BoekrecensieIbis – Een verwensing

Virtuoze scheldpartij Ovidius voor het eerst sinds 1678 vertaald

Beeld Damon

‘Ik hoop dat het ongedierte aan je organen/ komt vreten’, schrijft Ovidius in Ibis – Een verwensing, ‘zoals het bij Prometheus deed/ of dat je jezelf zoals de zoons van Thyestes/ en Harpagus aan je vader te eten voorzet...’ Wie zijn kwelgeest is, laat de Romeinse dichter liever onvermeld – hij noemt hem voorlopig Ibis. Evenmin vertelt hij wat hem precies is aangedaan. Het was in elk geval erg genoeg om de dader honderden verzen lang virtuoos de huid vol te schelden.

Is dit de dichter van de speelse Metamorfosen, de vrolijke minnepoëzie en lessen in de liefde? Na zijn verbanning uit Rome door keizer Augustus bracht Ovidius (43 v.Chr.-17 n.Chr.) zijn wanhoop tot uitdrukking in weemoedige gedichten en brieven. Ibis is een opvallend (en opvallend vermakelijk) buitenbeentje in dit late werk. Voor de fraaie Monobiblos-reeks van uitgeverij Damon maakte classicus Christiaan Caspers de eerste Nederlandse vertaling sinds 1678. In zijn nawoord laat hij overtuigend zien dat het gedicht meer is dan een uit de hand gelopen stijloefening: ook hier toont zich de meester.

Ovidius: Ibis – Een verwensing. Uit het Latijn vertaald door Christiaan Caspers. Damon; € 14,90.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden