Vuurbom

Het verlangen om dingen te durven

Er is iets raars aan de hand in Vuurbom, het nieuwe jongensboek van Harm de Jonge (1940). Het verhaal ademt een naoorlogse sfeer: het buurtcafé heeft een jukebox en moeders maken op zondag vanillepudding. Terwijl zij daar op wachten, springen hun zoons ouderwets van spoorbruggen, sparen postzegels en Fleischmann-treinen en maken hun vuurbommen nog helemaal zelf.

Toch verwijst de Groningse neerlandicus, geheel tegen zijn gewoonte in, een enkele keer naar hedendaagse verschijnselen zoals 'gothic', 'computer' en 'e-mail'. De lichte verwarring die dat oproept intrigeert: gaat het hem er nu om zo veel mogelijk leenwoorden te vermijden en is het dit keer niet helemaal gelukt? Of wil de schrijver laten zien hoe het jongensleven zou kunnen zijn, als ze hun spelcomputers, telefoons en internet in de steek lieten en weer gewoon naar buiten zouden gaan, zoals vroeger?

Hoe het ook zij: Vuurbom is stukken toegankelijker en spannender dan al zijn eerdere boeken. Jimmy Prins ligt in het ziekenhuis met een brandwond op zijn arm en een verband om zijn hoofd. Hij kan niets zien en wordt elke dag bezocht door rechercheur Ratelbuis. Die wil weten wat er precies is gebeurd, die middag in het zomerhuisje toen er een bom ontplofte. Jimmy beweert dat hij de bom gegooid heeft, maar kan zich verder geen details herinneren.

De Molukse verpleegster Agnes gelooft niet dat Jimmy een moordenaar is. Zij is het exotische en mysterieuze vrouwelijke ingrediënt dat in geen enkel jeugdboek van De Jong ontbreekt. Met een stem 'zo zacht als een poetsdoekje' slaagt ze erin het ware verhaal uit Jimmy te trekken over zijn verongelukte nieuwe klasgenoot Bram.

Bram is een fantast. Hij wil een perpetuum mobile maken van zijn knikkerbaan en een tijdcapsule waarin archeologen uit de toekomst kunnen ontdekken hoe wij nu leven. Andere plannen zijn wat minder onschuldig. Zo steelt hij van Olivier het medaillon met de foto van zijn overleden moeder, gewoon om te kijken hoe hij reageert. Wetenschappelijk onderzoek noemt hij dat. Eigenlijk heeft iedereen wel een goede reden om Bram wat aan te doen.

Tussen de twee jongens voltrekt zich het gebruikelijke Jongiaanse drama, zij het nu in de vorm van een whodunit. Jimmy bewondert Bram, die alles durft waar hij alleen maar naar verlangt. Hij kan maar niet besluiten of het ontspoorde straatschoffie, dat altijd ruikt naar lucifers en snel gebluste fikkies, nu een vriend is of een duivel. Tot het te laat is om in te grijpen.

Hoewel al die elementen vertrouwd aandoen, is Vuurbom toch weer een totaal ander boek dan De Jonges vorige. De effectieve, uit misdaadromans gepikte flashbacks dragen bij aan een dwingende, meeslepende structuur. Inclusief het wat voorspelbare laatste hoofdstuk dat bij het genre hoort, maar dat is de schrijver wel te vergeven.

Want Vuurbom gaat over iets belangrijkers dan wie 'het' gedaan heeft. De Jonge slaagt er met een licht vervreemdende mix van heden en verleden in om jongens weer de straat op te sturen, hun handen vies te laten maken en daardoor écht wat te beleven. Vuurbom is avontuurlijk, humoristisch, psychologisch sterk én goed geschreven.

Harm de Jonge is de enige Nederlandse jeugdauteur die telkens weet te verrassen met hetzelfde verhaal - dat dan toch weer helemaal anders blijkt. Als Vuurbom niet zijn beste tot nu toe is, dan in elk geval wel zijn meest aantrekkelijke. Van alle boeken van het afgelopen jaar de meest terechte kandidaat voor een Griffel in 2012.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden