'Wahnsinn', en de menigte trok westwaarts

Bij Bahnhof Friedrichstrasse in Oost-Berlijn was na half acht 's avonds niemand te bekennen. Een half uur tevoren had Günter Schabowski in het perscentrum aan de Mohrenstrasse verteld dat DDR-burgers naar het Westen mochten reizen....

'Vanaf wanneer?', informeerde een Italiaanse collega.

Schabowski las van een papiertje: 'Unverzüglich. Ab sofort.' Het was het startschot voor tienduizenden Oost-Duitsers om te gaan kijken of het werkelijk waar was.

De run op de Berlijnse Muur was nog niet begonnen, toen ik in de hal van station Friedrichstrasse een paar straalbezopen mannen trof, die grenspolitie toelalden: 'Wij mogen de grens over, het was op de televisie.'

De grenspolitie wist van de nieuwe regeling, want op mijn vraag wanneer de grens openging, luidde het antwoord: 'Morgenvroeg.'

Bij Checkpoint Charlie, zo'n achthonderd meter verwijderd van station Friedrichstrasse, verzamelden zich enkele tientallen nieuwsgierige omwonenden. 'Gaat de grens hier open?', informeerde ik. 'Dit is een grenspost waar de grote mogendheden het voor het zeggen hebben, mijnheer! Deze grenspost kan niet open', klonk het bits uit de mond van de grenswacht.

Maar de stemming veranderde, toen na half elf ver van Friedrichstrasse, Checkpoint Charlie en Brandenburger Tor, de grenswacht in de Bornholmer Strasse bezweek voor de druk van de menigte. Volgens partijchef Egon Krenz had hij na krijgsberaad met Stasichef Erich Mielke de geest uit de fles gelaten. 'Hast recht, mein Jung', zou Mielke gemompeld hebben.

Na middernacht gingen onverwachts de slagbomen bij Checkpoint Charlie ook omhoog. Huilend en 'Wahnsinn' schreeuwend drong de menigte westwaarts. Een enkele vrouw aarzelde nog, keek om naar de woontoren waar haar kinderen sliepen.

Misschien mogen we niet terug, vertelde ze me. Er was angst in haar stem. Zij deed toen maar wat velen deden: even een voet op West-Berlijnse bodem en vervolgens snel weer terug de DDR in.

Ik nam een taxi naar de Bornholmer Brücke. Duizenden Trabi's stonden er kriskras geparkeerd, de brug was leeg en onbewaakt. Met een van de bussen, die de West-Berlijnse regering intussen had ingezet, bereikte ik de Brandenburger Tor, waar jongeren uit Oost en West onder het oog van verbaasde en van blijdschap snikkende Berlijners op de Muur dansten en er stukken beton uit hakten - het was immers de nacht waarin de Mauerspecht werd geboren.

Door naar de Kurfürstendamm, zoals altijd feestelijk verlicht. Maar alles was daar gesloten. Een niet aflatende stroom toeterende Trabis - met almaar 'Wahnsinn' schreeuwende passagiers - maakte een haastig rondje Ku'damm rondtuften alvorens zich weer naar Oost-Berlijn terug te spoeden.

'We wilden het hier even gezien hebben voor ze de grens weer sluiten', riep een bestuurder me toe.

Bij het krieken van de dag arriveerde ik bij de grensovergang Friedrichstrasse. Het was er stil. Ik realiseerde me dat ik mijn Zählkarte, een doorlaatbewijs dat je altijd bij je moet hebben, in het hotel had gelaten. De grenswacht wuifde me gelaten door; ook de juffrouw voor de Zwangsumtausch - de verplichte omwisseling van DM in Mark Ost - ontbrak.

Enkele uren later interviewde ik in het perscentrum aan de Mohrenstrasse de voormalige Oost-Duitse superspion Markus Wolf. Zijn eerste reactie op de val van de Muur: 'Wat hebben die idioten nu weer gedaan?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.