Voor alle westerlingen die het nog niet weten: zo zit de Indiase muziek in elkaar

Spoedcursus

Twee van de beroemdste Indiase musici, Hariprasad Chaurasia en Shivkumar Sharma, treden zondag op in Den Haag. Omdat niet alle westerlingen snappen hoe de Indiase muziek in elkaar zit, geeft V een spoedcursus.

George Harrison (links) en Ravi Shankar, die de sitar bespeelt, eind jaren 60. Beeld Michael Ochs Archives

Ravi Shankar, de Indiase sitarvirtuoos, zit met zijn musici op het podium van Madison Square Garden in New York. Het is 1971 en hij begint aan het met Beatle George Harrison opgezette benefietconcert voor Bangladesh, dat in een onafhankelijkheidsoorlog met Pakistan is verwikkeld. De musici zijn nog niet begonnen of er wordt al luid geapplaudisseerd. Shankar grijpt naar de microfoon, bedankt het publiek en zegt: 'Als u het stemmen zo waardeert, hoop ik dat u nog meer geniet van ons spel.'

De opmerking is tekenend: de meeste westerlingen hebben geen idee hoe de Indiase klassieke muziek in elkaar zit. Voor velen blijft het slechts bij een vage notie van het klankbeeld. Dat terwijl de Indiase muziek zo veel te bieden heeft en je er ook met westerse oren van kunt genieten. Zondag geven twee van de beroemdste Indiase musici, Hariprasad Chaurasia (78), die deels in Rotterdam woont, en Shivkumar Sharma (79), een gezamenlijk concert in het Zuiderstrandtheater in Den Haag. Tijd voor een spoedcursus Indiase muziek.

(Tekst gaat verder onder afbeelding).

Sentur (hakkebord).

Waarin verschilt Indiase van westerse klassieke muziek?

Allereerst dit: omdat de Indiase muziek veel tradities omvat, beperken we ons tot de Noord-Indiase muziek. En ook dan zullen we moeten generaliseren. We hebben het over de muziek die aan de Indiase hoven werd gespeeld en die zich in de 20ste eeuw, toen het systeem van patronage ophield te bestaan, heeft ontwikkeld tot concertmuziek.

Een groot verschil met westerse klassieke muziek is dat het in India niet gebruikelijk is muziek op te schrijven. In de Indiase traditie speelt een goeroe melodieën of ritmische patronen voor, die door zijn leerlingen worden nagespeeld. Er wordt beweerd dat sommige muziek uit de 9de eeuw stamt of zelfs nog ouder is, maar elke generatie voegt er vanzelfsprekend iets aan toe.

Er zijn de afgelopen pakweg 150 jaar wel notatiesystemen ontwikkeld, maar geen enkele sloeg echt aan. 'In de Indiase muziek gaat het om de subtiliteiten', zegt Joep Bor, musicoloog en hoofdauteur van het veelgeprezen boek The Raga Guide. 'Het is onmogelijk om al die subtiele glijtonen en versieringen visueel weer te geven. Bovendien is het vastleggen van muziek in strijd met de hindoeïstische overtuiging dat alles tijdelijk is.' Of zoals Hariprasad Chaurasia het zegt: 'Als je een melodie opschrijft, geef je er niet om.'

(Tekst gaat verder onder video).

Wat is een raga?

Centraal in de Indiase muziek staat de raga - een even essentieel als complex begrip. Het woord is afgeleid van ranj, wat 'gekleurd' of 'ontroerd' betekent. Musicoloog Bor omschrijft de raga als 'een melodisch raamwerk voor compositie en improvisatie'. Elke raga biedt een verzameling muzikale thema's. 'Je moet een raga zien als een afzonderlijke persoonlijkheid.'

De raga's hebben allemaal een eigen connotatie. Bovendien zijn ze gebonden aan een tijdstip. In de ochtend worden dus andere raga's gespeeld dan in de avond. Er zijn acht van die tijdzones. Naast de raga is er nog een ander belangrijk begrip: de tala, de ritmische soort. De meest gebruikelijke tala is de tintal, die uit zestien tellen bestaat.

Sitar.

Wordt er veel geïmproviseerd?

Een raga begint met een alaap: een geïmproviseerd en ritmisch vrij deel. Het is een misvatting dat de Indiase muziek vrijwel geheel uit improvisatie bestaat. 'De Indiase musici leren zich aan lange melodieën heel precies na te spelen. En er wordt wel degelijk goed nagedacht over opbouw', zegt Bor. 'Ervaren spelers krijgen de vrijheid tonen toe te voegen, maar je mag een raga niet onheus behandelen. Dan worden de goden kwaad.'

Harmonium.

Hoe ziet een typisch Indiaas klassiek ensemble eruit?

Meestal is er sprake van één solist die wordt bijgestaan door een paar begeleiders. De solist kan een sitarspeler zijn (een sitar is een getokkeld snaarinstrument met meeresonerende snaren) of een bespeler van de bansuri (een bamboefluit, het instrument van Hariprasad Chaurasia) of een santur (het honderdsnarige hakkebord dat met houten hamertjes wordt bespeeld, het instrument van Shivkumar Sharma). Als de solist een vocalist is, is er vaak nog een sarangi bij (een strijkinstrument met resonerende snaren) of een harmonium (een tafelorgeltje).

De typische begeleidingsinstrumenten zijn een tampura (een langnekkig snaarinstrument) waarop de grondtoon wordt gespeeld en een tabla (een percussie-instrument dat door subtiele bespeling met vingers en handpalmen van beide handen een rijk palet aan klanken kan laten horen). Tegenwoordig wordt er vaak nog een extra percussionist aan toegevoegd. Er zitten dus minimaal drie spelers op het podium.

Bijzonder aan het concert van zondag is dat er twee solisten zijn: dit noem je een jugalbandi (een duet). Dit is niet standaard in de Indiase muziek. Omdat ook de instrumenten allemaal sterke eigen connotaties hebben, heeft elk instrument een ander repertoire - een jugalbandi kun je dus zien als een soort cross-overconcert. Sharma's 'volkse' santur wordt geassocieerd met romantiek, terwijl de bamboefluit van Chaurasia juist staat voor devotie. De goddelijke manifestatie Krishna zou de bansuri hebben bespeeld, vandaar.

Tampura.

Heeft de Indiase klassieke muziek een ander toonsysteem dan wij gewend zijn in het Westen?

In de Indiase muziek wordt veel meer gebruik gemaakt van 'tussentonen': tonen die het westerse oor in eerste instantie zou 'corrigeren'. 'Vaak wordt er net iets lager geïntoneerd', zegt Bor, die zich sinds 1964 met Indiase muziek bezighoudt en lang in het land woonde. 'Ik heb er ook een paar jaar over gedaan voordat ik de nuances en micro-intonaties echt doorkreeg.'

Wie zijn Hariprasad Chaurasia en Shivkumar Sharma?

Hariprasad Chaurasia (78), zoon van een worstelaar, is een van de beroemdste musici van India. Daar kun je hem ook bij talentenjachten op tv zien. Een gedeelte van het jaar brengt hij door in een stad waar hij vrijwel onopgemerkt over straat kan: Rotterdam.

Joep Bor, die de wereldmuziekafdeling van het Rotterdams Conservatorium (nu Codarts) opzette, haalde Chaurasia in 1990 naar de Maasstad. Bor was verbaasd dat zo'n grootheid - die ook met George Harrison, sterviolist Yehudi Menuhin, rockgroep Jethro Tull en saxofonist Jan Garbarek speelde - naar Nederland wilde komen. Nog steeds geeft Chaurasia er les.

In een kamertje van ongeveer 12 vierkante meter zitten acht studenten van uiteenlopende niveaus blootsvoets op de grond. Chaurasia speelt vier maten voor, de studenten spelen hem na. Hij wordt aangesproken met pandit (leermeester), maar ziet zichzelf niet als leraar. Hij bezoekt ook zelf zijn goeroe nog, Annapurna Devi (90) die van hem verlangde dat hij linkshandig zou gaan spelen. 'Ik geef geen les, ik deel', zegt hij. De studenten stoppen hem eten toe - als een leermeester je heeft toegelaten, behandel je elkaar als familie.

Volgens musicoloog Bor is Chaurasia 'de grootste Indiase fluitist van de 20ste eeuw'. 'Hij heeft een perfecte techniek en intonatie, in zijn muziek zit ruimtelijkheid en soulfulness.' En Shivkumar Sharma (79) doet niet voor hem onder. Sharma, geroemd om zijn ritmische variaties, geldt als de eerste die de santur gebruikte in Indiase klassieke muziek. Vijftig jaar geleden maakten de musici een fusion-conceptalbum, Call of the Valley, over een herder uit Kashmir. Het werd een culthit in het Westen en was voor velen een eerste kennismaking met Indiase muziek.

Bansuri (bamboefluit).

George Harrison

De India-hype in de jaren zestig was te danken aan The Beatles. Op Norwegian Wood (1965) gebruikte George Harrison voor het eerst een sitar en op Within you, without you (1967) klinken bijna uitsluitend instrumenten uit Indiase muziek. Volgens Joep Bor had de hype iets plats. 'De belangstelling bleef meestal oppervlakkig. Natuurlijk was George Harrison oprecht geïnteresseerd, maar hij had net zo veel kaas gegeten van Indiase muziek als ik van aardappelrooien.'

Wat kun je verwachten bij hun concert?

Anders dan bij een westers klassiek concert is er geen programma. Kort van tevoren bepalen de twee solisten wat ze gaan spelen: dat hangt af van hun stemming. Chaurasia staat erom bekend dat hij het publiek vraagt raga's te noemen. De duur staat evenmin vast. 'Concerten kunnen uren duren', zegt Joep Bor. 'Het is voor een Indiaas musicus de bedoeling dat elk tijdsbesef verdwijnt als hij muziek maakt.'

Maar: hoe moet je er met ongetrainde oren naar luisteren?

'Je zult onbevooroordeeld, met een open geest naar de nuances en emoties moeten luisteren', zegt Bor. 'In deze muziek worden verhalen verteld - het is een en al storytelling. Natuurlijk zullen veel subtiliteiten je ontgaan, maar je zult er zeker een verhaal in horen.'

Met dank aan Felix van Lamsweerde en Mahesvari Autar.

Hariprasad Chaurasia (bansuri) en Shivkumar Sharma (santur). 25/6, Zuiderstrandtheater, Den Haag. Aanvang: 15.00 uur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.