Vooral met de mannen wordt het nooit wat

Fictie Humor houdt tragische verhalen over de pijn van Oost-Europese migranten naar de VS lichtvoetig...

De helden die de verhalenbundel Nog een jaar bevolken, zijn vrouwen – niet van het glamourtype, maar onverzettelijk voortploeterende moeders, meisjes, weduwen en exen, afkomstig uit de brokstukken van de voormalige Sovjet-Unie. Ze hebben hun uitzichtloze bestaan in Georgië, Oekraïne, Oezbekistan achter zich gelaten en proberen in Amerika voet aan de grond te krijgen. Dat is geen sinecure: visa, werk- en verblijfsvergunningen kunnen alleen met de grootst mogelijke moeite en listen bemachtigd worden.

Dat in dat verre buitenland ten slotte niet het Grote Geluk op hen te wachten ligt, is dan bitter. In weerwil van hun verbeterde levensomstandigheden, waardoor ze de familie thuis kunnen onderhouden, zullen ze altijd buitenstaanders zijn in hun nieuwe omgeving. Ze gaan gebukt onder een schuldgevoel tegenover degenen die zij achterlieten: de doden, de verongelijkte familieleden, de puberzoon met meer belangstelling voor de Sony PlayStation en de gameboy die zijn moeder in Amerika bij elkaar poetst dan voor de ontberingen die zij zich daarvoor moet getroosten.

Sana Krasikov (1979), geboren in Oekraïne en opgegroeid in een Joods milieu in Georgië, emigreerde zelf als negenjarige met haar ouders naar New York. Ze zal te jong zijn geweest om het getob van haar personages aan den lijve ondervonden te hebben, maar ze heeft haar ogen en oren goed de kost gegeven.

Krasikov weet zich in Nog een jaar in haar tragische heldinnen in te leven zonder sentimenteel te worden. In een paar pennenstreken beschrijft Krasikov situaties en levens die je bijblijven. Bijvoorbeeld die van Ilona in ‘De huisgenote’. Vriendinnen van deze Ilona, die in gelukkiger tijden in Georgië zowel een wettige echtgenoot als een minnaar had, doen in dit verhaal vergeefse pogingen om haar aan de man te brengen. Met als dieptepunt een uit Moskou afkomstige doctor: ‘Hij zat onderuitgezakt in zijn stoel met zijn knieën uit elkaar en was zich er niet van bewust dat een van zijn testikels uit de voering van zijn korte broek gluurde. Ilona staarde naar zijn gezicht en deed haar best niet omlaag te kijken.’ In arren moede trekt Ilona in bij een bejaarde Amerikaan die haar met een lichte weerzin vervult, gewantrouwd door diens zoon, die vreest dat zij weleens aan de avances van zijn vader zou kunnen toegeven.

Het gaat in de verhalen niet alleen het onbegrip tussen Oost en West, maar ook om het universele menselijk tekort, dat in alle landen thuis is, om het onvermogen relaties aan te gaan of vast te houden, om de strijd om ergens, waar dan ook, je eigen plek te bemachtigen – allemaal dingen waar Krasikovs heldinnen mee worstelen.

Maar veel succes boeken ze niet, en vooral met de mannen wordt het nooit wat. Zij zijn in het algemeen slecht voor het leven toegerust, maar je kunt niet zonder ze: hoe overleef je anders, hoe kom je anders aan onderdak, aan een paspoort, aan een werkvergunning, aan liefde? Niet dat Krasikov een feministische toon aanslaat, integendeel. Mannen zijn eenvoudigweg onbegrijpelijke wezens, zowel de Amerikaanse, van wie de kersverse immigranten het moeten hebben, als de Russische.

Zo ook in ‘De repatrianten’. In dit verhaal is een Moskous echtpaar door een softwareconcern verlokt om voor het grote geld naar Amerika te komen. Financieel gaat het hun daar voor de wind, maar voor de man loopt de emigratie uit op de grootste anticlimax van zijn leven. De Amerikanen blijven hem vreemd, altijd zal hij voor hen een minderwaardige buitenstaander blijven, terwijl hij zich intellectueel superieur aan hen weet (vrienden noemen hem ‘Lenin in ballingschap’).

Het krenkt hem diep als hij op zijn werk met dedain wordt behandeld, als hij voor promotie wordt gepasseerd door mannen die zich er tegenover hem alleen op kunnen laten voorstaan dat ze teksten uit Star Wars kunnen citeren en wedstrijduitslagen van de New York Yankees uit de tijd van Nixon nog weten.

Dus besluit hij terug te gaan naar Moskou om daar te doen wat ‘...hypotheekverstrekkers sinds de jaren tachtig op Wall Street hadden gedaan: goedkope leningen bundelen en doorverkopen aan investeerders, in één groot reuzenrad van schuld en kapitaal’.

Zijn vrouw, die nogal gebukt gaat onder de morsigheid en de stuitende verschillen tussen arm en rijk in haar geboorteland, ziet hun in Amerika vergaarde kapitaal al snel verdampen. Kordaat blokkeert zij de geslonken rekeningen en keert alleen terug naar Amerika – ontgoocheld, boos en vastbesloten om er weer iets van te maken.

Krasikov schreef met Nog een jaar een prachtig debuut. Van haar zullen we hopelijk nog horen.Aai Prins

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden