Voorspelbare gêne en intimiteit die niet beklijft

Beeldende kunst..

schiedam Het is een gewaagde onderneming. Vraag een stuk of tien mannen op het strand om de softe popsong Eternal Flame (1989) van meidengroep The Bangles te zingen voor de camera en dat zo serieus mogelijk. Over stralende en eeuwige liefde gaat het lied, die een einde moet maken aan eenzaamheid en pijn.

Het duo A.P. Komen en Karen Murphy deed dat en maakte er het kunstwerk Play On (2005) van, nu te zien in de gelijknamige tentoonstelling in het Stedelijk Museum Schiedam. Het resultaat is intiem en aandoenlijk. De eerste strofen komen er nog ongehavend uit. Daarna vallen de mannen uit hun rol. De zwaar getatoeëerde man raakt zijn tekst kwijt en steekt zijn middelvinger op. De stoere boy draait zijn hoofd gegeneerd lachend weg. Het werk doet lichtjes denken aan de Strandportretten die fotografe Rineke Dijkstra begin jaren negentig maakte. Daarin wacht ze net zo lang met fotograferen, tot de schuchtere pubers hun pose laten vallen en hun ware, kwetsbare aard laten zien.

Even laten ook de mannen hun masker zakken en tonen zij zich van hun kwetsbare kant. Het probleem is alleen dat het door Komen en Murphy gekozen lied zo ongelooflijk cliché en oppervlakkig is, de tekst zo ongeloofwaardig, dat de gêne en het ongemak voorspelbaar zijn. De getoonde intimiteit is vluchtig en beklijft niet.

Het duo Komen en Murphy maakte halverwege de jaren negentig furore met video’s, waarin flarden van aan de werkelijkheid ontleende gesprekken op een voyeuristische manier in beeld werden gebracht. Het was de tijd van de reality soap en van Big Brother.

Inmiddels zijn we wel wat gewend. Dat maakt het kijken naar de twee, eveneens in Schiedam getoonde werken anders.

De berichten die een wanhopige vrouw op het antwoordapparaat van haar geliefde achterlaat in A short affair (1996) zijn weliswaar wrang en dramatisch, omdat haar geliefde geen moment de telefoon opneemt. Maar de in witte letters op een helblauw vlak getoonde noodkreet is ook ronduit opdringerig en irritant.

Ook Too much reality (2003), waarin een groepje toeristen elk een nacht afzonderlijk verblijft in een zogenaamd verdoemde vakantiehut en daar een videodagboek inspreekt dat ontaardt in grove, persoonlijke bekentenissen, leunt zo zwaar op het uitgekauwde Big Brother-genre, dat het verveelt.

Jammer dat een hernieuwde kennismaking met het duo, waarvan de laatste jaren niet veel meer werd gehoord, zo teleurstellend uitpakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.