Interview

Viet Cong moest kiezen: de muziek of de prostitutie

Het begon aardig te zoemen toen bekend werd dat de leden van cultband Women weer bij elkaar zouden komen. De Canadese band maakt een doorstart onder de naam Viet Cong.

Viet Cong aan het water aan de overkant van concertzaal Ekko in Utrecht. Matthew Flegel (in zwarte trui): 'We willen de wereld zien.' Beeld Io Cooman

'We're breaking up right now, you're all going to see our last show', schreeuwt Women-zanger Patrick Flegel in oktober 2010 in een bar in Victoria, Canada. Even daarvoor is hij tijdens de soundcheck op de vuist gegaan met zijn broer Matthew, die bas speelt in dezelfde Canadese indieband.

Het blijkt inderdaad de laatste show van artrockband Women. Na maanden intensief toeren door Europa en de Verenigde Staten zijn de bandleden kapot. Ze blijken niet bestand tegen de druk die de snelgroeiende cultstatus van Women met zich meebrengt. Manager Ian Russell laat weten dat de hoeveelheid stress heeft geleid tot 'vrijwel volledige uitputting'.

In 2012, als gitarist Christopher Reimer overlijdt, zien de bandleden elkaar weer. Bassist Matthew Flegel speelt op dat moment met verschillende bandjes en besluit samen met gitarist Scott 'Monty' Munro, die in de begeleidingsband van de Canadese folkzanger Chad VanGaalen speelt, dat ze zelf een groep moeten vormen. Ze zitten vol ideeën en willen hun eigen muziek maken. Flegel vraagt voormalig Women-drummer Mike Wallace zich aan te sluiten bij hun naamloze groepje. De relatie met broer Patrick Flegel is inmiddels weer goed, maar hij concentreert zich op zijn eigen muzikale projecten.

'Door de dood van Chris kwam bij ons de vraag op: wat willen we eigenlijk met ons leven? Nou, het antwoord hadden we snel klaar: serieus muziek maken. En niet alleen in een garage. We willen de wereld zien. Naar Parijs, Londen... Naar Utrecht als het even kan', zegt een katerige Matthew Flegel in de kleedkamer van het Utrechtse Ekko, tijdens popfestival Le Guess Who.

Dolphins can swim

Na het optreden op Le Guess Who ging Viet Cong-zanger Matthew Flegel karaoke zingen in een bar in Amsterdam, waar hij naar eigen zeggen zijn stem verloor toen hij een ontbrekend couplet van David Bowies Heroes a capella wilde toevoegen aan het nummer. ‘Het Dolphins can swim-couplet ontbrak en dat was juist het deel dat ik zo graag had gezongen. Dus niet het optreden, maar de karaoke-avond daarna was funest voor mijn stem.’

Beledigend

In de garage van Monty in het Canadese Calgary ontstaat gaandeweg de band Viet Cong, inderdaad, vernoemd naar de communistische, Vietnamese guerrillabeweging Vietcong. Flegel ligt onderuitgezakt op een bank. 'Best beledigend hè, die naam? We krijgen zelfs mailtjes van Amerikaanse Vietnamezen die vertellen dat hun ouders nog zijn gemarteld door de Vietcong. Tja, het is maar een bandnaam. Meer kan ik er ook niet van maken', mompelt hij enigszins onverschillig.

De aankondiging dat voormalige Women-leden weer zouden samenkomen om nieuwe muziek uit te brengen, zwengelde een moeilijk te missen buzz aan op de grote muziekblogs. Ook in Ekko is de opwinding voelbaar. De mediabelangstelling is groot. 'Toch bijzonder, dat een hele rits Nederlandse journalisten is geïnteresseerd in een raar bandje uit Calgary.'

Eerste wapenfeit van Viet Cong was de release van de ep Cassette, vorig jaar, een zevental liedjes die doen denken aan iets tussen sixtiespop en de lo-fi rock van The Velvet Underground. 'We dronken avonden achter elkaar whisky en luisterden meer naar muziek dan dat we zelf speelden. We hadden nog geen idee hoe we wilden klinken, dus strooiden we maar wat ideeën rond in onze garage, die we met een beetje goede wil ook een studio kunnen noemen. Op de hoes van Cassette hadden we als bandnaam misschien 'pre-Viet Cong' moeten plakken, want we hadden onze muzikale richting nog niet gevonden. Maar omdat we gingen toeren en nog geen echt album af hadden, besloten we Cassette toch op te nemen. We waren blut en hadden honger. Het was dit werk aan de man brengen of onszelf prostitueren en voor 20 dollar mannen plezieren op parkeerplaatsen.'

Harder en bozer

De titelloze debuutplaat die deze week uitkomt, is harder dan Cassette. Bozer. Viet Cong duurt iets minder dan 40 minuten, maar is niet zo makkelijk verteerbaar. Het album staat vol intelligente, kunstzinnige postpunk. Artrock, mag ook. Van het hoogste niveau. Zoals March of Progress, een nummer dat meer dan 6 minuten duurt. Het nummer begint met minutenlang repeterende drones, gaat daarna over in psychedelische samenzang om uiteindelijk te eindigen in up-tempo, bijna vrolijke new wave.

Dat Flegel en zijn bandleden inmiddels beter zijn bestand tegen de druk van het toeren, blijkt als hij vertelt over het autootje waarmee ze door de Verenigde Staten trokken. 'Dit was ongeveer onze persoonlijke ruimte', zegt hij, terwijl hij lachend op schoot klimt bij gitarist Monty. 'Leuk voor even, maar we waren ook wel blij toen we weer thuis waren.'

Thuis is Calgary dus. Op het eerste gezicht lijkt het winterse, uitgestrekte Calgary, vlak bij de Rocky Mountains, de perfecte plek voor melancholische blokhutfolk. Monty: 'Dat zou je misschien denken. Het is een vreemde stad. Enorm ook. Wist je dat Calgary na Los Angeles het grootste stadsoppervlak van Noord-Amerika heeft? In de suburbs zijn alle huizen vrijstaand en gebouwd op honderden meters van elkaar. Daar word je niet alleen melancholisch van, het kan ook op je zenuwen werken. Maar uiteindelijk was het koude klimaat perfect voor ons. Het is zo verdomde koud dat je wel binnen in de studio móét blijven.'

Het opnameproces duurt dan ook lang. Flegel: 'Opnemen is uiteindelijk het leukste wat er is. Je kunt de nummers die je in je hoofd hebt net zo lang bijschaven tot het precies klinkt zoals je had bedacht. Niet dat ik optreden niet leuk vind, hoor. En toeren is een vreemde, aangename manier van reizen. Je leert makkelijk mensen kennen en komt op bijzondere plekken. Maar toch: het perfectioneren van je geluid, het precies vertalen van idee naar muziek, is waar ik het uiteindelijk voor doe.'

Verwacht overigens geen platgeproduceerde plaat, want gepiep en gekraak op een album versterken juist de muziek, vindt Flegel. 'Al mijn favoriete muziek is juist imperfect. Zoals The Pixies, bij wie nummers soms beginnen met een kraak of een schreeuw.'

Dat er in verhalen over Viet Cong veel naar Women zal worden verwezen, is voor de voorman geen probleem. 'Het gebeurt voortdurend en bevestigt voor mij alleen maar dat dit hoofdstuk uit mijn leven niet voor niets is geweest.'

Het album is vanaf deze week verkrijgbaar. Viet Cong speelt 10/2 in Paradiso, Amsterdam en 16/2 in Rotown, Rotterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden