Wederom kritiek op Holocaustmonument

De burgemeester van Berlijn, de christen-democraat Eberhard Diepgen, wil een nieuw ontwerp voor het holocaustmomument in de Duitse hoofdstad. De Amerikaanse beeldhouwer Richard Serra, wiens ontwerp na rigoreuze aanpassingen leek te worden gekozen, heeft zich uit protest teruggetrokken....

Van onze correspondent

Willem Beusekamp

BONN

Volgende week moet de Berlijnse senaat zich uitspreken over het door Eisenman en Serra ontworpen labyrint van vierduizend betonnen palen in het centrum van de stad. Het abstracte kunstwerk gooide begin dit jaar hoge ogen, maar werd vlak voor de definitieve keuze in maart alsnog afgewezen.

Serra heeft zich nu definitief teruggetrokken. Eisenman probeerde het opnieuw. De aangepaste maquette bevindt zich in het Historische Museum in Berlijn, maar wordt angstvallig voor het publiek verborgen gehouden.

Afgelopen weekeinde bleek waarom: burgemeester Diepgen vindt de Amerikaanse inzending nog steeds 'te monumentaal en willekeurig'. Zondag kondigde hij aan volgende week dinsdag in de senaat met een 'acceptabel voorstel' te komen hoe de zes miljoen vermoorde joden ruim vijftig jaar na de holocaust alsnog waardig kunnen worden herdacht.

Diepgens coalitiegenoten van de SPD maken daaruit op dat Diepgen helemaal geen monument wil, waardoor thans dreigt wat alle betrokkenen hadden willen voorkomen: het monument gaat een rol spelen in de lopende verkiezingscampagne.

Zover is het in feite al, nadat de beoogde federale minister van Cultuur uit het schaduwkabinet van kanselierskandidaat Schröder - hij heet Naumann - het aangepaste model van Eisenman had vergeleken met een werk van Albert Speer, de megalomane architect van Adolf Hitler. Deze vergelijking, aldus kanselier Kohl, bewijst dat Schröder de verkeerde mensen naar Bonn wil halen en geen historisch besef heeft.

Duidelijk is dat de voor- en tegenstanders van het monument zich in alle politieke partijen bevinden, al meent burgemeester Diepgen - die het eigenlijk met Naumann eens is - dat de SPD het debat misbruikt in de campagne voor de Bondsdagverkiezingen. Diepgens CDU-wethouder van Cultuur, Peter Radunsky, laat doorschemeren dat hij volgende week vóór het aangepaste ontwerp wil stemmen.

Tien jaar lang discussieert Berlijn over een holocaustmonument naast de Brandenburger Tor. Het project wordt ondersteund door de federale overheid, de stad Berlijn en een particuliere vereniging. In 1994 volgde een openbare inschrijving, met als resultaat een bizarre collectie van 528 min of meer goed bedoelde, maar volstrekt ongeschikte inzendingen. Niettemin wees de jury een winnend ontwerp aan, een gekantelde betonnen plaat ter grootte van twee voetbalvelden. Kanselier Kohl persoonlijk sprak zijn veto uit.

Vervolgens werden op aandrang van de Bondsdag drie colloquia gehouden met internationale experts. Een handvol kunstenaars werd uitgenodigd voorstellen in te dienen.

In december 1997 was het resultaat in een Berlijnse galerie te bewonderen. Ook voor professionele artiesten als Daniel Libeskind, Jochen Gerz, Serra en Eisenman bleek de opdracht vrijwel onmogelijk. Alle ontwerpen blinken uit in onvoorstelbare dimensies, conform de misdaad die het monument moet uitbeelden.

De Hongaarse schrijver György Konrad, directeur van de Berlijnse Akademie der Künste, verwoordde de kritiek als volgt: 'Alle inzendingen zijn pedagogische kitsch.' Hij verweerde zich tegen 'een oord vol verschrikking en beklemming' met de provocatieve suggestie in het centrum van de hoofdstad een 'tuin van vreugde' te scheppen, 'een cadeau van de vermoorde joden aan de Berlijners.'

Het voorstel van Serra/Eisenman kreeg de voorkeur, niet dan nadat de twee Amerikanen opnieuw aan de slag moesten met een verkleinde versie. Onopgemerkt door het publiek verdween het aangepaste model in het Historisch Museum, waar uitsluitend vooraanstaande politici en kunstcritici er een blik op mochten werpen.

Met als resultaat de afgelopen weken een nieuwe stroom van publicaties in alle Duitse media, die samengevat tot de volgende conclusie leiden: de discussies over het monument zijn geëindigd in een loopgravenoorlog, niemand weet meer een uitweg.

Kanselier Kohl wenst echter 'een snelle beslissing', wat in dit verband merkwaardig klinkt. Zijn minister van Buitenlandse Zaken, Klaus Kinkel, pleit voor uitstel tot in ieder geval na de verkiezingen. Andere kabinetsleden, onder wie Volker Rühe van Defensie, sloten zich hierbij afgelopen weekeinde aan.

Inmiddels heeft het monument ook de aandacht getrokken van alternatieve kunstenaars. Bij wijze van experiment plaatsten enkele Berlijners een nepadvertentie waarin het terrein naast de Brandenburger Tor door de overheid te koop wordt aangeboden.

Niet minder dan veertig serieuze projectontwikkelaars liepen storm in de hoop het waardevolle terrein voor andere projecten te mogen gebruiken. Hun reacties zijn verzameld en worden binnenkort als kunstobject tentoongesteld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden