‘WE BLIJVEN EEN DUO’

Er leek sprake van een breuk, een muzikale scheiding der geesten tussen Big Boi en André 3000. Maar nu komt hiphopformatie OutKast toch met een nieuwe plaat....

Is er ruzie binnen OutKast, makers van hiphop extraordinaire uit Atlanta, Georgia? Kunnen de oude schoolvriendjes André 3000 en Big Boi elkaar niet meer uitstaan? De laatste jaren waren de geruchten over een op handen zijnde breuk hardnekkig, en ze leken ook nog te worden gestaafd door de feiten: het vorige OutKast-album (2003) bestond uit twee soloplaten in een doosje (Speakerboxxx van Big Boi en The Love Below van André 3000). Toen ze vervolgens aankondigden niet op tournee te zullen gaan, was de conclusie gauw getrokken. Zelfs de zoete smaak van het succes (er werden meer dan tien miljoen exemplaren verkocht, en Drés Hey Ya! werd een wereldhit) kon het tij niet meer keren, zo leek het.

Nu zitten ze naast elkaar in een hotelsuite met panoramisch uitzicht over hun thuisstad Atlanta. En het moet gezegd: van bonje, of zelfs maar een bekoelde relatie, lijkt geen sprake. Ze staan journalisten te woord over hun nieuwe project Idlewild, dat bestaat uit een dit weekend verschijnend album en een door Bryan Barber geregisseerde speelfilm annex in de jaren dertig spelende ‘hiphop musical’, die in de VS tegelijk met de plaat uitkomt, maar in Europa pas in 2007 gaat draaien.

Ze zitten hier al dagen achtereen, Dré en Big Boi: samen op de tweezitter, van ’s ochtends meteen na het ontbijt tot na zessen ’s avonds. Ze ogen ontspannen, doen geen pogingen elkaar tijdens het gesprek vliegen af te vangen en bekronen elke geslaagde grap met gejoel en een kletsende high five.

De verhalen over een breuk? ‘Ach, wat doe je eraan?’, zegt Dré (1975; echte naam André Benjamin), de mad genius, alom erkend als de meest avontuurlijke en vernieuwende helft van OutKast. ‘Twee soloplaten en geen tournee. . . Dan komen de kulverhalen vanzelf. Dat hou je niet tegen.’

‘Allemaal bullshit’, gromt Big Boi (1975; echte naam Antwan A. Patton), de zwijgzame, die geldt als het hiphopgeweten van het duo. ‘We schieten geen politieagenten dood en zijn zelf ook nog niet doodgeschoten. Kennelijk vond men het na twaalf jaar tijd voor een sappig verhaal. Niet geloven, dog, niet geloven.’

Twaalf jaar geleden verscheen het OutKast-debuut, getiteld Southernplayalisticadillacmuzik. Hiphop uit de zuidelijke staten, tot dan toe een marginaal fenomeen, stond in één klap op de kaart. De reputatie van southern hiphop – goedmoediger en humorvoller dan die uit New York en Los Angeles, maar ook een tikje excentrieker – is voor een niet gering deel te danken aan OutKast.

Vooral op de twee meest recente albums (Stankonia uit 2000 en de dubbelaar Speakerboxxx/The Love Below uit 2003) groeide OutKast uit tot een van de belangrijkste vernieuwers in de zwarte popmuziek, naast mede-zuiderlingen als Timbaland en The Neptunes.

Maar de muzikale ontwikkeling van OutKast, van puur hiphopduo tot een muzikaal steeds eclectischer wordende studiogroep, leidde tot toenemende muzikale verschillen tussen Big Boi en Dré, de twee vrienden, die elkaar ontmoetten op de Tri-Cities High School in East Point, Georgia. Big Boi leek dicht bij de grondbeginselen van de hiphop te willen blijven, terwijl het André niet geflipt genoeg kon zijn: soul, dance, jazz, funk, blanke alternatieve pop, kitsch, experimentele producersfoefjes en teksten vanuit het perspectief van fictieve karakters – hij wilde het allemaal.

De grote verschillen tussen Big Bois hiphopplaat Speakerboxxx en Drés muzikale toverbal The Love Below leek een definitieve scheiding der geesten te markeren.

‘Het is waar dat we in de loop der jaren steeds meer los van elkaar zijn gaan werken’, zegt Dré. ‘Maar van ruzie is nooit sprake geweest. We blijven een duo: er zijn altijd momenten waarop we samenkomen en naar elkaars tracks luisteren. Dan geven we elkaar feedback en voegen we dingen toe aan wat de ander gemaakt heeft. Veel mensen denken dat we elkaar tijdens de opnamen van Speakerboxxx/The Love Below niet eens gezien hebben, maar zo gescheiden zijn we nooit geweest. Het moesten twee soloplaten worden, maar uiteindelijk hebben we nog best veel aan elkaars platen bijgedragen.’

Aan de muziek voor Idlewild werkten ze weer intensiever samen en voor het eerst in jaren stonden ze weer samen in de opnamestudio. Maar toch: er zijn dingen veranderd. Daarover verhaalt de film Idlewild, die door scriptschrijver en regisseur Bryan Barber (een oude vriend van OutKast) werd geschreven. Het is geen geheim dat de twee hoofdfiguren, de flamboyante clubeigenaar Percival en de bescheiden pianist Rooster, zijn gebaseerd op Dré en Big Boi, die beiden al eerder hun acteerdebuut maakten. In Idlewild spelen ze een soort parodieën op zichzelf, tegen de achtergrond van de Big Depression: Percival en Rooster groeien op als boezemvrienden, maar raken langzaam van elkaar verwijderd door verschillen in karakter en ambitie.

‘De karakters zijn door Bryan losjes op ons gebaseerd’, zegt Big Boi. ‘Maar niet meer dan dat. Het voelde niet alsof ik mezelf speelde.’

Dré: ‘Percival loopt anders dan ik, praat anders dan ik en denkt anders dan ik. In het script heeft Bryan Barber hem deels naar mij gemodelleerd. Maar ík geef hem gestalte en heb een filmkarakter van hem gemaakt.’

Vooral André 3000 had al langer filmambities. Zijn eerste echte rol speelde hij in Hollywood Homicide (2003), waarna hij opdook in onder meer Scary Movie 4 en – zijn eerste grotere rol – Four Brothers (2005). Big Boi nam kort na elkaar zijn eerste twee films op: Idlewild en ATL van Chris Robinson, die in de VS inmiddels in première is gegaan en behoorlijk succesvol is.

‘Acteren is leuk’, zegt Big Boi. ‘Ik ga het beslist vaker doen. Maar waar Dré zich honderd procent acteur kan voelen wanneer hij aan een film werkt, blijf ik altijd muzikant. En dan vooral rapper. Hiphop is een vuur dat diep in mij brandt. 24 Uur per dag.’

De muziek bij het Idlewild-project mag een aangename verrassing heten: OutKast heeft een opzienbarende, virtuoze feestplaat in elkaar geknutseld. Tracks als On Your Way To Heaven en When I Look In Your Eyes zijn pure jaren dertig swing, compleet met blazerssectie. Maar er zijn ook eigentijdse, funky hiphoptracks zoals we die de laatste jaren van OutKast gewend zijn, waaronder The Mighty ‘O’ en de aalgladde pastiche N2U.

Dré: ‘Ongeveer de helft van de tracks was al af toen het idee voor Idlewild ontstond. Bryan Barber heeft die songs als het ware zijn script in geschreven. De rest van de tracks is gemaakt voor Idlewild. We zijn ons gaan verdiepen in de clubmuziek van de jaren dertig.’

Op de platen die ze beluisterden, ontdekten ze voldoende elementen die ze vonden passen in het geluid van OutKast. Dré: ‘De blazers, de swing, de sexiness. Dat hebben we geïntegreerd in ons geluid. Die tracks zijn het resultaat van historische studie: vintage OutKast, noem ik het.’

Op het podium is Idlewild nog moeilijker uitvoerbaar dan eerdere OutKast-platen (je zou er alleen al een blazerssectie voor nodig hebben), maar dat is een zuiver hypothetisch probleem: een tournee kunnen we ook dit keer wel vergeten. Big Boi zou er nog wel voor te porren zijn (hij overwoog in 2003 even om rond het materiaal van Speakerboxxx een solotournee in elkaar te sleutelen), maar André 3000? Die krijg je met geen stok meer de planken op.

‘Neem een nummer als Hey Ya!’, legt hij uit. ‘Dat heb ik vier of vijf jaar geleden geschreven en opgenomen. Nu ben ik met heel andere dingen bezig. Praktisch, maar vooral ook in mijn hoofd. Op tournee gaan en mezelf elke avond moeten terugsleuren naar de tijd van Hey Ya!? Daar heb ik geen zin in. Ik vind het zonde van mijn tijd en ik denk niet dat ik dat standpunt nog ga wijzigen.’

Daarmee lijkt OutKast definitief een studioproject geworden. Daar heeft Big Boi, de rapper die stiekem blijft vinden dat je hiphop ‘naar de kids toe moet brengen’, het maar mee te doen. Gelukkig heeft hij het druk genoeg met ‘zijn eigen dingetjes’: hij bestiert een hondenfokkerij en richtte een stichting op die straatkinderen helpt, de Big Kidz Foundation. Maar het grootste deel van zijn tijd besteedt hij aan zijn platenlabel Purple Ribbon, waarop hij – meer dan in OutKast – zijn liefde voor ouderwetse hiphop kan blijven belijden: er verschenen al twee ouderwetse ‘mixtape-cd’s’, Got That Purp? en Got Purp Vol. 2.

Het is veelzeggend dat hij het label tot vorig jaar, onder de naam Aquemeni, samen met Dré runde. Maar die had er geen zin meer in en kocht zich uit, om zich meer te kunnen richten op zijn film- en televisiemaatschappij Moxie. Eerste grote klus: de tekenfilmserie Class Of 3000, die hij voor Cartoon Network produceerde. Dré spreekt zelf verschillende stemmen in en in elke aflevering is een gloednieuw OutKast-nummer te horen.

Zo gaan de dingen: de high school buddies van OutKast maken minder vaak dezelfde keuzes. Zo vergaat het Percival en Rooster in Idlewild ook. Dré: ‘Ze groeien samen op, maar dan moeten ze baantjes gaan zoeken en komen ze in verschillende buurten van de stad terecht. Daardoor zien ze elkaar minder vaak. Hun levens veranderen en hun verstandhouding daardoor ook. Het valt me alleen op dat veel mensen de verkeerde conclusie uit het verhaal trekken: de teloorgang van vriendschap en dat soort shit.’

Wat dan de juiste conclusie is? ‘Ik zie het zo: de vriendschap tussen Percival en Rooster verándert’, zegt hij, langzaam en met nadruk. ‘Door veelal práktische omstandigheden. Maar als je goed kijkt, zie je dat hij nog even diep zit als vroeger.’

Big Boi kijkt hem goedkeurend aan van opzij en knikt bedachtzaam. ‘That’s right, dog,’ zegt hij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden