Recensie Janine Jansen

Violist Janine Jansen is op haar 41ste zo goed, dat het publiek niks anders meer verlangt van de avond ★★★★☆

Janine Jansen Beeld Marco Borggreve

Szymanowski, Dvořák en Wagner

Klassiek

Vier sterren

Janine Jansen (viool), Chamber Orchestra of Europe. 28/5, Concertgebouw, Amsterdam.

Normaal gesproken zou het een prima programmavolgorde zijn geweest, dinsdagavond in het Concertgebouw in Amsterdam. Bij wijze van ouverture: Richard Wagners Siegfried Idyll. Daarna een vioolconcert, om na de pauze het orkest op z’n grootst in te zetten in de Slavische dansen (opus 72) van Antonín Dvořák.

Maar het vioolconcert op het programma is het eerste van Karol Szymanowski. En belangrijker: de solist is Janine Jansen, die op haar 41ste zo goed is dat het ook bij alle medeviolisten in de zaal het voorstellingsvermogen te boven gaat. Zij speelt het stuk met zo’n intensiteit dat je je afvraagt of de leden van het Chamber Orchestra of Europe zelf nog wel zitten te wachten op Dvořáks folklore, furie en melancholie. De dansen voelen als een te machtig, te zoet en voorspelbaar dessert na een verrassend, vullend en zeer kruidig hoofdgerecht; iets wat je nog nooit hebt geproefd.

Niet dat er iets mis is met het spel. Dirigent Antonio Pappano voorziet de melodieën (prachtig, maar met oorwurmpotentie) van stevige middenstemmen. De uitvoering van Siegfried Idyll is bijzonderder. Pappano kiest voor een bezetting van één instrument per partij. Die kleinschaligheid is verdedigbaar: Wagner liet het stuk, bij wijze van geschenk aan zijn vrouw Cosima, op kerstochtend van 1870 spelen in het trappenhuis van hun villa in het Zwitserse Tribschen.

Hier en daar gaat de uitvoering gebukt onder wankele intonatie, maar er staat een donkere klankkleurenpracht tegenover waardoor het soms net lijkt alsof er stiekem iemand op het orgel zit mee te spelen.

Kleur is ook het woord waarmee het Eerste vioolconcert van Szymanowski, gecomponeerd in 1916, zich laat samenvatten. Het is een werk vol kleine klankexplosietjes, etherische en soms grillige maten, surrealisme in trillende lucht. Jansen blijkt de ideale vertolker. In de ongeveer 25 minuten die het stuk duurt, zet ze een grote legatoboog boven haar partij, waarin ze vaak subtiel van de ene naar de andere toon glijdt, maar toch ritmisch gelijk blijft met het orkest.

Die timing: groots, net als Jansens vermogen met het orkest te mengen en als het ware vanuit het orkest op te stijgen. Ook bij volle symfonische sterkte blijft ze duidelijk hoorbaar, omdat het háár lijn is die je wilt blijven volgen. De stoelenrijen in het Concertgebouw schudden hevig heen en weer bij het ritmisch vuurwerk.

De mensheid zou erbij gebaat zijn als ze een opname van het stuk maakt. Wie haar verrichtingen op waarde weet te schatten, kan er sowieso maar beter voor zorgen dat hij geen concert mist.

Kijk hier een filmpje van haar concert in Tokio vorig jaar, waar Jansen Szymanowski speelde met het London Symphony Orchestra:

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden