InterviewTim Leyendekker

Voor zijn film Feast liet Tim Leyendekker zich inspireren door Plato en 18de-eeuwse jachtstillevens

Twaalf jaar lang werkte Tim Leyendekker (47) aan Feast, dat op het IFFR kans maakt op een Tiger Award. Hij vertelt de Volkskrant over de bijzondere gedaante die de film uiteindelijk heeft aangenomen.

Filmmaker Tim Leyendekker in zijn atelier in Rotterdam. Beeld Daniel Cohen
Filmmaker Tim Leyendekker in zijn atelier in Rotterdam.Beeld Daniel Cohen

Tim Leyendekker (47) groeide op in Rotterdam, studeerde aldaar aan de Willem de Kooning Academie, ontdekte op het IFFR de films die hem tot regisseren aanspoorden en is opgetogen dat zijn speelfilmdebuut Feast nu op datzelfde festival zijn wereldpremière beleeft. Een enkele scène uit Feast werd opgenomen op de set van Flikken Rotterdam. Niet gek dus om te denken dat het water aan het eind van de film, wanneer een jongeman urenlang roerloos op het strand ligt terwijl om hem heen de badgasten komen en gaan, de Kralingse Plas is. 

‘Dat was mooi geweest, inderdaad’, zegt Leyendekker, ‘maar die scène hebben we gedraaid aan de Hoornseplas, in de volksmond ook wel de ‘horny lake’ genoemd. Het is een strand vlak bij Groningen waar veel gecruisd wordt. Volgens de rechtbankverslagen is een van de slachtoffers daar destijds daadwerkelijk bewusteloos achtergelaten.’

Feast, de enige Nederlandse speelfilm die tijdens het IFFR kans maakt op een Tiger Award, grijpt terug op de geruchtmakende Groninger hiv-zaak uit 2008-2012. Wim D. ronselde de mannen via chatsites, Peter M. en Hans J. injecteerden hun eigen bloed bij de bewusteloze slachtoffers. De drie werden veroordeeld tot respectievelijk acht maanden, acht jaar en vijf jaar. 

Feast  Beeld
Feast

‘Die zaak hield me van begin af aan bezig’, vertelt Leyendekker via Facetime vanuit zijn woning in het Franse Straatsburg. ‘Hoewel ik de scene kende en wist dat er feestjes met bewust onveilige seks werden georganiseerd, ging dit mijn voorstellingsvermogen te boven. Hoe kun je zoiets verschrikkelijks doen? Die mannen moeten monsters zijn, dacht ik.’

Maar zo makkelijk kon hij er niet meer over denken, merkte Leyendekker, toen hij las dat Hans J. barman was bij een gerenommeerd Gronings etablissement, dat Wim D. als ingenieur bij Essent werkte en dat Peter M. diverse functies in de zorg vervulde. ‘Iemand die ook in de verpleging zit, die zich voor zijn werk over anderen ontfermt, kan niet alleen maar een monster zijn, dacht ik toen. Ik besefte dat we de wereld steeds weer in overzichtelijke compartimenten indelen, terwijl er bij die categorisering veel nuances verloren gaan. Over die nuances, over die tussenruimten, wilde ik een film maken.’

In dat voornemen werd Leyendekker gesterkt toen hij Hans J. persoonlijk sprak, nadat deze zijn gevangenisstraf had uitgezeten. ‘Hans zegde toe omdat hij besefte dat ik geen oordeel wilde vellen en dat ik de film ook zonder hem zou maken. Op deze manier kreeg hij in ieder geval de kans zijn eigen standpunt te laten horen.’ 

Hans J. is in de film te horen in  een lange audio-opname, terwijl het beeld wordt gevuld door extreme, bijna abstracte close-ups van zijn handen. Hij blijkt zichzelf voornamelijk als slachtoffer te beschouwen. ‘Terwijl hij toch de persoon is die besmet bloed in de billen van onwetende mannen injecteerde’, aldus Leyendekker. ‘Hans zegt dat hij ook zelf door Peter gedrogeerd en misbruikt is, en dat hij bang was dat die hem zou vermoorden als hij niet zou meewerken. Ik heb daar zelf ambivalente gevoelens bij. Ik geloof dat er ook zaken waren die Hans opwindend vond in het psychologische, sadomasochistische spel dat tussen hem en Peter plaatsvond, en ik sluit niet uit dat bepaalde elementen van hun misdaden daar ook onder vielen. Maar ik geloof hem ook als hij zegt dat hij opgelucht was toen ze opgepakt werden, dat de hele situatie daarmee eindelijk over was, en dat hij in zekere zin was bevrijd.’

Tim Leyendekker Beeld Daniel Cohen
Tim LeyendekkerBeeld Daniel Cohen

Leyendekker, die eerder al was opgevallen met een handvol zeer eigenzinnige, radicale kortfilms (alle te zien tijdens eerdere IFFR-edities), deed er zo’n twaalf jaar over om Feast van de grond te krijgen. In die tijd nam de film diverse gedaanten aan. Zo overwoog Leyendekker er een documentaire van te maken, en heel even werd ook gedacht aan een psychologisch drama dat inging op de beweegredenen van de daders. ‘Maar dat vind ik veel minder interessant dan het perspectief van de toeschouwer. Hoe kan ik, zonder zelf met een mening te komen, mijn publiek tot een actieve houding aanzetten? Hoe kan ik je als kijker zover krijgen dat je voortdurend bevraagt wat je ziet en je conclusies almaar bijstelt – precies zoals ik zelf deed toen ik me in de zaak verdiepte?’

Uiteindelijk werd Feast een hybride, voortdurend van vorm veranderend onderzoek naar de relatie tussen liefde, seks en dood, tussen dader en slachtoffer, feit en fictie. De door Leyendekker en Gerardjan Rijnders geschreven film valt uiteen in zeven autonome segmenten, die samen een soort bloedbroederschap aangaan en elk hun eigen blik op het onderwerp bieden. Het Groningse hiv-proces wordt daarbij vooral als associatief aanknopingspunt gebruikt: sommige scènes vormen een parafrase op de zaak, of hebben er hoogstens in thematisch opzicht mee te maken. ‘De veelvormigheid van de film zorgt hopelijk ook bij het publiek telkens voor nieuwe energie en concentratie’, zegt Leyendekker. ‘Met elk volgend segment wil ik de toeschouwer opnieuw activeren: weg met alle gedachten die je zojuist nog had. Terug naar nul.’

Als kijker moet je inderdaad steeds weer opnieuw je pad banen door Feast. Die drie heren (Kuno Bakker, Eelco Smits en Koen van Kaam) bijvoorbeeld, die op de bank zitten te mijmeren over het wezen van de liefde, zijn dat Peter M., Hans J. en Wim D.? Hun woonkamer blijkt vanachter een doorkijkspiegel te worden geobserveerd door drie andere mannen, gespeeld door dezelfde acteurs – zijn dat hun gewetens, pratend in de taal van forensisch psychologen? Leyendekker: ‘Zo kun je het zien, inderdaad. Toen we onze research deden, hoorden Gerardjan en ik dat destijds werd overwogen de verdachten in het Pieter Baan Centrum op te nemen, zodat kon worden beoordeeld of ze toerekeningsvatbaar waren. Als dat was gebeurd, wat hadden we daar dan kunnen zien? Dat was het uitgangspunt voor deze scène, die we tegelijkertijd voor allerlei interpretaties vatbaar wilden maken.’

Feast Beeld
Feast

Een belangrijke inspiratiebron voor Leyendekker en Rijnders was Plato’s Symposium, een klassieke filosofische tekst waarin Socrates en zeven gesprekspartners elkaar aan een banket proberen af te troeven met definities van Eros. Zoals in Symposium steeds iemand anders zijn stem laat horen, zo werkte Leyendekker per segment samen met een andere director of photography. ‘Het ging me echt om die verschillende visies en sensibiliteiten. Ik wilde er teamwork van maken en ook zelf worden verrast.’

Het minutenlang aangehouden slotbeeld van de bewusteloze man op het strand werd vastgelegd door Benito Strangio, met een speler (danser Patrick de Haan) die van half vijf ’s ochtends tot één uur ’s middags doodstil op zijn handdoekje moest blijven liggen. 

Adri Schrover was verantwoordelijk voor het akelig cleane tableau aan het begin van de film: een tafel waarop een politiemedewerker (Trudi Klever) item voor item alle geconfisqueerde spullen uitstalt die op de plaats delict zijn gevonden. ‘Ik wilde een hedendaagse, heel precieze variant op de jachtstillevens uit de 18de eeuw maken’, zegt Leyendekker. ‘In het echt was er ook zo’n tafelpresentatie, en alle voorwerpen die toen voorbij kwamen, zoals de zakken drugs, het gasmasker en de dokterstas, zitten ook in de film. Een aantal andere objecten kwamen voort uit de research die we hebben gedaan. Sommige cd’s zag ik bijvoorbeeld in de kast van Hans J. staan. Andere dingen heb ik er zelf bij bedacht.’

Het luchtigste moment in Feast is de documentaire-achtige sequentie waarin microbioloog Katerina Sereti vertelt over haar enorme fascinatie voor virussen en infecties. ‘Die scène werd gefilmd door Aafke Beernink, en tijdens het draaien liet ik haar volledig vrij. Wat me in haar werk zo aanspreekt, is dat ze altijd heel dicht bij mensen weet te komen, zonder dat die zich belaagd voelen door de camera. Die intimiteit bereikte ze ook met de laborant, die echt begint te stralen als ze het over virussen heeft. Ze ziet een virus niet als iets boosaardigs: het wil slechts voortbestaan en doet wat het daarvoor moet doen, net als wij. Sereti kan echt liefdevol over virussen vertellen, en daarmee biedt ze een verrassend tegengeluid nadat je als kijker zo veel over moedwillige hiv-besmettingen hebt gehoord.’

Onwillekeurig ga je bij Sereti’s hommage aan het virus ook aan corona denken, maar dat is toeval: de opnamen van Feast werden afgerond in 2019, voordat nog iemand van covid-19 had gehoord. ‘Daar ben ik blij om’, zegt Leyendekker. ‘Nu voelt de film urgent zonder dat ik hem naar de actualiteit toe heb gepraat.’

Voedingsbodem

Het IFFR is voor Tim Leyendekker altijd een belangrijke voedingsbodem geweest. Op het festival zag hij voor het eerst films die hun verhaal op onconventionele wijze vertelden en daarmee de grenzen van de cinema verlegden. Van grote inspiratie waren onder meer de duistere, associatieve en zinnelijke films van Philippe Grandrieux (met name Sombre (1998) en La vie nouvelle (2002)) en Ten Monologues from the Lives of Serial Killers (1994) van Ian Kerkhof (nu Aryan Kaganof), een film die net als Feast in opzichzelfstaande blokken is opgedeeld en met zijn experimentele vorm het snijvlak tussen fictie en documentaire opzoekt.

Lees meer over het IFFR

Het International Film Festival Rotterdam vindt dit jaar thuis op de bank plaats. Om het nóg makkelijker te maken, tipt de filmredactie van de Volkskrant de beste acht films.

De eigenzinnige Amerikaanse regisseur Kelly Reichardt (56) is hoofdgast op het International Film Festival Rotterdam en geldt als Oscarkandidaat.

Zelfs als hij niets zegt, is acteur Mads Mikkelsen (55) ijzersterk. En hij wordt alleen maar beter, meent filmrecensent Pauline Kleijer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden