BOEKRECENSIEHauke Friederichs

Vonkenregen brengt de laatste maand van een breekbare vrede in beeld ★★★☆☆

Hoe zag het leven eruit in de laatste zomer voor de Tweede Wereldoorlog? Hauke Friederichs maakte een fraaie compilatie van krantenartikelen en egodocumenten.

Beeld Thomas Rap

Het is curieus dat agressors altijd naar voorwendselen zoeken waarmee ze hun daden kunnen rechtvaardigen. Ook al weten ze dat niemand hen gelooft. Zo verlangde Adolf Hitler in 1939 naar een echte oorlog met de door hem geminachte en gehate Polen. Hij wilde geen gebiedsuitbreiding na een zogenaamd plebisciet, waarmee de inlijving van Oostenrijk in 1938 werd ingeleid. En hij wilde al helemaal niet met democratisch gekozen staatslieden overleggen over de oplossing van een door hem geforceerde crisis, zoals die in Sudetenland – ook in 1938. Nee: hij wilde er in het oosten op los slaan. Daarvan maakte hij geen geheim tegenover de top van de partij (de NSDAP) en de Wehrmacht.

Toch wilde hij niet in de boeken terechtkomen als de aanstichter van de oorlog. Hij prikkelde Polen – waaraan Duitsland in 1919 gebied had moeten afstaan – tot daden die hij als casus belli zou kunnen opvoeren. En toen de Poolse regering hem in dit opzicht niet ter wille was, verzon hij zelf incidenten die ‘niet onbeantwoord mochten blijven’.

Eerst bedreef hij vruchteloos propaganda met de terreur waaronder de in Polen woonachtige Duitsers – ‘Rijksduitsers’ – te lijden zouden hebben. Toen hij daarmee buiten het eigen land maar geen verontwaardiging wist te wekken, simuleerde hij een grensincident. Voor de enscenering werden SS’ers in Poolse uniformen ingezet. De dodelijke slachtoffers – die moesten er natuurlijk zijn, wilde je een heuse oorlog beginnen – waren politieke gevangenen. De eerste van hen – welbeschouwd de eerste dode van de Tweede Wereldoorlog – was Franz Honiok, die uit het concentratiekamp Sachsenhausen-Oranienburg naar het krijgstoneel was overgebracht. En zo kreeg Hitler toch de oorlog die hij wilde.

De zomer voor de oorlog

Het boek Vonkenregen van Hauke Friederichs gaat over de maand die hieraan voorafging. Augustus 1939 dus, de laatste maand van de breekbare vrede van het interbellum. Het is een compilatie van krantenartikelen, dagboekfragmenten, memoires en andere egodocumenten uit of over ‘de zomer voor de oorlog’. Volgens hetzelfde principe heeft Friederichs een boek geschreven over de laatste winter van de Weimarrepubliek (De grafdelvers). Florian Ilies hakte eerder met dit bijltje in 1913 – Het laatste gouden jaar van de twintigste eeuw.

Het aantrekkelijke van deze uitsneden van de geschiedenis is dat ze zijn geschreven vanuit het perspectief van tijdgenoten die tussen hoop en vrees – of in een koortsige verwachting – leefden te midden van ontwikkelingen waarvan de hedendaagse lezer de afloop kent. Zo kunnen triviale waarnemingen uit die tijd nu, ruim tachtig jaar later, een ironische of wrange indruk maken. Neem het feit dat het prestigieuze Adlon Hotel in Berlijn op 9 augustus geen sinaasappelsap kan serveren bij het ontbijt van William Shirer, Europees correspondent voor het Amerikaanse radiostation CBS News. De oorlogseconomie wierp haar schaduw vooruit, weten we met de kennis van nu.

Een paar dagen later is Shirer in ‘de vrije stad’ Danzig, het voornaamste krijgsdoel van Hitler tijdens de ophanden zijnde veldtocht. Daar geven de mensen zich over aan zomerse genoegens. Shirer zelf maakt er kennis met Danziger Goldwasser: een koppig drankje waarin kleine gouddeeltjes ronddwarrelen als sneeuwvlokken. In de passages over het duivelspact tussen nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie gaat het onder andere over het feit dat Molotov, Stalins minister van Buitenlandse Zaken, noodgedwongen in gebrekkig Duits met zijn ambtgenoot Joachim von Ribbentrop converseert, omdat zijn privaatdocent Duits is gearresteerd.

Onafwendbaar

Toch ontbeert Vonkenregen de spanning die de mozaïekvertellingen over 1913 en over de laatste winter van de Weimarrepubliek wel oproepen. In die boeken gaat het om het voorspel van fatale gebeurtenissen – het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog en de machtsgreep van Hitler – die nog afwendbaar waren. Zoals oplettende waarnemers destijds al vaststelden, was in de zomer van 1939 de vrede al reddeloos verloren. Uitsluitend en alleen omdat Adolf Hitler, de man die er prat op ging zijn hele leven al va-banque te hebben gespeeld, de oorlog wenste. En Hitlers wil was wet, in de zomer van 1939.

Hauke Friederichs: Vonkenregen – Augustus 1939, de zomer voor de oorlog begon. Uit het Duits vertaald door Kris Lauwerys en Isabelle SchoepenThomas Rap; 424 pagina’s; € 24,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden