'We zoeken grens van wat geloofwaardig is voor publiek'

Een nieuwe generatie theatermakers staat klaar. Games, poëzie, ze maken er veelvuldig gebruik van. Vijf talentvolle twintigers pakken de vergrijzing in de theaters aan. Met verve.

Coen Cornelis.Beeld Verena Blok

Coen Cornelis

Nog voordat Coen Cornelis één woord van zijn nieuwe theatertekst Alles (en meer) op papier had, wist hij: dit moet een voorstelling worden met de opbouw van een popconcert. Heftig, met korte spanningsbogen en een hoge dynamiek. Alsof de auteur in een lsd-trip heeft zitten tikken, springt het op de pagina's van het ene jongmens naar het andere, allemaal overrompeld, allemaal zoekend, in een kakofonie aan stemmen:

Sugar rush zuigt me op/Het is een kwestie van tijd / Maar ik ben mij, schijnbaar, ben ik / En verdwalend draai ik / Wervel en zwerf over landen en heuvels / Vind ik bladeren / Likkend van honing en alles slechts schemerend in mijn hoofd'

Lsd?', zegt Cornelis in een Utrechts café. 'Nee hoor. Koptelefoon op en mee in de trance van de muziek. Zo zet ik alle sluizen open.'

De afgelopen maanden werkte hij, op initiatief van De Tekstsmederij (zie kader) samen met de jonge regisseur Olivier Diepenhorst, aan de tekst die deze maand in Theater Bellevue wordt voorgelezen. Tijdens het eerste gesprek dat ze erover voerden zei hij: 'Ik wil geen thema en geen vorm afspreken, ik ga schrijven en ik zie wel.' Na een paar maanden lag er een veelheid aan losse fragmenten, die hij intuïtief in een volgorde zette. 'Toen kwam er toch een thema naar voren: hoe moeilijk het is om met je voeten op de grond te blijven in een wereld met zo veel mogelijkheden en zo veel impulsen.'

Best ongewoon voor een jongen van 26: hij heeft geen smartphone en thuis geen internetverbinding. Als hij een mail verwacht, fietst hij naar de ­bibliotheek. 'Ik check daar ook altijd even Facebook en dan word ik meteen zo overspoeld door informatie dat ik er draaierig van word.' Het is misschien het restant van een christelijke opvoeding: Cornelis is lid van een baptistengemeente. In Alles (en meer) is God dan ook niet ver weg. Zijn tekst ademt op elke pagina een zoektocht naar de zin van het leven. Ja, beaamt hij: zingeving is zijn thema. 'Ik wil niemand iets opdringen, maar ik gun anderen mijn geloof ook - het geloof dat er iemand is die van je houdt, van wie je zwak mag zijn en mag falen.'

In 2013 studeerde hij af aan de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht (richting Writing for Performance). De opleiding is hofleverancier van jonge toneelschrijvers. Hij oefent zich in theater en poëzie. 'Ik wil ook graag science­fictiontoneel gaan maken, in de sfeer van 2001 A Space Odyssey en District 9. Ik vind het spannend om te onderzoeken hoe je een geloofwaardig alternatief van de werkelijkheid kunt scheppen, dat iets zegt over onze werkelijkheid.' Mooi voor hem: Theater Bellevue heeft interesse getoond.

Alles (en meer), 29/4, De Tekstsmederij, Theater Bellevue, Amsterdam.

Waar Te zien

Waar kun je - los van de theaters - werk van pas afgestudeerde theaterschrijvers nog meer zien?

De Tekstsmederij

Opgericht door Timen Jan Veenstra en Malou van Zuydewijn. Gelieerd aan Theater Bellevue in Amsterdam. Begeleidt jonge schrijvers en regisseurs, organiseert vier keer per jaar een bijeenkomst waar steeds één duo een nieuwe theatertekst voordraagt. Sinds kort ook een tak in Rotterdam.

De Kosmonaut

Productiehuis voor nieuwe theaterteksten. Maakt voorstellingen op basis van nieuw werk van veelbelovende schrijvers van Nederland. Te zien tijdens Vertigo, jaarlijks terugkerend festival voor nieuwe theaterteksten.

Iona Daniel en Rineke Roosenboom

Met een pitch voor een voorstelling over geheime genootschappen, begeleid door de band Shaking Godspeed traden ze eind 2014 toe tot het talentontwikkelingsprogramma Orkater/De Nieuwkomers: de roodharige Iona Daniel (25) en Rineke Roosenboom (26) - beiden toneelschrijver en klasgenoten aan de HKU, lichting 2012. Ze hadden Rineke's vader meegenomen, oprichter van de woongemeenschap waar het tweetal was opgegroeid en waar alleen jongens lid konden worden van het genootschap dat zich op het binnenplein bevond. Dat was althans het verhaal.

Het idee voor een voorstelling over geheime genootschappen ontstond nadat ze drie korte voorstellingen over fans hadden gemaakt. Roosenboom: 'We zochten een nieuw maatschappelijk verschijnsel om te onderzoeken. Geheime genootschappen fascineren ons. De behoefte de wereld klein en overzichtelijk te maken begrijpen we; lid worden van een geheim genootschap is daar een extreme vorm van. Je schept verhoudingen waarin je begrijpt wat je rol is en jouw positie ten opzichte van de ander. Dat maakt het aantrekkelijk, maar ook eng en gevaarlijk.'

Mockumentary op toneel: zo noemen Daniel en Roosenboom wat ze maken: documentair theater gemengd met fictie. 'We zoeken de grens op van wat nog geloofwaardig is voor het publiek', zegt Roosenboom. En Daniel: 'Theater is een afspraak tussen makers en publiek: voor de duur van het stuk geloven we dat wat er wordt opgevoerd, waar is. Wij zijn benieuwd hoe publiek reageert op de informatie die we geven als er twijfel ontstaat.'

Zelf spelen ze mee. Extra uitdaging, zegt Roosenboom: 'We zijn geen acteurs, dus bij elke zin die je schrijft, denk je: kan ik dit spelen? Dat maakt de teksten directer en vrijer dan wanneer we in opdracht van een gezelschap schrijven.'

Wat Daniel goed vindt, aan Roosenboom? 'Rineke kan in een paar zinnen een wereld neerzetten die niet de onze is, en toch geloofwaardig.' Andersom: 'Iona is vooral heel goed in het gedetailleerd uitwerken van een moment.'

Op de vraag: kunnen jullie leven van het schrijven, kijken ze elkaar aan. Roosenboom: 'Ik ben oppas van drie meisjes.' Daniel werkt voor een cateringbedrijfje. Niet om te klagen, maar sinds het wegvallen van de productiehuizen zijn veel talentontwikkelingsprogramma's vooral gericht op regisseurs. Hun talent willen ze dan ook breed inzetten. Voor het literaire tijdschrift Kluger Hans schrijven en tekenen ze nu hun eerste beeldverhaal, over een gezin waar een wild kind terechtkomt.

Niet gek opkijken dus, als er straks ook een kinderboek van hun hand verschijnt.

Iona Daniel en Rineke Roosenboom.Beeld Verena Blok

Sytze Schalk

Ronkende tekst op de website: 'Welkom in De Wentel, de nieuwe verhaalwereld van De Werelden van Schalk. Duik de wereld in van Lida, een groezelige fantasiestad vol verhalen waarin niet de helden en schurken centraal staan, maar juist de normale mensen: de ambtenaren, de bakkers en de soldaten. Hun lot ligt in jouw handen: jouw keuzen bepalen wie blijft leven en wie niet, en hoe de toekomst van Lida eruit komt te zien.'

Een game, denk je dan. Inderdaad: Sytze Schalk is het brein achter De Werelden van Schalk, opgeleid als toneelschrijver. Hij heeft subsidie van het Fonds Podiumkunsten gekregen om onder de vleugels van de Haagse Toneelalliantie te werken aan wat je gerust een reusachtig project mag noemen. Hij is geïnspireerd door het principe van choose your adventure: de gamer aan het stuur van zijn eigen verhaal. Of de lezer: als jongen las hij boeken waar je voor een keuze werd gesteld. 'Wil je dat de held overleeft, lees dan door op pagina 80.'

Dus nu schrijft Schalk aan een proloog van wat in november de voorstelling De revolutie wordt. Elke scène twee keuzen, het publiek kan middels een app op de smartphone, kiezen welke koers het verhaal volgt. 'Dit project is een onderzoek naar auteurschap', zegt Schalk. 'Hoe kun je ruimte bieden aan je publiek om mee te beslissen over je tekst, en toch een sterk verhaal vertellen? Tegelijkertijd is het ook een commentaar op de keuzevrijheid van mijn generatie. En op hoe democratie werkt. Straks zit jij in de zaal en kies jij verhaallijn a terwijl de rest b kiest. Wat is dan je stem waard? En hoe ga je ermee om dat de meerderheid beslist?'

Schalk noemt zichzelf geschiedenisfanaat. Het vroegmoderne Europa boeit hem het meest: 'Dichtbij onze tijd, en toch fundamenteel anders.' Het idee voor De Wentel kreeg hij na een aantal reizen naar Wit-Rusland, 'de laatste dictatuur in Europa. Ik had daar een beeld bij van onderdrukkers en helden in de oppositie. De realiteit is veel banaler: 95 procent van de bevolking is gewoon met het dagelijks leven bezig. In het protserige KGB-gebouw midden in Minsk zal wel worden gemarteld, maar er zitten ook ambtenaren formulieren in te vullen. Die mix van bizar en alledaags fascineert me. Daarom zijn de hoofdpersonen in mijn verhaal ook gewone mensen.'

Spannend nog: deze maand wordt tijdens de twintig minuten durende proloog Het meisje uitgeprobeerd hoe het 'smartphonetheater' werkt. Een ding staat sowieso vast: de koning, die gaat dood.

Het meisje, 28/4-1/5, Theater aan het Spui, Den Haag.

Sytze Schalk.Beeld Verena Blok

Eva Jansen Manenschijn

Eva Jansen Manenschijn (24) is niet hip. Dat zegt ze zelf, maar dat merk je ook als je met haar praat: ze is een serieuze jonge vrouw, groot bewonderaar van de schrijfster en regisseur Marguerite Duras (1914-1996).

Jansen Manenschijn is vorig jaar afgestudeerd met een opvallend volwassen stuk: On All Fours. Ze won er de IT's Ro Playwriting Award 2014 mee. 'Een intelligent uitgebot broeierig drama', schreef de jury over de monoloog waarin een vrouw het lichaam van haar overleden broer moet identificeren en in flarden hun incestueuze relatie herbeleeft. Het idee voor het stuk kreeg ze na het zien van een schilderij van Francis Bacon: Paralytic Child Walking On All Fours. Sinds Jansen Manenschijn op haar 14de een documentaire over de schilder zag, bewondert ze zijn werk. 'Om de rauwheid en de hoop, omdat hij zo goed is de mens in zijn diepste existentie te raken. Hij kan tot liefde leiden, maar ook tot destructie. Je ziet de levensdrift.'

Bij het Ro Theater begint ze vanaf januari 2016 met het schrijven van een nieuwe theatertekst. Tot die tijd heeft ze genoeg om handen. Ze is regie-assistent van Alize Zandwijk. Doet bij het Ro ook dramaturgie. Op verzoek van Meral Polat en Beppe Costa schrijft ze mee aan hun nieuwe productie Merals Harem. 'Beppe en Meral zijn echte verhalenvertellers, ik kijk naar hoe ik spanning in één moment kan brengen. Door woorden te herhalen, of in te zoomen op een klein detail.'

Beeld Verena Blok

Haar stijl is sober, kaal en poëtisch. In de keuze van woorden, zegt Jansen Manenschijn, zit haar engagement. Niet of ze over oorlog schrijft of asielzoekers. Nee, woorden kiezen die precies uitdrukken wat ze wil zeggen. Net als Bacon doet met verf. Land, damp, steen, huid: het tastbaar zintuiglijke ligt haar meer dan het grote gebaar. In haar stukken slacht iemand een oordeel - ze houdt ervan om een normaal beeld naast iets abnormaals te zetten, en bovendien: de verwijzing naar vlees maakt het woord nog eerlijker en meedogenlozer.

Ze hoopt stukken te schrijven waarnaar het publiek kijkt zoals naar een schilderij. 'Daar loop je op af, je vindt er iets van, staat er wat langer bij stil, ontdekt weer iets nieuws, herziet je mening. Veel theater is te lineair, werkt in een lange spanningsboog naar een catharsis of een oplossing of een ontknoping. Ik zelf hou ervan om te herhalen. En veel wit in de tekst toe te laten. Waar we haar over vijf jaar zien? 'Hoe populair de kleine zaal tegenwoordig ook is, met voorstellingen die inhaken op de actualiteit, de mythische, universele verhalen van de grote zaal moeten blijven. Daar ligt mijn ambitie.'

Merals Harem, 28/4, Toneelschuur Haarlem, daarna tournee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden