Review

Volgens Quariachi jagen korte-verhalenschrijvers lezers weg met 'flutzinnen'

In herinneringen in aluminiumfolie staan vooral middelmatige verhalen.

Schrijver Jamal Ouariachi. Beeld Robin de Puy

'Een gedegenereerd Tsjernobyl-gnoompje', zo typeert Jamal Ouariachi (1978) het hedendaagse verhalengenre. Dat korte verhalen niet populair zijn, is de schuld van de schrijvers die hun lezers minachten, meent hij in het nawoord van zijn eerste verhalenbundel Herinneringen in aluminiumfolie.

Jamal Ouariachi (fictie)
Herinneringen in aluminiumfolie
Querido: 220 pagina's; euro 18,99.

Die minachting zou zich uiten in een te zuinige schrijfstijl, onder het mom van 'in een kort verhaal is de suggestie het belangrijkst'. Daar is Ouariachi het niet mee eens. 'Doe gewoon je werk, schrijver, daar ben je voor ingehuurd (...), schrijf godverdomme gewoon die zinnen op.' Schrijvers jagen met hun 'spaarpotproza' de lezers weg.

Zeer-korte-verhalenschrijver A.L. Snijders krijgt er onverholen van langs. 'Uit zomaar een bundel' citeert hij de eerste regels van een verhaal van Maartje Wortel om aan te tonen hoe erbarmelijk het gesteld is met het niveau van het korte verhaal. 'Toen de hond was doodgegaan, waren er dingen veranderd in en om het huis. Anders geworden. In de eerste plaats was de hond dood. Weg.' Briljante zinnen zijn het niet, maar ze zonder verdere uitleg 'ongeïnspireerde flutzinnen' en 'overbodige kleuterzinnen' noemen, brengt de lezer geen stap verder om de frustratie van Ouariachi te begrijpen.

Hoe doet Ouariachi het zelf? Hij ziet een kort verhaal graag 'ambachtelijk opgeschreven'. Daarmee bedoelt hij dat schrijvers 'gewoon een goed verhaal' moeten schrijven zonder 'kijk-mij-eens-diepzinnig-bijna-niks-zeggen'. Ironisch genoeg zijn de verhalen waarin Ouariachi weinig zegt het beste. Neem het geslaagde 'De Moslim Sportvissers Club', waarin de hoofdpersoon door een geloofscrisis gaat zonder dat dat expliciet wordt benoemd. In het verhaal 'Hoofd' is de kracht van het onvermelde nog concreter. Het gaat hierin niet om een hoofd maar om een been. Daar is iets mee. Wat, dat kom je niet te weten en dat zorgt ervoor dat het verhaal intrigeert.

In andere verhalen legt Ouariachi juist te veel uit. In 'Sabotage' krijgt de lezer tot drie keer toe voorgekauwd dat een arm gezin veel had kunnen doen met een misgelopen som geld. Dat had überhaupt niet vermeld hoeven worden. In 'De Toeristenslager' zit je pagina's lang te wachten tot dat stel dikke toeristen nu eindelijk eens in de pan wordt gehakt.

Als er al wat mis is met het korteverhalengenre dan slaagt Ouariachi er met zijn bundel niet in iets goed te maken. Zijn tirade achteraf lijkt vooral bedoeld om de aandacht van zijn middelmatige verhalen af te leiden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.