'Voor mij was het uitbrengen van deze plaat een morele verplichting'

J Dilla was een veelzijdige hiphopproducer en rapper uit Detroit die in 2006 overleed. Over zijn muzikale nalatenschap heeft platenman Eothen Alapatt zich ontfermd. Dat had een lange juridische strijd tot gevolg.

J Dilla op 9 mei 1999 in de Haarlemmerstraat, met zijn crew Slum Village, links T3, midden Baat In (overleden in 2009) en rechts J Dilla (overleden in 2006). Beeld Yamandu Roos
J Dilla op 9 mei 1999 in de Haarlemmerstraat, met zijn crew Slum Village, links T3, midden Baat In (overleden in 2009) en rechts J Dilla (overleden in 2006).Beeld Yamandu Roos

Hij denkt nog elke dag aan hem. Allicht, want platenman Eothen Alapatt hoeft maar uit zijn keukenraam te kijken en hij ziet de heuvel waar hiphopproducer James Yancey alias J Dilla begraven ligt. 'Ik kocht dit huis in Los Angeles in 2005 en in 2006 overleed Jay Dee (zijn andere bijnaam). Pas in de begrafenisstoet, toen ik mijn huis zag opduiken, realiseerde ik me dat hij voor de rest van mijn leven letterlijk zo dichtbij zou zijn.'

Alapatt, die destijds het fameuze onafhankelijke hiphoplabel Stones Throw bestierde, waar ook Dilla voor opnam, behoorde tot de intimi van de producer. Dilla, die bekend werd met producties voor rapper Common, zijn eigen instrumentale album Donuts en co-architect was van het specifieke neo-soulgeluid van onder anderen D'Angelo en Erykah Badu, genoot net zo veel aanzien als de hoge hiphopheren Dr Dre, Timbaland en P Diddy. Hij was echter eigenzinniger, eerder een pionier, en veel minder bekend bij het grote publiek.

Voordat de producer op 32-jarige leeftijd overleed aan de zeldzame bloedziekte TTP die zich in 2003 manifesteerde, nam hij werk op van artiesten als Common, A Tribe Called Quest, Busta Rhymes en The Roots. Hij was medeverantwoordelijk voor hun geluid. Bij vakgenoten genoot hij immens aanzien. Er valt zelfs iets voor te zeggen dat Kanye West - die net zo bekwaam samples knipt en bewerkt en die rap net zo heeft losgezongen van die prefab funkbeat - een directe Dilla-adept is.

Als dat allemaal - de producties, de navolgers - niet genoeg is om herinneringen bij Alapatt aan zijn oude vriend op te halen, dan is er nu ook The Diary. Alapatt, op promotoer in Londen, bracht onlangs het album uit, waarvan de opnamen uit 2002 dateren en waarop de legendarische producer zichzelf profileert als rapper. Hij had al eerder materiaal uitgebracht met zijn crew Slum Village, maar dit moest zijn eerste echte soloalbum worden.

Platenmaatschappij MCA liet Dilla echter vallen en de opnamen bleven jarenlang op de plank liggen. De teleurgestelde producer vertrok twee jaar later uit Detroit om zijn geluk te beproeven bij het onafhankelijke platenlabel Stones Throw in Los Angeles.

En hoe klinkt Dilla uiteindelijk als rapper? Lekker fel met staccato aanzetten. En ook al zijn de beats en samples niet van zijn hand, zijn keus in medewerkers illustreert wel het brede spectrum waarin hij zich als producer bewoog. Van de lichtvoetige jazzy soul van Fuck the Police tot een herinterpretatie van Gary Numans electropopklassieker Cars. Van het ielige Batmanthema ondersteund door rockgitaar op Drive Me Wild tot de symfonische soul van So Far. Blijft de vraag waarom MCA de plaat nooit heeft uitgebracht.

null Beeld
Beeld

Erfgenamen

Alapatt betaalde destijds alle inkomsten van de Dilla-albums op Stones Throw rechtstreeks aan Dilla's moeder, Maureen Yancey. Dilla's voormalige accountant en executeur-testamentair Arthur Erk verordonneerde echter dat dat geld naar hem moest gaan.

Vanaf toen besloot Alapatt de royalties als gift over te maken aan moeder Maureen. Hij moest ook afzien van zijn The Diary-project omdat de opnamen deel uitmaakten van Dilla's bezittingen. Hij probeerde een deal te sluiten, maar kreeg een dagvaarding aan zijn broek. Uiteindelijk hielp de juridische afdeling van Stones Throw zowel Alapatt als de erfgenamen. De strategie was niet zozeer de positie van Erk als executeur-testamentair aan te vechten, maar aan te tonen dat moeder Maureen noch Dilla's dochters als wettige erfgenamen ooit een rooie cent hadden gezien. De zaak sleepte zich nog zo'n twee jaar voort, maar uiteindelijk konden de advocaten aantonen dat Erk voornamelijk zichzelf en zijn bedrijf had verrijkt. Alapatt: 'De rechtbank heeft meteen alle betalingen aan Erk opgeschort en Erk heeft zijn functie opgegeven, waarna de staat Californië een nieuwe executeur-testamentair heeft aangewezen.'

Te veel risicofactoren

Alapatt: 'Het label had zijn bedenkingen over de commerciële potentie. MCA, destijds een oase voor progressieve hiphop met acts als The Roots en Common, dacht: laten we hun sterproducer ook in huis halen. Dilla had het talent om avontuurlijke eigenzinnige albumtracks te produceren die uitstaken boven die van zijn collega's. Maar mainstreamhits? Met uitzondering van Commons liefdesliedje The Light en de remix van Janet Jacksons Got Til It's Gone waren ze er niet. Hij had zelfs een producerscontract van MCA, maar besloot dat hij liever wilde rappen in samenwerking met door hem bewonderde, maar minder bekende artiesten en hiphopbeatmakers. Waar hij had kunnen kiezen voor een gastvocalist als Erykah Badu, koos hij voor de minder bekende Bilal. Hij liet producer Madlib uit LA overvliegen toen weinigen nog van hem hadden gehoord en gebruikte een beat van toenmalig 'up and coming' producer Kanye West. Te veel risicofactoren voor MCA.'

Een meevaller was dat Dilla had afgesproken met MCA dat hij de eigenaar zou blijven van de opnamen. Alapatt kon met Dilla's toestemming om de plaat postuum uit te brengen, na diens overlijden de tapes zo ophalen. Hij ondervond echter enorme hindernissen op zijn tocht die tot Dilla's allerlaatste schat moest leiden: de verouderde software die Dilla gebruikte en die moest worden ontcijferd en de vele versies van de nummers waaruit een zorgvuldige keuze moest worden gemaakt. En toen ontstond een juridisch steekspel met Dilla's executeur-testamentair. Die betaalde namelijk niets aan de erven Dilla. De royalties van de Dillaplaten die waren uitgebracht bij Stones Throw, betaalde Alapatt rechtsreeks aan Dilla's moeder Maureen Yancey, totdat hij door de executeur werd gesommeerd daarmee op te houden. Ook het The Diary-project moest van de baan.

Alapatt kreeg zelfs een proces aan zijn broek. Hij won uiteindelijk, maar het kostte hem al zijn spaargeld. Terwijl hij toch makkelijk van het project kon weglopen? 'Nee, voor mij was het uitbrengen van deze plaat een morele verplichting. Als Stones Throw hebben we veel geld verdiend aan Dilla's album Donuts. Door zijn overlijden heeft hij niets van de winst gezien. Ik wilde iets terugdoen voor zijn familie. Ik wilde geen vertegenwoordiger zijn van een platenmaatschappij die zegt: Ja sorry mevrouw Yancey, dit staat nu eenmaal in het contract.'

Daarnaast vindt hij dat The Diary moest uitkomen als laatste tastbare bewijs van Dilla's muzikale uitmuntendheid. 'Alles tussen Donuts, Dilla's laatste officiële release, en dit zijn vage ideeën die in de ether zweven, onofficiële uitgelekte tracks en beattapes, gedownload door mensen die niet eens wisten wie hij was. Dit is de echte Dilla. En ik hoop dat ik hiermee niet alleen die groep toegewijde fans bedien, maar ook de mainstreamliefhebber die nu niet meer dan een vaag besef heeft van wat deze man voor hiphop heeft betekend.'

null Beeld
Beeld

J Dilla in Paradiso

Dit jaar is het tien jaar geleden dat hiphopproducer J Dilla overleed. Daarom is het vrijdag 1 juli Dilla Day in het Amsterdamse poppodium Paradiso. De hele nacht staat in het teken van de invloedrijke producer. Die wordt geëerd met de presentatie van de single 09051999 van hiphopcrew Les Cooles de Ville en producers Binkbeats en Duke Hugh. Ook Het Dilla-fotoboek Ia 1999 (Lees: Romeinse 1 - a - 1999) van Yamandú Roos wordt dan gepresenteerd.

Paradiso geeft aan V-lezers 3 Dilla-pakketjes weg: 2 tickets voor de Dilla-avond, plus de vinyluitgave van 09051999.

Mail naar v@volkskrant.nl, met naam, adres en 'Dilla' in de header om daar kans op te maken.

null Beeld
Beeld

Dilla voor beginners

Wat was dan het muzikale handelsmerk van 'the most famous hiphopproducer you never heard of'? Dat hij zich nooit lange tijd aan een bepaalde muziekstijl verbond. Als iets het werk van J Dilla kenmerkt, is het wel de eeuwige drang om zich op onbetreden paden te begeven. Zo gauw hij navolgers vermoedde, veranderde hij van richting. Toch zijn er voor beginners bepaalde perioden aan te wijzen in het oeuvre van de beatmaker/producer. Dilla aan de hand van vier voorbeelden.

Soul Madness I

De eerste keer dat Dilla's werk - toen nog bekend als Jay Dee - op internationale schaal de aandacht trok, was met het tweede album Labcabincalifonria van rapcrew The Pharcyde. Bij Dilla leek het alsof het resultaat van uiterst bekwaam knip en plakwerk op de ouderwetse manier tot stand was gekomen. Alsof bandjes niets anders deden dan hun muziek achterstevoren spelen en alsof Stan Getz toevallig kwam chillen in de studio en in een moeite door een moppie saxofoon leverde.

Luister Pharcyde - Drop/ Pharcyde - Runnin'

Neo Soul

Rond de eeuwisseling werd Dilla werd opgenomen in het kliekje muzikaal gelijkgezinden The Soulquarians waar ook artiesten als D'Angelo, Erykah Badu, Q-Tip, Roots-drummer Questlove en Common deel vanuit maakten. Het gaf hem de gelegenheid om met de bijdragen van muzikanten iets op te bouwen in plaats van alleen drumcomputers en geluidsfragmenten te gebruiken. Rapper Common nam in samenwerking met The Roots het album Like Water for Chocolate op. Dilla deed de meeste productie.

Luister Common - Heat/

Erykah Badu - Didn't Cha Know

Elektronische Periode

En toen neo-soul groot werd riep Dilla tegen drummer Questlove: 'Nu moeten we de elektronische kant op. We gaan richting Kraftwerk.' Het resultaat: Commons Electric Circus. Een plaat die minder minder goed werd ontvangen dan Commons voorganger. Ander voorbeeld van Dilla's elektronische periode is What Up van rapper Busta Rhymes.

Luister Busta Rhymes - What Up

Simple Madness II

In het ziekenhuis in Los Angeles werkte Dilla aan wat zijn laatste project zou worden: Donuts. Een terugkeer naar hardcore samplevirtuositeit zonder dat hij zich liet hinderen door iets ouderwets als songstructuur. Donuts is een aaneenschakeling van intensief bewerkte geluidsschetsen die nooit langer duren dan 2 minuten, een freaky ritmische collage.

Luister J Dilla - Donuts

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden