InterviewKenneth Herdigein

‘Weet je wat het betekent voor die gasten, als wij in de gevangenis komen spelen? Hoe belangrijk zo’n verzetje voor hen is?’

Beeld Frank Ruiter

Kenneth Herdigein (61) speelt de levenslang veroordeelde Luc in Een van ons. Door zijn verblijf in een psychiatrische inrichting kent hij de rust van een klein kamertje. 

Levenslang in de cel, invoelbaar of onvoorstelbaar?

‘Ik kan me daar wel iets bij voorstellen. Deze pandemie, en de bijbehorende lockdown, geven ons in feite allemaal de kans om een klein beetje te ervaren hoe het is als je gevangenzit en hoe klein je leefwereld dan wordt. Maar ik herken dat sowieso wel, ook los van corona. Er zijn fasen waarin mijn leven zich soms maandenlang beperkt tot mijn balkon. Dan kijk ik naar de ganzen – ik woon boven het water – of bestudeer de hoveniers, die beneden in de tuin geduldig en zorgvuldig hun werk doen.

‘Het is in mijn geval wel een zelfverkozen isolement, natuurlijk. Het balkon, de ganzen, de hoveniers: in bepaalde perioden geven ze mij zuurstof.’

Spelen in de gevangenis, moeilijk of dankbaar?

‘Alleen maar dankbaar. Ik ken Christine Otten, de schrijver van Een van ons, van De gevangenismonologen: een stuk gebaseerd op ervaringen van gedetineerden, dat we in gevangenissen speelden. Die omgeving kende ik al wel: toen ik student was op de toneelschool in Amsterdam was er een project waarbij wij gedetineerden bezochten in wat nu het Lloyd Hotel is. En later, bij het Werkteater, deden we het ook: optreden in gevangenissen.

‘Waarom? Ja, omdat je theater met noodzaak wilt maken. Weet je wat het betekent voor die gasten, als wij in de gevangenis komen spelen? Hoe belangrijk zo’n verzetje voor hen is?

‘Misschien hebben kunstenaars ook wel een bijzondere fascinatie voor mensen die over de schreef gaan. Omdat we vaak op zoek zijn naar de schaduwzijde, naar wat zich onder het beschaafde oppervlak afspeelt. De gevangenis is daarvoor een heel passende plek. Omdat je er de duisternis vindt van het delict, maar ook de loutering van de detentie. In Een van ons zegt Luc: ‘Gevangenissen zijn een soort supermagneet voor mensen die op zoek zijn naar zuiverheid en vergiffenis.’’

Moet je een ‘echte’ Luc kennen om deze rol te spelen, of heb je genoeg aan het script?

‘Ik heb genoeg aan het script. Christine heeft haar eigen boek heel knap bewerkt, ze reikt mij genoeg aan om te kunnen spelen. Luc is een buitengewoon rijk en fascinerend personage - een fictief personage, al is hij wel gebaseerd op gedetineerden die Christine heeft ontmoet. Zij laat bewust in het midden wat Luc heeft misdaan, maar hij zit wel al 23 jaar in de cel. Hij beperkt zijn contacten met de buitenwereld zo veel mogelijk, en probeert alle hoop, alle gedachten aan een toekomst of een leven buiten uit te bannen. Dat begrijp ik heel goed, want hij zal waarschijnlijk sterven in die cel.  In Nederland betekent levenslang echt je hele leven lang. 

‘Christine heeft weleens Skypecontact met een van de mannen die haar tot dit verhaal inspireerden, dus die heb ik een keer kort kunnen spreken. Hij vond het fantastisch dat we deze voorstelling maken. Maar dat gesprek was heel oppervlakkig, hoor. Hij hield het vooral luchtig en vrolijk.’

Speel je zo’n heftige rol lichtvoetig of zwaarmoedig?

‘Ik speel de rol van Luc best licht. Die toonsoort heb ik van die ‘echte Luc’ overgenomen: luchtig, vrolijk, veel lachen om niks. Zo’n man kan alles alleen maar ondergaan en leeft in een permanent ‘nu’. Dat lukt beter met een lach, denk ik. Het is lachen om niet te hoeven huilen.’

Interessanter om te spelen: Desi Bouterse of Nelson Mandela?

‘Ik speelde Desi Bouterse in de film Paramaribo Papers in 2002. En ik was twee keer Nelson Mandela in de musical Amandla! Mandela, in 2010 en 2016.

‘Regisseur Ger Poppelaars van Paramaribo Papers wilde me in eerste instantie niet eens auditie laten doen, want die kende mij vooral als dokter John Wijntak in Zeg ‘ns Aaa. Toen heb ik mijn haar kortgeknipt en zwart geverfd, en precies zo’n Bouterse-sik geschoren. Ray-Ban-zonnebril op, lange leren jas, en zo ben ik op hem afgelopen, bij de Amsterdamse kunstenaarssociëteit Arti et Amicitiae, ik weet het nog precies. Toen had ik meteen die rol, hahaha. Mijn hele Zeg ‘ns Aaa-imago in één keer naar de klote.

‘Bouterse is natuurlijk een fijne badguy om te spelen, dat is altijd dankbaar. Maar ik kies toch voor Mandela. De eerste keer dat ik hem speelde, in 2010, was zo bijzonder; ik heb me niet eerder in een productie zo gedragen gevoeld. Alles stond ten dienste van die ene schitterende rol; alles werkte mee om van Kenneth Herdigein Nelson Mandela te maken. Ik was het middelpunt van alles: regie, techniek, productie, medespelers - iedereen was constant op mij gericht en met mij bezig. Man, ik werd behandeld alsof ik Messi was.

‘Voor een documentaire ben ik toen ook naar Zuid-Afrika geweest. Ik heb Mandela’s cel op Robbeneiland bezocht, met knikkende knieën. 27 jaar, zat hij daar. Ook een soort levenslang gestrafte, eigenlijk.’

Liever spelen voor dertig man in kleine zaaltjes of op tv voor een miljoenenpubliek?

‘Voor dertig man in kleine zaaltjes! Omdat je elke toeschouwer afzonderlijk ziet, je kunt ze voelen, je hoort ze ademen. Laatst speelde ik mijn solo Mei in Rotterdam en zag ik opeens bij een vrouw een traan over haar wang lopen. Toen moest ik even naar lucht happen. Het was zo mooi, zo intiem. Financieel is een grote tv-rol natuurlijk gunstiger, maar emotioneel geeft dit me veel meer.’

Beeld Frank Ruiter

Wanneer kreeg jij je mooiste rollen, vroeger of nu?

‘Deze rol van Luc is fantastisch, maar ik vind eigenlijk dat ik wel wat meer mooie, grote rollen zou mogen krijgen. In de tv- en toneelwereld is de laatste jaren veel veranderd: er zijn nu veel meer kansen voor acteurs van kleur, maar op de een of andere manier profiteer ik daar nauwelijks van. Terwijl, toen ik net begon had ik juist enorm veel geluk. Van de paar zwarte acteurs die er toen waren had ik steevast het meeste werk. En omdat ik kon kiezen, stelde ik hoge eisen: nee, ik ging geen junk of crimineel spelen, doe het zelf! Ik had zo veel kapsones. Maar daardoor speelde ik wel artsen en rechters.

‘Nu hoor ik soms van jonge acteurs van kleur dat ik toen een soort voorbeeld voor ze was. Zij zagen mij op tv, in die toffe rollen, en beseften daardoor: dat kan dus ook. Werner Kolf, een heel goeie jongen en een fantastische auteur, heeft mij daar letterlijk voor bedankt. Joh, ik smolt helemaal.

30 of 60?

‘30, dat was rond de tijd van Zeg ’ns Aaa. Ik was jong, ambitieus, stond aan het begin van mijn carrière. Maar toch vind ik 30 niet beter dan 60. Het ging toen echt alleen maar om werk-werk-werk. Het was ‘ik werk, dus ik ben’; zonder dat werk dacht ik dat ik niks waard was. Maar dat is onzin natuurlijk.

‘Hoe dat inzicht is ontstaan? De tijd doet veel. Maar er waren ook twee grote aardverschuivingen die daaraan hebben bijgedragen. Rond mijn 33ste, de leeftijd van Jezus toen hij stierf, heb ik een grote inzinking gehad. Ik had de neiging om veel te veel op te gaan in een rol, ik was een totale workaholic, gedreven, manisch bijna. Ik wil er niet te veel over uitweiden, maar op zeker moment heb ik een psychose gekregen, en zelfs even in een psychiatrische instelling gezeten. Met de hulp van psychiater Wilco Tuinebreijer, die een goede vriend is geworden, kwam ik er weer bovenop.

‘Zo’n psychose is heel bedreigend, je ziet overal gevaar. En alleen in mijn kamertje in die instelling voelde ik me veilig. Dat herken ik heel erg in dit stuk. In de tekst staat: ‘Een mol ben ik, die zijn kop boven de aarde uitsteekt, maar het licht is te hel. (…) Beneden is het broeierig en pikkedonker maar ook behaaglijk en veilig.’ Als Luc dat zegt, in het stuk, snap ik wat hij bedoelt. Dat ik op dat kamertje zit en ein-de-lijk rust voel.

‘Een paar jaar na die inzinking werd ik vader, ook dat heeft de dingen meer in perspectief geplaatst.’

Drukbezet acteur of betrokken gezinsman?

‘De gezinsman! Natuurlijk! Als jonge ambitieuze acteur denk je dat je de wereld gaat veranderen. Maar inmiddels besef ik dat het niet zoveel uitmaakt wat je doet. Je moet je best doen om het juiste te doen, en de rest is lullen in de ruimte.

‘Dat klinkt een beetje nihilistisch maar dat bedoel ik absoluut niet zo. Het gaat om het inzicht dat andere dingen belangrijker zijn. Zoals mijn dochter, en mijn vrouw. De ganzen onder mijn balkon. Of de geduldige toewijding en liefde waarmee de hoveniers daar beneden hun werk doen. Als ik die zo observeer, kan ik echt denken: ja, ik wil hovenier worden. Misschien later, als ik groot ben.’

Een van ons, een productie van Stichting Blocknotes en het Bijlmer Parktheater, gaat zaterdag 31 oktober in première in het Bijlmer Parktheater. Info: bijlmerparktheater.nl

Kenneth Herdigein

1959 Geboren in Paramaribo

1972 Komt naar Nederland

1979-1983 Toneelschool in Amsterdam, treedt toe tot het Werkteater

1984 Op zoek naar Yolanda

1987-1993 Dokter John Wijntak in Zeg ‘ns Aaa

1993-nu Talloze rollen in films en tv-series zoals Baantjer, Keyzer & de Boer Advocaten, Unit 13, Goede Tijden, Slechte Tijden, SpangaS, Overspel en Moordvrouw

2002 Speelt Desi Bouterse in Paramaribo Papers

2010 & 2016 Speelt Nelson Mandela in Amandla! Mandela

2015 Jago in Othello van ZEP

2017 De Gevangenismonologen

2020 Rol in De Kersentuin op festival Karavaan, solo Mei, Luc in Een van ons

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden