Wat we weten van E.T.

Aanstekelijk boek

George van Hal schreef een aanstekelijk boek over de wetenschap in sciencefictionfilms.

Net als de meeste science-fiction zelf zijn ook de meeste boeken over de wetenschap achter science-fiction eigenlijk niet te harden. Uitleggerig getob over de werking van Luke Skywalkers lichtzwaard, de eventuele energetische haalbaarheid van wormgaten als tijdmachine in Interstellar, of het terugklonen van uitgestorven dino's in Jurassic Park: er komt altijd een punt dat de lezer de auteur wil toeschreeuwen dat het maar fílm is, hoor. Fic-tie. Een verhaal. En dat je ook als hoger opgeleide wijsneus een goed verhaal niet kapot moet checken.

Missers

Films, schrijft wetenschapsjournalist en cinefiel George van Hal, zijn geen documentaires en science-fictionfilms dus ook niet. Wat wel anders is aan het genre: dat wetenschappelijk en technisch ogende elementen een wezenlijke rol spelen. Wie op de wetenschap let, ziet die wetenschap en waarschijnlijk dus ook de missers van de makers.

Filmmakers gaat het uiteindelijk maar om één ding: het beeldverhaal. 'Correcte wetenschap kan dat verhaal beter maken. Als dat niet lukt, is het om te beginnen pech voor de wetenschap.'

Het blijkt precies de deemoedigheid die van Robots, aliens en popcorn wel een uitermate prettig boek maakt, de uitzondering op de regel. In plaats van nerdy gemopper over sullige missers en verkeerde vergelijkingen, maakt Van Hal een inspirerende en leerzame rondgang door delen van de natuurkunde, de robotica, de exobiologie, materiaalkunde en de kosmologie, en illustreert die steeds treffend met de films waarin ze opduiken of zelfs een hoofdrol spelen. Hoe ver is de zelfdenkende robot, is zijn vraag, en hij gebruikt handig Terminator en I, Robot. Hoe staat het met lichte harnassen, zoals superhelden als Iron Man die dragen en Batman. Wat denken we tegenwoordig over buitenaards leven, zoals dat opduikt in Alien, Independence Day en E.T.?

Pakkende verhalen

Mooi is dat Van Hal niet alleen zijn wetenschap op orde heeft, maar ook een echte sciencefictionfanaat blijkt, die alle films kent en alle scènes in zijn hoofd heeft, van de oude Godzilla tot de nieuwste Avengers. Niet voor niets produceert hij sinds jaar en dag het Science & Cinema programma in het Leiden International Film Festival. De laatste veertig pagina's van het boek zijn ook een handzame wetenschappelijke filmcanon, inclusief de vraag of de film überhaupt de moeite waard is.

Maar in Robots, aliens en popcorn is al die filmkennis prettig ondergeschikt aan de wetenschap. De einduitkomst van Van Hals pakkende verhalen is dat zowel in de wetenschap als de film de verbeelding aan de macht is en dat ze daarom graag leentjebuur bij elkaar spelen en inspiratie zoeken.

Het recentste voorbeeld daarvan is Christopher Nolans Interstellar, waarvoor de Amerikaanse theoretisch fysicus Kip Thorne nieuw rekenwerk deed om de animaties van het cruciale zwarte gat correct te krijgen. Dat die in de bioscoop eigenlijk te rood zijn, is voor Van Hal bijzaak. Hij stort zich met zichtbaar schrijfgenoegen liever in een kraakheldere uitleg van Einsteins relativiteitstheorie en sleept zijn lezers overtuigend mee de diepte van ruimte en tijd in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.