Review

Wat Oogzenuw tot een spectaculair boek maakt, is de verhalen in één beweging met elkaar vermengen

In een fenomenale stijl verbindt María Gainza verhalen over schilders met haar eigen leven. En passant deelt ze Picasso een corrigerende tik uit.

Dat gaat kennelijk in het Spaans, of in elk geval in Zuid-Amerika, gemakkelijker: pendelen tussen fictie en non-fictie, en tussen de eigen biografie en die van bewonderde kunstenaars, met humor en eruditie. De Mexicaanse Valeria Luiselli (1983) heeft er vanaf haar debuut Valse papieren furore mee gemaakt. Ongetwijfeld heeft de belezen María Gainza (1975) uit Buenos Aires, die werkt voor kunsttijdschriften, daar verheugd kennis van genomen. Zij kan het ook, laat ze zien in El nérvio optico uit 2014, dat nu is vertaald als Oogzenuw: op een volkomen natuurlijke manier schrijven over schilders waarvan ze doeken kent die ze niet uit haar hoofd krijgt, onnadrukkelijk iets vertellen over hun levens, en dan zonder inleiding overstappen op aangrijpende verhalen uit haar persoonlijk leven - over oma, een broer, een oom, een vriendin of zichzelf.

Waarom zouden we willen weten dat haar moeder nooit iets weg kon doen nadat ze op jonge leeftijd ineens had moeten verhuizen, dat María aan vliegangst lijdt, dat ze een ambitieuze vriendin heeft die ze nooit echt heeft leren kennen, en dat ze een excentrieke oom had die jaarlijks op het platteland op bezoek kwam en dan een fooi gebruikte om de trein te laten stoppen waar hij maar wilde, bij voorkeur in een weiland.

Dat zijn meestal heus aardige anekdotes. De verhalen die we daarnaast horen over de kunstenaars Dreux, Courbet, Toulouse-Lautrec en Schiavoni zijn eveneens de moeite waard. Maar wat Oogzenuw tot een spectaculair boek maakt, is de achteloosheid waarmee María Gainza deze verhalen in één beweging met elkaar kan vermengen. Kunst is geen extraatje in het leven, of een territorium dat je pas mag betreden nadat je er examen in hebt gedaan: wie goed kijkt, vindt altijd wat, zou het adagium van Gainza kunnen zijn.

Oogzenuw

(Non-)fictie
María Gainza
Uit het Spaans vertaald door Trijne Vermunt.
Podium; 188 pagina's; €19,99.

Die achteloosheid is een symptoom van een fenomenale stijl. Onderweg naar haar dertien jaar oudere broer in San Francisco, met wie ze nooit een hechte band heeft gehad, leest Gainza in een tijdschrift dat zenuwcellen tot vermenigvuldiging in staat zijn. Onze geest is niet onveranderlijk.

'Als dat waar was', schrijft ze, 'waren mijn broer en ik allebei niet meer de personen die we vroeger hadden gekend. De kans bestond dat onze nieuwe persoonlijkheden eindelijk wél bij elkaar zouden passen.'

Vlak na de kennismaking valt al de eerste ongemakkelijke stilte, en als ze een banier aan een gevel ziet dat een El Greco-expositie aankondigt, vraagt ze of hij zin heeft naar binnen te gaan. Hij kijkt wel uit. Hoe verder bij God uit de buurt, hoe beter, is zijn devies. Opgelucht gaat ze alleen naar binnen, 'maar zodra ik de zaal betrad, wist ik weer dat naar El Greco's werk kijken een gevecht is met jezelf'. Even is de broer uit het zicht, maar terwijl ze uit de doeken doet waarom El Greco intrigeert én irriteert, weet je dat die broer niet weg is en dat het verhaal over haar en hem nog afgemaakt moet worden - dat we pas helemaal begrijpen nadat we de voorgeschiedenis er bijgeleverd hebben gekregen.

Dat monteren is Gainza's specialiteit. En passant kan ze ook corrigerende tikken uitdelen. Picasso, de lafaard, hield in 1908 een banket voor de schuwe schilder Henri 'le Douanier' Rousseau, en zei achteraf dat het een grap was. 'Dezelfde Picasso die vervolgens Rousseaus hamsterde alsof het Coca-Cola in de woestijn was en zich twintig jaar later, toen hij zijn Guernica moest schilderen, opsloot in zijn atelier om in het geheim De oorlog van Rousseau te bestuderen, al zou hij dat nooit openlijk toegeven.'

Hoe weet ze zoiets? Het zal intuïtie zijn. Daar kan de Argentijnse inderdaad blind op vertrouwen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden