Interview

Waarom we vrij zijn als we denken

Interview filosoof Markus Gabriel

Neurologen, biologen en postmodernisten krijgen er ongenadig van langs in zijn boeken. Een pittig gesprek met de spraakmakende Duitse filosoof Markus Gabriel.

Markus Gabriel Foto Markus Hintzen / HH

Markus Gabriel (35) is de jonge god van de Duitse filosofie. Op zijn 29ste werd hij hoogleraar en daarmee was hij de jongste filosofieprofessor van Duitsland. Waar de meeste professoren vooral doceren over het denken van de grote filosofen, heeft Gabriel zijn eigen stroming ontwikkeld: nieuw realisme. Dat is een strak dichtgetimmerd begrippenapparaat, al doen zijn boeken dat op het eerste gezicht niet vermoeden. Die zijn juist speels en zitten vol met alledaagse voorbeelden, grappige overdrijvingen en verwijzingen naar populaire cultuur. Ze gaan over winkelen in de supermarkt, tekenfilms en het bestaan van de eenhoorn. En daar heeft hij veel succes mee; Waarom de wereld niet bestaat is een metafysische bestseller.

Volgende week verschijnt zijn nieuwste boek in het Nederlands, Waarom we vrij zijn als we denken, ook weer een werk dat, zoals hij het zelf zegt, iedereen die een beetje moeite doet, zou moeten kunnen begrijpen, maar dat tegelijkertijd bloedserieuze pretenties heeft, zoals de ondertitel direct al verraadt: Filosofie van de geest voor de eenentwintigste eeuw. Zijn boeken zijn vooral ook polemisch, zijn vijanden - neurologen, biologen, structuralisten, postmodernisten - krijgen er ongenadig van langs. Wat is er eigenlijk mis met het postmodernisme?

'Het is een illusie gebleken. 1989, de val van de Muur, leek het mooiste moment ooit. Juist daardoor kreeg het postmodernisme zijn kracht. Eigenlijk was die postmoderniteit een groot feest, dat duurde van 1989 tot 2001, om precies te zijn tot 11 september van dat jaar. Het waren de gelukkige emancipatoire jaren negentig. Maar dat feestje was dus een illusie.'

Dan heb ik wel genoten van die illusie!

'Natuurlijk, het leek mij toen ook fantastisch. Het waren de jaren van mijn vorming. Het voelde als: 'dit is goed, dit is goed!' Maar toen kwam de waarheid van het postmodernisme: 9-11. Degenen die niet waren uitgenodigd, kwamen opeens langs om ons feestje te verpesten. En wij dachten juist dat we iedereen hadden uitgenodigd. We zagen niet dat er mensen waren die niet mee konden doen. Het was misschien wel beter geweest om ze expliciet niet uit te nodigen, dan erken je hun aanwezigheid tenminste, maar wij zagen ze gewoon niet. Dat is veel erger. Dat is pure arrogantie. Daarom haatten ze ons. Terwijl wij aan het feesten waren, maakten zij wapens. En dat is natuurlijk altijd vervelend, ben je lekker aan het feesten, bouwen zij ondertussen tanks.

'In Duitsland is die spanning misschien wel het duidelijkst te merken. Bij ons stond die Muur. De hereniging van Oost en West is niet goed gelukt: er is nog steeds een groot integratieprobleem. Oost-Duitsers hebben zich niet kunnen aanpassen aan het West-Duitse systeem. Als je dat inziet, begrijp je Angela Merkel ook beter. Zij is een Oost-Duitse, een nieuwkomer die het tot bondskanselier heeft geschopt. Dat is een beetje zoals de eerste zwarte Amerikaanse president. Daarom zegt ze 'wir schaffen das', en dat lijkt dan weer verdacht veel op: 'Yes we can'.'

Markus Gabriel

Markus Gabriel werd geboren op 6 april 1980 in Remagen, Duitsland. Hij is hoogleraar aan de universiteit van Bonn. Verder had hij al aanstellingen in Berkeley, Rio de Janeiro, München, Lissabon, Toulouse, Parijs, Napels en Florence. Gelukkig beheerst hij behalve zijn moedertaal Duits ook Engels, Frans, Portugees, Italiaans, Spaans, Chinees en Latijn, oud-Grieks en Hebreeuws.

Naast populaire werken als Waarom de wereld niet bestaat schreef hij boeken voor vakgenoten zoals Der Mensch im Mythos: Untersuchungen über Ontotheologie, Anthropologie und Selbstbewusstseinsgeschichte in Schellings 'Philosophie der Mythologie' uit 2006.

Maar bij de hereniging van Duitsland speelt religie geen rol, terwijl Mohammed Atta toch echt religieuze motieven leek te hebben toen hij met zijn vliegtuig ons feest kwam verpesten.

'Religie speelt een rol, zeker, maar het Westen, laat ik het zo maar even noemen, maakt daarbij een pathologische denkfout. We zien onszelf als een wetenschappelijk en technologisch ontwikkelde gemeenschap die afstand heeft gedaan van religie. De Ander beschouwen we dientengevolge als een stelletje achterlijke religieuzen. En dat uit zich in oorlogen en vluchtelingencrises in Nederland, Duitsland en Scandinavië. De Europese relatie tot de vluchteling wordt gekleurd door onze angst voor religie. Wonderlijk genoeg is er tegelijkertijd trouwens ook nog eens de fantasie van het 'christelijke Europa', zelfs onder mensen die zich atheïst noemen. Die prefereren nog altijd een kerk boven een moskee. 'Moslims en christenen zijn slecht, maar christenen zijn wel iets minder slecht': Ik zou niet gek opkijken als zelfs een atheïst als Richard Dawkins zoiets zegt. Het is echt een wijdverbreide misvatting. Maar zolang we religie vooral als bijgeloof zien en menen dat wij verder ontwikkeld zijn omdat we een wetenschappelijk wereldbeeld hebben, zijn wij echt degenen die blind zijn.'

Verschilt het wetenschappelijke wereldbeeld dan niet van het religieuze?

'In wezen niet. Ze nemen dezelfde positie in. Namelijk een standpunt vanuit nergens, dat alles overziet. Dat God vanuit nergens alles kan overzien, dat wisten we natuurlijk al, maar dat wetenschappers hetzelfde proberen te doen, beseffen helaas minder mensen.

'Ik maak dat graag duidelijk aan de hand van Google Earth. Stel nu eens dat er een Google Universe zou bestaan. Wat zou er gebeuren wanneer je steeds maar op min drukt en dus uitzoomt? Dan zou er een moment moeten komen waarop je het hele universum kunt overzien, echt alles. Maar dat moment bestaat natuurlijk niet. Want Google Universe zou dan ook zichzelf moeten laten zien binnen zichzelf. Dat is onmogelijk. Toch pretenderen wetenschappers dat wel te kunnen. Ze willen namelijk alles begrijpen en dat in een theorie vatten. Maar dat is incoherent.'

Vrij en autonoom

Natuurkundigen vatten de wereld op als de totaliteit van alle concrete dingen. Maar die opvatting van de wereld is volgens Markus Gabriel veel te beperkt. De belangrijkste dingen, zoals concepten, feiten en getallen, tref je er niet aan. Waar is het getal twee precies te vinden? Of het feit dat de aarde groter is dan de maan? Of de waardigheid van de mens? Volgens Gabriel is er niet een theorie over de wereld te bedenken die alles met alles verbindt: 'We moeten af van het idee dat alles verbonden is. Pas dan kunnen we onszelf omarmen als de vrije autonome mensen die we zijn. We worden door niets anders bepaald dan onszelf. We zijn misschien alleen, maar met een oneindig aantal mogelijkheden die het waard zijn om te ontdekken.'

Waarom is dat zo erg?

'Omdat we daardoor met allerlei mythes worden opgezadeld die ons wereldbeeld vertroebelen.'

Noem eens zo'n mythe.

'Aan het begin van de tijd was er geen tijd, er was geen ruimte, er was een grote wiskundige nietsheid. Toen kwam de big bang. We kunnen niet verklaren hoe, maar het gebeurde. En toen was er een hoop hete brei en die koelde af en toen kwam er andere shit die begon te bewegen. Dat duurde weer heel lang. En toen waren er vliegen en apen. En op een gegeven moment maakte een van hen vuur en zei: 'Hé, zouden we niet moeten gaan denken?' En zo kwamen er denkers. Maar zij wisten niets over dat bigbanggedoe en daarom bedachten ze cultuur, de illusie dat ze meer zijn dan natuur. En nu ontdekken ze eindelijk dat ze toch natuur zijn, want ze zijn hun brein. Zoiets. Maar dat is dus een sprookje. Je kunt net zo goed zeggen dat er in het begin een ei was van een schildpad die verliefd was op een vlinder die woonde op de maan. Die eerste theorie lijkt alleen rationeler, maar die is wetenschappelijk niet beter bewezen. Het is een religieus wereldbeeld.'

Maar wat is daar nu zo erg aan?

'Ze willen ons doen geloven dat de geest niet bestaat, dat alles materie is, dat we geen vrije wil hebben en uiteindelijk halen ze daarmee de menselijke waardigheid onderuit.'

Hoe doen ze dat dan precies?

'Door ons te reduceren tot een ding. Neem Darwinitis. Dat is een wijdverbreid fenomeen. Het is een poging een verschijnsel dat zich nu voordoet te verklaren door een verhaal te bedenken over premenselijke dieren. Stel, ik hou vooral van de blauwe periode van Picasso en niet zo van de rode. Dan zou ik het volgende kunnen beweren. Een miljoen jaar geleden was er iemand, van wie ik toevallig afstam, en die had een serieus probleem met een rode leeuw. Vanaf dat moment haten de Gabriels rood.

'Zo kun je dus alles verklaren. Je kunt namelijk altijd refereren aan een verhaal over een periode waarin nog niets werd vastgelegd en waarvan we dus nauwelijks iets met zekerheid weten. Dat is precies wat mythologie doet. Ik zie Darwinitis dan ook als een vorm van literatuur, maar wel slechte literatuur. Als je die verhalen serieus neemt, kom je al snel op gevaarlijke essentialistische standpunten, zoals: wij mannen zijn in wezen allemaal verkrachters, maar inmiddels zijn we getemd. We moeten alleen wel zo af en toe samen een biertje drinken om een beetje te relaxen.

'Gelukkig zijn er niet alleen biologen, maar ook historici en antropologen. Hun studies naar andere tijden en culturen laten zien dat mannen zich niet altijd en overal zo hebben gedragen. Wij zijn wezens die zich ontwikkelen. We hebben een geest en een deel daarvan is historisch. En dat is het precies doordat we over onszelf kunnen denken. In overeenstemming met ons concept van wie we zijn, veranderen we weer ons gedrag.

'Wat ik prefereer, hoe ik handel en hoe ik reageer op anderen is gekleurd door dat concept. Laat me een eenvoudig voorbeeld geven. Stel dat ik geloof dat God mijn moraliteit op de proef wil stellen, hij heeft mij op de aarde gezet om mijn ziel te testen. Als ik dat werkelijk geloof, zou ik aardig proberen te doen tegen mijn buren en als ik seks zou hebben, zou ik bang zijn omdat ik wist dat God mee zat te kijken. Dan ben ik een heel ander persoon dan wanneer ik zou denken dat ik een gewelddadige biomachine was, gedreven door de evolutionaire behoefte om mijn eigen genen te kopiëren.

'Zo zie je dat ons concept over onszelf mee gaat bepalen wie we zijn en hoe we handelen. Geestige activiteiten veranderen dus door onze concepten over onszelf. Wanneer je ons reduceert tot iets biologisch als ons brein, kun je die zich historisch ontwikkelende geest nooit verklaren. Biologische processen vinden namelijk plaats onafhankelijk van hoe wij denken dat ze plaats vinden. Biologische processen zorgen voor zichzelf. Wij zijn meer dan dat. Als we denken zijn wij vrij.' Box62

31 maart treedt Markus Gabriel op in de Westerkerk, Amsterdam. theschooloflife.com/amsterdam

Waarom we vrij zijn als we denken - Filosofie voor de geest van de eenentwintigstste eeuw. Uit het Duits vertaald door Huub Stegeman. Boom Filosofie; 304 pagina's; euro 24,90. Verschijnt 31 maart.

Meer over