carroll Shelby (Matt Damon) Ford-eigenaar Henry Ford II (Tracy Letts) uit als bijrijder voor een testritje in een nieuw racemodel. Na een extreem wilde rit barst Ford in huilen uit – zijn menselijke incasseringsvermogen is niet opgewassen tegen de prestaties van de machine.

Le Mans ’66 is op zijn best als de verhouding tussen mens en machine (of beter gezegd: man en machine, vrouwen zijn hier gedegradeerd tot de kleinst mogelijke bijrol) op deze manieren wordt uitgelicht. Een verhouding die extreem wordt getest tijdens de befaamde 24-uurs-race op het circuit van Le Mans, in 1966.

Maar de ambitie van de makers reikt verder: dit is ook een film over de poging van het saaie Ford om in de jaren zestig de racehegemonie van het gelikte Ferrari te doorbreken. Een heroïsch portret van twee Amerikaanse racecowboys, ontwerper Shelby en de rücksichtsloze supercoureur Ken Miles (een lekker vet aangezette rol van Christian Bale), tegenover een stel espresso slurpende maatpak-Italianen met maffia-allure. Subtiel is Le Mans ’66 inderdaad geen seconde: de tegenstander oogt karikaturaler dan de gemiddelde James Bond-schurk. Vermakelijk is die aanpak wel: het zorgt voor broodnodige relativering in de strijd om het beste mannenspeelgoed.

Dat een van de kleinste momenten in de film – Miles legt zijn zoontje in een lief onderonsje met een zelfgetekende kaart van Le Mans uit hoe hij de perfecte bocht kan nemen – de grootste indruk maakt, zegt ook iets over uitwerking van de uiteindelijke race waar een film lang naartoe wordt gewerkt. Dit is het moment waarop Le Mans ‘66 samen met zijn auto’s op z’n minst een beetje zou moeten vliegen, maar het gedroomde slotakkoord spreekt te weinig tot de verbeelding om zo’n lange aanloop te rechtvaardigen.

Le Mans ‘66

Drama

★★★☆☆

Regie James Mangold.

Met Christian Bale, Matt Damon, Tracy Letts, Caitriona Balfe, Noah Jupe.

152 min., in 78 zalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden