Recensie Ali Smith

Vierluik van Ali Smit is actueel en tijdloos tegelijk ★★★★☆

In haar seizoenencyclus zit de Schotse auteur Ali Smith dicht op de actualiteit, terwijl de romans tegelijkertijd een tijdloos thema hebben.

****

Ali Smith: Winter. Hamish Hamilton; 322 pagina’s; € 18,99.

Ali Smith: Winter. Vertaald uit het Engels door Karina van Santen en Martine Vosmaer. Prometheus; 312 pagina’s; € 21,99.

Enkele maanden geleden wees een enquête van de Times Literary Supplement onder 200 recensenten, academici en auteurs Ali Smith aan als de beste Britse of Ierse auteur van dit moment. In haar kielzog volgden Hilary Mantel en Zadie Smith.

Hoewel Ali Smith qua verkoopcijfers en ‘zichtbaarheid’ op het literaire schouwtoneel achterblijft bij die twee collega’s, komt haar uitverkiezing niet uit de lucht vallen. Ze staat in de literaire kritiek al jarenlang in hoog aanzien en heeft vier maal de shortlist van de Booker Prize gehaald, een prijs die haar eigenlijk allang een keer had moeten zijn toegekend.

Bijvoorbeeld voor Autumn (Herfst), waarmee Smith in 2017 haar seizoenenvierluik begon. Dat boek werd indertijd binnengehaald als ‘de eerste grote Brexitroman’. Dat was het ook; onder heel veel meer, voegen we daar snel aan toe.

Inmiddels zijn ook Winter en Spring (Lente) verschenen en vertaald en wordt steeds duidelijker wat Smith met haar cyclus aan het doen is. Bij de publicatie van Autumn bleek al dat ze zo kort mogelijk op de actualiteit wilde schrijven. In dat boek speelde het Brexitreferendum en de verbijsterende verdeeldheid en oprispingen van vreemdelingenhaat die daar rechtstreeks uit voortkwamen een belangrijke rol. Tegelijk was het een relativerend boek, waarin geschiedenis ‘een ander woord voor ironie’ werd genoemd.

Nu driekwart van Smiths vierluik is verschenen, kunnen we constateren dat de boeken op verhaalniveau weliswaar geen vervolg op elkaar zijn, maar dat ze qua opzet, structuur, stijl en thematiek een hechte eenheid vormen.

****

Ali Smith: Spring. Hamish Hamilton; 336 pagina’s; € 19,99.

Ali Smith: Lente. Vertaald uit het Engels door Karina van Santen en Martine Vosmaer. Prometheus; 304 pagina’s; € 21,99.

Smith kiest er telkens voor om haar roman te openen met een tijdsbeeld, waarbij ze uitbundig knipoogt naar Dickens. In Autumn typeert ze de grimmige sfeer na het Brexitreferendum met een verwijzing naar de beginzin van A Tale of Two Cities: ‘Het was de slechtste der tijden, het was de slechtste der tijden.’ In de opening van Winter herkennen we A Christmas Carol: ‘God was dood: dat om te beginnen.’ In Spring horen we de vervormde echo van schoolmeester Gradgrind uit Hard Times: ‘Wat we dus niet willen zijn Feiten.’

Het zijn zinnen die zelfs laaggeletterde Britten herkennen, al was het maar dankzij de talloze televisiebewerkingen van Dickens’ boeken. Ze geven het verwarde en desolate tijdsbeeld dat Smith uitdraagt een extra dimensie: een vleug van de hardvochtigheid van de Franse Revolutie, Ebenezer Scrooge en voornoemde Thomas Gradgrind.

Als de sfeer is gezet, begint Smith met de opbouw van haar plot. Dat laatste is bij haar altijd een groot woord en in de seizoenencyclus meer dan ooit. Ze vertelt niet zozeer een verhaal, maar zet een situatie neer, om van daaruit via associaties, herinneringen, fantasieën, flashbacks en flashforwards uit te waaieren en weer terug te keren.

In Winter is het centrale plotelement – hoe kan het ook anders – een kerstdiner. Plaats van handeling: een reusachtig huis in Cornwall, eigendom van de gepensioneerde zakenvrouw Sophia. De bezoekers: haar zoon Art, diens vriendin Charlotte en Sophia’s zuster Iris. Een gezellig samenzijn wordt het niet, want eigenlijk is geen van de gasten welkom. De twee zussen hebben een afkeer van elkaar: waar Sophia ‘Daily Mail-rechts’ is, komt de levenslange activist Iris net terug uit Griekenland, waar ze heeft geholpen bij de opvang van vluchtelingen.

Verder is Charlotte niet wie ze voorgeeft te zijn. Ze blijkt een ongrijpbare persoonlijkheid met schijnbaar volkomen tegenstrijdige eigenschappen. Aan Art kleeft op een andere manier een sfeer van onechtheid. Hij schrijft natuurblogs over plekken waar hij nooit is geweest.

Tussen de gesprekken, associaties, fantasieën enzovoort door, laat Smith met zekere regelmaat de boze buitenwereld doordringen. De vluchtelingencrisis, de brand in Grenfell Tower, de feitenvrije politiek van Donald Trump, de klimaatverandering en andere zaken uit de actualiteit maken hun opwachting. In een onbedoelde vlaag van profetisch schrijven komt zelfs de Uil van Minerva even voorbij vliegen, in de vorm van de winkel Minerva’s Owl.

Ook in het derde deel van de tetralogie, Spring (Lente), dringt het straatrumoer tussen de kieren van het verhaal naar binnen. In deze roman figureren Richard, een filmregisseur, en Britt, die werkzaam is bij wat een gevangenis lijkt, maar (zo laat ze fijntjes weten) in werkelijkheid ‘een Uitzetcentrum met een gevangenisontwerp’ is.

In Spring treedt wederom een ongrijpbare, ontregelende buitenstaander op: de 12-jarige Olivia, wier taalgebruik soms dat van een intellectuele volwassene is, maar die tegelijkertijd een kinderlijke onbevangenheid heeft. Ze lijkt een allusie op de 16-jarige Zweedse klimaatactivist Greta Thunberg.

Zoals gezegd is Smith maar matig geïnteresseerd in het uitwerken van een plot. De spanning van haar boeken zit in de terugkeer van thema’s en motieven, telkens in andere verschijningsvormen, en in haar plezier in taalgrappen en woordspelingen, waarmee ze haar vertalers soms danig op de proef stelt. Samen met haar eigenzinnige typografie (zoals het ontbreken van aanhalingstekens bij directe rede) zorgt dat ervoor dat je haar boeken in een laag tempo moet lezen.

De seizoenencyclus mag dan op de huid van de actualiteit zijn geschreven, in feite hebben de boeken een tijdloos thema: dat van de altijd aanwezige mogelijkheid tot transformatie, verandering, metamorfose, belichaamd door het kind, de buitenstaander. En dat is, gezien de context, een uitgesproken hoopvolle boodschap.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden