Beschouwing

Wat maakt We zijn er bijna! zo succesvol?

Televisie zonder cynisme

MAX' kijkcijfersucces We zijn er bijna! laat je in een paar minuten je laatste restjes cynisme overboord gooien. Waarom is het programma over oudere vakantiegangers op kampeertrip zo goed gelukt?

Vakantiegangers in We zijn er bijna! Beeld Omroep Max

De karavaan is in het voorjaar van 2014 neergestreken op een camping bij Avola, aan de oostkust van Sicilië. Het weer (regen, harde wind) valt vandaag wat tegen, maar niemand mort. Een van de vakantiegangers zegt monter: 'Alle weer is weer. Gewoon een T-shirtje eronder.'

Een dag later is een vrouw druk in de weer met een zwarte broek. Presentatrice Martine van Os licht toe: 'Anneke heeft op een klodder kauwgom gezeten en probeert het eruit te halen.' De broek heeft 's nachts in het vriesvak gelegen, maar de 'hele grote klodder' (Anneke) laat zich niet verwijderen.

Gelukkig komt Ed een fles wasbenzine brengen. Van Os: 'Oh ja, wasbenzine. Ouwe truc, slim!' Anneke, tevreden: 'Kijk eens, het gaat eruit. Volgens mij ben ik gered.'

Zonder cynisme
Inhoudelijk heeft de bond geen bemoeienis. Jaap van der Linden van Kampeerreizen ANWB: 'Wij organiseren de reis en meer niet.' Het succes heeft ook Van der Linden verrast. 'Kennelijk houden de mensen van respectvol gemaakte televisie zonder cynisme. Dit is een soort Big Brother, maar dan véél zachter en vriendelijker.' We zijn er bijna! heeft onder het personeel van Kampeerreizen ANWB geleid tot een vast ritueel. De eerste aflevering van het seizoen wordt altijd gezamenlijk bij een van de collega's bekeken. 'We nemen allemaal drank en eten mee en het is altijd heel gezellig.'

Kaarsvlekken

Het thema wordt op dag 21 van de kampeerreis van de ANWB van Noord-Italië naar Sicilië even vastgehouden. Henny worstelt met kaarsvlekken op haar tafelkleed. Van Os: 'Er zijn meer vlekken weg te werken.' Een hete strijkbout biedt uitkomst. Tot slot verwijdert een man vogelpoep van zijn caravan met wat afwaswater.

In de tv-hit We zijn er bijna! van Omroep MAX wordt een stoet caravans en campers gevolgd op een gezamenlijke buitenlandse kampeerreis van de ANWB. Voor de reeks die 20 juli begint op NPO 1, werd in Griekenland gefilmd. Vanaf de start in 2011 overtreffen de kijkcijfers, ruim één miljoen, alle verwachtingen. En dat ondanks de uitzendperiode, midden in de zomer.

De meeste deelnemers zijn 70 jaar of ouder. Ze doen de afwas, kloppen een deurmat uit, gaan op excursie naar een chocoladefabriekje, schillen aardappelen, zwemmen in zee, genieten van een fraaie zonsondergang, legen giechelend het chemisch toilet, bakken een ei of kopen tomaten op de plaatselijke markt.

Martine van Os, presentatrice van We zijn er bijna! Beeld ANP

Havermout

Als ze ontbijten met een kom met een onduidelijke substantie, zegt Martine van Os: 'Wim en Emmy eten zoals elke ochtend hun portie havermout.' De buurman vindt het maar vreemd, hij gruwelt van havermout.

Het zijn de dagelijkse beslommeringen van senioren in den vreemde, reislustige types die elkaar tot steun zijn en - geruststellend - altijd een beroep kunnen doen op de technische en toeristische begeleiders van de ANWB. Ze zeggen dingen als 'lekker geslapen, mooi weer, wat wil je nog meer' en frummelen een plastic zakje om de trekhaak van hun auto.

Van Os: 'Wat is dat?'

Man: 'Een boterhamzakje.'

Van Os: 'Waarom doe je dat?'

Man: 'Dat is tegen het kraken. Hij kraakt heel erg. Met een boterhamzakje is het over.'

Superlullig burgermansbestaan

Voor wie nog twijfelt, of denkt dat bovenstaand betoog een door en door cynische schets is van het superlullige burgersmansbestaan van ANWB-leden die figureren in een programma van - ook dat nog! - Omroep MAX: We zijn er bijna! is een onweerstaanbaar televisieprogramma. De vraag is hoe dat komt.

Eerst de achtergrond. De bron van We zijn er bijna! zijn twee programma's die de KRO in 2007 en 2008 maakte met Derk Bolt als reisleider, Gezellig naar de Krim en Gezellig naar Marokko.

Bedenkster en maakster Claudine Everaert koos drie jaar later voor een milde variant en vond een gelijkgestemde bondgenoot: Martine van Os. Het programma kreeg een ander jasje, zegt Van Os. 'Minder cynisch.'

Everaert en Van Os werkten onder meer samen bij het tv-programma Lieve Martine dat ze tussen 1994 en 2000 voor de KRO maakten. Met haar bedrijf Alalena Mediaprodukties is Everaert ook de producent.

Beeld Omroep Max

Observant

Aan de eerste reeks van We zijn er bijna!, een kampeerreis op Corsica, ging volgens de presentatrice 'langdurig gepuzzel' vooraf. Aanvankelijk was het plan om Van Os in een caravan deel uit te laten maken van de groep. Dat idee werd aangepast. Om de afstand met de reizigers te bewaren, werd haar rol opnieuw gedefinieerd.

Van Os werd een 'nieuwsgierige observant', een toeschouwer die een van de twee cameraploegen vergezelt. Ze loopt rond op de camping, gaat mee op uitstapjes en verbindt scènes met elkaar. Voor een bezoek aan de kathedraal in Syracuse op Sicilië: 'Maar eerst is er koffie.'Waarna beelden worden getoond van koffiedrinkende Nederlandse vakantiegangers. Sommigen hebben er een gebakje bij besteld. Het oogt gezellig.

Van Os sloeg sinds 2011 geen zomer over. Ze was op Corsica, in Andalusië, drie Balkanlanden, in Italië en, afgelopen voorjaar, in Griekenland. Het is vijf, zes weken aanpoten, zegt ze.

Saaiheid

'Oh God, daar gáán we weer, denk ik elk jaar weer. Maar dat gevoel verdwijnt snel.' Wat het werk zo aantrekkelijk maakt? 'Ik vind het oprecht leuk om die mensen te leren kennen en naar hun grote en kleine verhalen te luisteren.'

Ze was er destijds niet van overtuigd dat het programma zou aanslaan. 'Ik vertrouw Claudine enorm, maar wat moest dit precies worden? Er gebeurt niks op zo'n camping, het is allemaal best saai.'

Wat een nadeel leek, de vermeende saaiheid, werd een voordeel. Van Os vertelt dat zij en Claudine Everaert lichtelijk nerveus waren toen ze met Jan Slagter naar de eerste uitzending keken. De voorzitter van Omroep MAX is een ongeduldige man, een workaholic met weinig zitvlees.

'We waren bang dat Jan te onrustig is voor zo'n programma. Maar hij vond het heerlijk, hij werd er rustig van. Toen hij een veld met gele bloemen zag, zei hij dat hij daar dolgraag wilde zijn.' Slagter: 'Ik was meteen verkocht.'

Makkelijk kort kapsel

De vraag is hoe dat komt; hoe het komt dat meer dan een miljoen mensen genoegen beleven aan een zomers tv-programma waarin het lome ritme van een vakantiedag op een keurige camping alleen wordt doorbroken door een klodder kauwgom die door een vrouw met een makkelijk kort kapsel uit een zwarte korte broek wordt gepeuterd.

De voornaamste subvraag: wat maakt We zijn er bijna! zo aantrekkelijk dat het een breed publiek trekt, jongeren en ouderen?

Wat als eerste opvalt, is de afwezigheid van cynisme. Niemand wordt geëxploiteerd of te kijk gezet, iedereen wordt in zijn waarde gelaten. De cynische voice-over ontbreekt.

Ik wil niemand belachelijk maken, zei Claudine Everaert twee jaar geleden in de Volkskrant. Van Os: 'Mijn vakantie is het niet, maar ik treed de mensen met open vizier tegemoet, zonder vooroordeel. En cynisch zijn we nooit. We moeten soms lachen, maar de mensen lachen ook om zichzelf. Dat laten we graag zien.'

Beeld Omroep Max

Gemoedelijk

We zijn er bijna! houdt het midden tussen een reisprogramma met toeristische tips en een tamme realitysoap. Het tempo ligt laag. Het is slow television met een rustgevend effect. De muziek sluit aan bij de getoonde scènes: melancholische klanken bij landschappen, Italiaanse filmmuziek op de camping.

Gemoedelijk, dat is het woord waarvoor Jan Slagter kiest. 'Vaak wordt een beeld geschetst van ouderen waarin de kommer en kwel overheersen. Deze mensen zijn op vakantie, ze eten een salade en drinken een goedkope fles rosé en hebben het hartstikke gezellig met elkaar.'

Hij herinnert zich van de vorige reeks de vrouw die achter haar caravan was gaan zitten om te voorkomen dat iedereen zou zien dat ze krulspelden had ingedaan. 'Maar ze liet zich wel gewoon filmen. Dat is toch fantastisch?' Nog een voorbeeld: 'De man die zijn nieuwe auto aan gort reed. Er zat een enorme kras op. Zegt die man: ach, het valt wel mee. Ik vind dat geweldig.'

Dit is het echte leven, zegt Slagter. Niets is in scène gezet, niets is verzonnen. 'Zó gaan mensen op vakantie; gewone mensen, geen BN'ers. Ze voeren gesprekjes over het dagelijks leven en genieten van hun vakantie.'

Pluk de dag

Rust en optimisme zijn volgers Van Os de pijlers van het programma. 'We dragen het pluk-de-daggevoel uit. Er is een wereld van dood en verderf, van pessimisme, van snelheid en harde geluiden. Wij laten een andere wereld zien. Dat slaat aan, daar hebben mensen behoefte aan.' Het is de wereld van snijboontjes bij het avondeten en vers brood bij het ontbijt. Op de camping in Avola hangt toeristisch begeleider Ria een stuk papier op het mededelingenbord, naast de uitslagen van het jeu-de-boulestoernooi. Het is de broodlijst.

Van Os: 'De broodlijst? Mensen geven op wat ze willen en jij gaat dat dan in het winkeltje halen?' Ria: 'Ja, dan bestel ik dat. Voor morgen vraag ik of het iets eerder kan, omdat we een excursie hebben. Dan kunnen ze nog op tijd een broodje eten.'

Daarna zien we hoe Dick (gebruind, bloot bovenlijf) een stormband maakt om aan zijn caravan te bevestigen. Van Os kijkt nieuwsgierig toe en luistert naar zijn uitleg. Heb je een stormband nodig, vraagt ze. Nee, zegt Dick, dat niet.

We zijn er bijna!, vanaf 20/7 bij Omroep MAX, 21.25 uur, NPO.

Beeld Omroep Max
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.