Waar is beeldend kunstenares Jennifer Tee nu mee bezig?

De Volkskrant belt aan bij makers en vraagt hun waaraan ze op dit moment werken.

'Al een paar jaar werk ik aan een groot project: kunstwerken in de entreehal van de metro op station Amsterdam Centraal. Het idee is om het lokale met de wereld te verbinden. Ik ben uitgegaan van gedroogde tulpenblaadjes, als symbool van Nederland. Deze zijn gelegd in patronen geïnspireerd op grote Indonesische schependoeken, palepais. Tulpenvelden zijn van veraf als lappendekens, deze vormen zijn esthetisch verwant aan de die van de doeken.

'Toen het zuiden van Sumatra door handel rijk werd, werden de schependoeken een uitdrukking van de Sumatraanse cultuur en identiteit. Schependoeken zijn zeldzame wandkleden die van generatie op generatie werden overgedragen. Ze werden gebruikt voor overgangsrituelen zoals bruiloften en begrafenissen. Een schip is het hoofdmotief en er komen ook veel levensbomen en mens- en dierfiguren in voor. De mensfiguren bevinden zich in een tussenstaat, ze lijken onderweg. Het is een motief van migratie, gevangen zijn in een onbestemde situatie. De levensboom ziet er uit als een metrospoor, en de huizen die er te zien zijn lijken liften die op en neer gaan.

'Honderdduizend blaadjes zijn hiervoor gebruikt. Met een team ben ik een half jaar per werk bezig om de blaadjes te plukken, te drogen, het patroon uit te leggen en alles te realiseren. Door het onderzoek vooraf en het maken van contacten met de kwekers had het een lange aanlooptijd. We hebben zelfs een droogmachine gebouwd. Wanneer het eenmaal tastbaar wordt is dat echt te gek. Alles is getekend, uitgeprint en beplakt. Het wordt tussen glas gemonteerd. Het resultaat is een collage die kleurrijk en monumentaal oogt, en van dichtbij veel details heeft. Het Rijksmuseum in Amsterdam heeft de intentie om dit werk ook te tonen, in de Philipsvleugel.

'Momenteel werk ik aan een opdracht van het Textielmuseum in Tilburg. Daarvoor ben ik geïnspireerd door kleinere ceremoniële doeken, ook uit Zuid-Sumatra. Door de afmeting waren ze minder kostbaar dan de palepai's en konden ze gebruikt worden door de hele gemeenschap. Deze tampan's vertonen veel overeenkomsten met de beeldspraak van vele andere culturen. Het is te zien dat er een uitwisseling heeft plaatsgevonden. Als een cultureel geheugen dat in die kleden terecht is gekomen, terwijl het gebied waar dit gemaakt wordt heel klein is. Mijn interesse in deze kleden is trouwens ook een persoonlijke. Mijn vader kwam in de jaren vijftig met zijn familie per schip naar Nederland, vanuit Indonesië. Mijn moeder's vader had een familiebedrijf, in tulpenbollen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden