Interview Rob Legato

Visual effects-specialist Rob Legato geeft zondag een masterclass in Amsterdam: ‘Je beste werk moet haast onzichtbaar zijn’

Visual effects-specialist Rob Legato is dit weekend in Nederland. Aan de Volkskrant vertelt hij waaraan goede effecten wel en juist níét moeten voldoen.

Robert Legato. Beeld Warner Bros. Pictures.

De Amerikaanse drievoudig Oscarwinnaar Rob Legato (62), gespecialiseerd in visual effects, zag eens een film – hij noemt geen namen want hij wil niemand beledigen – waarin de camera langzaam weg beweegt van een boot op zee. ‘Je ziet die boot eerst tussen zo’n vijf andere boten liggen, de camera trekt zich verder terug: tien boten, twintig boten. Je denkt: dat zijn veel boten, best indrukwekkend, goed gedaan. Het is de truc daar vervolgens te stoppen, maar dat gebeurde niet. Die scène eindigde met zó veel boten dat het ridicuul werd.’

Het niveau van visual effects heeft zich het afgelopen decennium zo ontwikkeld dat je een oceaan vrij eenvoudig kan vullen met duizend boten, maar dat betekent niet dat je het ook moet doen, zegt Legato via Skype vanuit Londen. ‘Het verpestte de hele film. Een achtbaan is ook niet leuk als je alleen maar naar beneden gaat: juist het moment waarop het karretje langzaam omhoogkruipt, maakt de rit veel spannender.’

Rob Legato (in het midden) tijdens de Academy Awards in Hollywood in 2012. Beeld EPA

Het zijn dit soort inzichten die zondagochtend ongetwijfeld aan bod komen tijdens de masterclass die Legato verzorgt in de Amsterdamse bioscoop Tuschinski, op uitnodiging van de Nederlandse Vereniging van Visual Effects Professionals (NVX). Met Legato haalt de NVX een van ’s werelds grootste filmspecialisten naar Nederland.

Legato begon zijn carrière als effectenhoofd bij de Star Trek-series The Next Generation (1987-1992) en Deep Space Nine (1993). Hij werkte veelvuldig met Martin Scorsese, ontving zijn eerste Oscarnominatie voor de tweede film waaraan hij ooit werkte (ruimtevaartrampenfilm Apollo 13, 1995) en zag zijn volgende Oscarnominaties stuk voor stuk verzilverd – bij hem thuis staan beeldjes voor zijn bepalende werk aan Titanic (1997), Hugo (2011) en The Jungle Book (2016). In Londen zwaait hij momenteel de scepter over de effecten van het volgende zomer te verschijnen The Lion King, dat net als de recente versie van The Jungle Book acteurs combineert met hoogwaardige computeranimaties.

Het gesprek met Legato voelt als een verkwikkend college, vol gedetailleerde antwoorden en voorbeelden uit de praktijk. Terloops debiteert hij ingestudeerde wijsheden die een carrière vol vlammende pitches verraden: ‘Ik moedig jonge mensen in het vak aan nooit iemand te imiteren. De wereld is benieuwd naar jóú, de ander kennen ze al.’ Of: ‘Ik wil van mijn team nooit horen: maar dit hebben we nog nooit gedaan! Hoogste tijd om het te proberen, zeg ik dan. Ons werk bestaat bij de gratie van dingen die nooit eerder zijn gedaan.’

Zijn Nederlandse collega Erik-Jan de Boer zei vier jaar geleden in de Volkskrant dat het verbeelden van een fotorealistisch geanimeerde acteur in zijn vak de laatste uitdaging is. Volgens Legato is inmiddels alles technisch mogelijk, mits de maker zijn of haar hand niet overspeelt. ‘In The Jungle Book zitten 150 korte shots waarin Mowgli niet wordt gespeeld door de acteur, maar door een digitale kopie. Ik daag iedereen uit om aan te wijzen welke shots dat zijn – dat lukt niemand.’ Hij omschrijft het als zijn ‘kaarttruc’, een subtiel uitgevoerd handigheidje als de toeschouwer net een mooie close-up van de echte acteur heeft gezien, bijvoorbeeld. ‘Laat ik het zo zeggen: alles is mogelijk, maar het is afhankelijk van smaak, kennis, kunde en een gedegen voorbereiding of het ook lukt.’

Rob Legato is naar Nederland gehaald door de NVX, de in 2015 opgerichte vereniging voor Nederlandse visualeffectsprofessionals. De NVX (ruim 100 leden) deelt jaarlijks een eigen prijs uit (een Gouden Kalf voor beste visual effects is er niet) en streeft ernaar via onder meer masterclasses de saamhorigheid, erkenning en zichtbaarheid in de Nederlandse industrie te bevorderen. Eerdere gasten waren onder anderen Paul J. Franklin (de vaste effectenmaker van Christopher Nolan, twee Oscars) en Richard R. Hoover (Oscar voor Blade Runner 2049). ‘Voorheen opereerden we in dit vak binnen Nederland wat te veel op eilandjes’, zegt voorzitter Dennis Kleyn. ‘Nu steken we elkaar aan en zijn we bijna allemaal vrienden.’

Hoe omschrijft u uw stijl?

‘Ik ben meer gefascineerd door geschiedenis dan de toekomst. Ik geef liever vorm aan de Titanic of de Apollo 13 dan aan door de lucht vliegende superhelden of knakkende flatgebouwen, zoals in de Marvelfilms. Ik hou van het onzichtbare effect: een beeld dat in theorie ook zonder mijn trucs kan worden gemaakt, maar vanwege een beperkt budget of om veiligheidsredenen toch aan mij wordt overgelaten.’

Wordt in grote films tegenwoordig te veel en te opzichtig gestrooid met visual effects?

‘Er zijn nogal wat animatoren onder de indruk van hun eigen trucs. Terwijl je beste werk haast onzichtbaar moet zijn, het moet in de textuur van de film verdwijnen. Ik kan daarmee de illusie van authenticiteit wekken. Als je gemiddeld werk levert, is men opmerkelijk genoeg eerder geneigd te zeggen hoe geweldig het effect is. Een matig effect is simpelweg beter herkenbaar als effect, maar in feite is de illusie in zo’n geval gewoon niet compleet genoeg.’

‘Ik stem jaarlijks bij de Oscars in de categorie Best Visual Effects en mijn stem gaat altijd naar een film waarbij ik tijdens het kijken de effecten op een gegeven moment vergat. Dat bevalt me: een grote filmprijs waarmee juist de verfijnde aspecten van het vak worden erkend.’

U vertelde eens hoe u de lancering van de Apollo 13 herschiep zoals de astronauten het zich herinnerden, en niet op basis van bestaande beelden. Waarom?

‘Mensen zijn heel goed in het interpreteren van gebeurtenissen. Een aardige vrouw kan zomaar je droomvrouw worden als je haar beter leert kennen. De school uit je kindertijd blijkt niet zo groot en angstaanjagend, als je er later nog eens een kijkje neemt. De lancering van een raket is in werkelijkheid vele malen spectaculairder dan op tv. De mensen, plekken en gebeurtenissen blijven hetzelfde, maar je perceptie verandert. Een film over de astronauten aan boord van de Apollo 13 is overtuigend als ik erin slaag hun perceptie zo goed mogelijk te verbeelden.’ 

Op tv kruipt de raket tijdens de lancering vanuit een min of meer vaste camerapositie omhoog, in de film zien we een bulderend gevaarte dat aan alle kanten ratelt en trilt.

De wereld waarin Legato werkt, hoog bovenaan de Hollywoodladder, is ook aan verwrongen perceptie onderhevig, vult hij aan. ‘Na mijn Oscar voor Titanic werd ik geregeld gebeld door mensen die een samenwerking zochten. Het eerste wat ze zeiden was: ‘Ik weet dat je druk bent, maar…’ Ik moest ze onderbreken en zei: omdat ik op tv was met een prijs? Ik voer echt geen reet uit momenteel, wat is er?’

Masterclass van Rob Legato, zondag 29/7 om 11.00 uur in Tuschinski, Amsterdam. Kaartjes via vfxprofessionals.nl.

Hugo. Beeld Special Effects door Rob Legato
Jungle Book. Beeld Special Effects door Rob Legato
Titanic. Beeld Special Effects door Rob Legato
Apollo 13. Beeld Special Effects door Rob Legato
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.