ANALYSE

Waarom is tennis de leukste kijksport?

De Tour op tv? V stemt nog even af op Wimbledon. Waarom tennis de leukste kijksport is.

Roger Federer retourneert een bal van Damir Dzumhur tijdens het toernooi van Wimbledon.Beeld anp

1. Tennis laat zich alleen kijken

Afgezet tegen een wat eenvoudiger te begrijpen sport als voetbal, leent tennis kijken zich minder voor een kroeg met vrienden en pullen bier. Een tenniswedstrijd duurt langer, komt minder explosief op gang en kent minder hevige spanningsbogen. Plannen met vrienden kan problematisch zijn, doordat je nooit kunt voorspellen hoe lang wedstrijden duren.

Een tenniswedstrijd is daarom bijzonder geschikt voor alleen kijken in de huiskamer. Oneerbiedig gezegd kun je een partij perfect op de achtergrond aanzetten, met het karakteristieke 'pok'-geluid van de bal, het redelijk spaarzame commentaar en het beschaafd klappende publiek.

De alleenkijker wisselt zijn momenten af: als het spannend wordt, pakt hij de belangrijke punten mee, tussendoor is genoeg tijd voor het huishouden.

Beeld ap

Kristie Boogert, voormalig toptennisster en commentatrice

Waarom tennis? Toen ik in 2003 mijn carrière vanwege een blessure moest beëindigen, ben ik even gestopt met kijken omdat ik het moeilijk vond te accepteren. Maar in 2005 ben ik commentaar gaan geven. Als kijker vind ik het gevecht tussen twee spelers prachtig om te zien en om te analyseren. De sport heeft alles: tactiek, snelheid, emotie, kracht, maar ook souplesse.

Hoe kijk je? Als ik thuis ben tijdens een toernooi staat tennis altijd aan. Meestal kijk ik alleen, ik kan dan gerust een wedstrijd van het eerste tot het laatste punt afkijken.

Favoriete speler? Ik zie een aantal spelers graag, maar heb geen uitgesproken favoriet. Omdat Federer niet heel veel jaren meer voor zich heeft, wil ik van hem nog zo veel mogelijk genieten.

2. Verrassingen liggen altijd op de loer

Áls je het potje dan gaat kijken, kun je zeker bij een toernooi als Wimbledon voor grote verrassingen komen te staan. Precies vijf jaar geleden zetten subtoppers John Isner en Nicolas Mahut de tenniswereld op zijn kop door een wedstrijd van 11 uur (!) te spelen. De partij werd een klassieker en was als een bokswedstrijd, waarin een knock-out beslissend kan zijn, maar waarin twee mannen urenlang domweg op hun benen blijven staan.

De volgende, onmogelijke eindstand kwam op het bord: 6-4, 3-6, 6-7, 7-6 en 70-68 voor Isner. Epische tenniswedstrijden ontstaan uit het niets. Op die verrassingen, vijfsetters die zorgen voor een snellere hartslag, hoopt de tenniskijker.

Jan Kooijman, acteur en televisiepresentator

Waarom tennis? Ik raakte verslaafd aan tennis kijken tijdens Wimbledon 1994, nadat ik als 13-jarige een tv'tje had gekregen in mijn kamer. Het mooie aan de sport vind ik dat het superindividualistisch is. Die tennissers moeten voor duizenden toeschouwers helemaal alleen om zien te gaan met de druk, ongelooflijk knap.

Hoe kijk je? Het liefst kijk ik in mijn eentje op de bank, dan heb ik de rust en kan ik me het best inleven in een partij.

Favoriete speler? Nadal. Federer speelt als een danser, maar ik trek toch veel meer naar Nadal toe. Als danser moest ik het ook meer hebben van hard werken dan van techniek of talent. Als Nadal uit het toernooi ligt, heb ik serieus een pestdag.

Beeld getty

3. De tenniskijker ziet het beter dan de speler

Op het scherm komt tennis over als een overzichtelijke, schematische sport. De talrijke statistieken versterken dat beeld. Met animaties over de plaatsing van de service of de return krijgt de kijker beter inzicht in tactieken van de spelers. Hoe vaak wordt de zwakke slag van een tegenstander opgezocht? En hoe frequent slaat een speler toe op bijvoorbeeld een breakpoint? Zo komt de kijker erachter hoe een speler zich houdt op de belangrijke momenten. Deze informatie maakt dat de tenniskijker een wedstrijd kan doorgronden, soms misschien zelfs beter dan de spelers zelf.

4. De tenniskijker herkent de emotionele achtbaan

Voor ieder punt moet een speler er weer staan, dus de teleurstelling over een fout geslagen bal vormt het grootste gevaar. Wie zelf eens een partij heeft gespeeld, ook al is dat op het laagste amateurniveau, herkent de emotionele achtbaan waarin tennissers terechtkomen.

Elke speler heeft momenten van mentale weerloosheid, vaak minutieus in beeld gebracht met lange close-ups en slow-motionbeelden. Bij weinig sporten komen die momenten beter in beeld dan bij tennis. Neem de nukkige Schot Andy Murray, elk jaar op Wimbledon weer de hoop van de Britten (en de man die acteur Kevin Spacey tot een van zijn grootste fans mag rekenen). Murray, Wimbledonkampioen van 2013 en vandaag tegenstander van Robin Haase, lijkt met zijn openlijke gevloek en getier vaker een gevecht met zichzelf te leveren dan met zijn tegenstander.

Een beruchte en vaak bij tennis gebruikte term is choken, het door spanning falen op een belangrijk moment. Iedere tennisser vecht tegen deze faalmomenten. De choker lijdt en juist dat maakt de kijkervaring prikkelend. Een beroemd voorbeeld is de Wimbledonfinale tussen Jana Novotna en Steffi Graf uit 1993, waarin underdog Novotna bij een 4-1-voorsprong in de derde set volledig verkrampte en haar titel verspeelde.

Martin Simek, voormalig tenniscoach en programmamaker

Waarom tennis? Ik vind het psychologische aspect aan tennis fascinerend. En ook de manier waarop de spelers met elkaar 'schaken' op de tennisbaan.

Hoe kijk je? Geconcentreerd. Iedereen die erdoorheen praat, stoort mij. Het liefst volg ik de spelers zélf in plaats van de bal. Ik let altijd op details, zoals hoe een speler zich afdroogt op het bankje. Vanwege die reden kijk ik tennis het liefst in het stadion.

Favoriete speler? Uit de oude tijd de Australiërs Rod Laver, Roy Emerson en Tony Roach. Veel later Pete Sampras. Ik was fan van zijn service en aan het net maakte hij verrassende moves. Nu uiteraard Federer, maar ik geniet zeker ook van Djokovic, die met dat slangenlichaam van hem als een circusartiest over de baan beweegt.

Beeld reuters

5. Rivaliteit leidt tot extra spanning

Tennissers voeren een 1-tegen-1-gevecht en rivaliteit speelt, net als bij boksen, een prominente rol. Het mannencircuit kent de laatste tien jaar een enorme diversiteit aan persoonlijkheden. De vier absolute wereldsterren zijn Roger Federer, Rafael Nadal, Novak Djokovic en Andy Murray. Al hun onderlinge wedstrijden zijn mini-oorlogen. Voor de tenniskijker de taak om partij te kiezen.

De ene kijker identificeert zich met de gracieuze, posh spelende Federer. Geen speler beheerst de sport technisch zo goed als de Zwitser: de manier waarop hij als een balletdanser over de baan beweegt, gecombineerd met zijn techniek, maken dat miljoenen kijkers naar zijn spel worden toegezogen.

De ander herkent zichzelf eerder in de linkshandige krachtpatser en harde werker Nadal. Of in Djokovic, een op de baan expressieve, soms humoristische Serviër, die zijn tegenstanders met snel genomen ballen op geniale wijze weet te neutraliseren.

Voordat Djokovic en Nadal vochten om de tennishegemonie, maakten Federer en Nadal de dienst uit, met als hoogtepunt hun legendarische Wimbledonfinale in 2008. In het bijna-donker besliste Nadal het duel met 9-7 in de vijfde set. John McEnroe riep de partij uit tot mooiste tenniswedstrijd uit de geschiedenis.

Beeld getty

Kroonjuweel

Net als vorig jaar zendt betaalkanaal FOX Sports dagelijks tien uur live tennis uit, afgewisseld met een studioshow. FOX zendt de finales van het toernooi op het open net uit. In Engeland omarmt de publieke zender BBC Wimbledon als zijn kroonjuweel. Sue Barker doet de presentatie, oud-kampioenen als John McEnroe, Lindsay Davenport en de nieuw aangetrokken Andy Roddick verzorgen het co-commentaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden