Boekrecensie Koningin Victoria

Victoria, een echte koppelkoningin (vier sterren)

Met de beste bedoelingen trachtte de Britse koningin Victoria haar 9 kinderen en 42 kleinkinderen te koppelen aan een geschikte partner uit een van de Europese vorstenhuizen. Dat mislukte soms jammerlijk, maar ook als het wel lukte, was de uitkomst vaak verre van harmonieus. 

Koningin Victoria. Beeld Claudie de Cleen

Vermoedelijk is er in vorstelijk Europa geen koppelaar zo actief geweest als de Britse koningin Victoria (1819-1901). Niet alleen haar negen kinderen, ook haar 42 kleinkinderen trachtte ze te helpen aan een geschikte partner, die uiteraard eveneens blauw én bij voorkeur protestants bloed moest bezitten. Historicus Deborah Cadbury wijdde er een zeer leesbare, bij vlagen zelfs smakelijke monografie aan – niet in de laatste plaats omdat ze vrijelijk kon putten uit de koninklijke privécorrespondentie.

Volgens Cadbury waren Victoria’s motieven nobel. Wat ons wellicht aandoet als onheuse bemoeizucht kwam voort uit de relatief vooruitstrevende opvattingen van haar echtgenoot prins Albert over een federaal Europa. Kort samengevat: het ging het echtpaar bij het aanknopen van dynastieke banden niet alléén om koninklijke macht en prestige. ‘Elk huwelijk’, aldus Cadbury, ‘vormde een zachte kracht: een kanaal waarlangs de Britse liberale waarden zich over het continent zouden verspreiden, en misschien zelfs de destabiliserende krachten van het republicanisme, de revolutie en oorlog konden terugdringen.’ Door als het ware een net van verwante vorstenhuizen over Europa te spannen, meenden zij, nam de kans op vrede en voorspoed toe – geen gekke gedachte na het verderf dat de napoleontische oorlogen hadden gebracht.

Romantische voorkeuren 

Na Alberts diep betreurde dood zag de koningin het als haar dure plicht om zijn denkbeelden trouw te blijven. ‘Geen menselijke macht’, verklaarde ze, ‘zal mij laten afwijken van wat hij besloot en wenste.’ Met onvermoeibare ijver stortte ze zich op de toekomst van haar kleinkinderen, behoedzaam laverend tussen hun romantische voorkeuren en haar eigen belangen.

Het trof niet dat de monarchie in de tweede helft van de negentiende eeuw rap aan draagvlak verloor. Overal in Europa en in Rusland begon het vervaarlijk te gisten. Anarchisten en andere revolutionairen pleegden de ene na de andere aanslag op gekroonde hoofden. ‘Het lijkt alsof er elke dag een nieuwe afschuwelijke gebeurtenis plaatsvindt!’, schreef Victoria in 1880. ‘In wat voor tijden leven we!’

Bovendien trokken sommige kleinkinderen beleefd maar koppig hun eigen plan – alle grootmoederlijke raadgevingen ten spijt. Kleindochter Ella bijvoorbeeld werd tot Victoria’s verbijstering verliefd op de knappe Russische grootvorst Sergej, terwijl Rusland in haar ogen stond voor al wat barbaars, despotisch en achterlijk was. Ella’s beeldschone zusje Alix liet zich op haar beurt het hof maken door Sergej’s oudere broer Nicolaas, de latere tsaar, terwijl Victoria haar nota bene had willen koppelen aan een ander kleinkind, de beoogde Britse troonopvolger. Victoria’s bange voorgevoelens kwamen uit, zij het postuum: in het revolutiejaar 1918 zouden haar beide kleindochters op gruwelijke wijze worden afgeslacht.

En dan bleek bloedverwantschap ook nog eens geen garantie te zijn voor harmonieuze betrekkingen. Wat heet. Zodra haar Duitse kleinzoon Wilhelm, zoon van Victoria’s oudste dochter Vicky, tot keizer was gekroond ontpopte hij zich tot tegenstander van de Britten – met uiteindelijk desastreuze gevolgen. ‘Het idealistische visioen van Victoria en Albert’, schrijft Cadbury, ‘hield geen rekening met de mogelijkheid dat hun eigen kleinzoon (...) de blik voortdurend op zijn droom van Duitse macht zou richten en zou helpen het zaad van de vernietiging te zaaien.’

Lastige familierelaties 

Marie van Roemenië was in oktober 1914 het zevende en laatste kleinkind dat een troon besteeg. Het continent stond toen al een paar maanden in lichterlaaie, zoals dat heet. Binnen de kortste keren kwamen neven en nichten lijnrecht tegenover elkaar te staan. De familierelaties die zo sterk en onschendbaar hadden geleken, concludeert Cadbury, bleken uiteindelijk van geen belang.

Europa zou na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog nooit meer hetzelfde zijn. Vier jaar en miljoenen doden later waren drie van de zeven gekroonde kleinkinderen hun troon voorgoed kwijtgeraakt.

Zo’n bizarre uitkomst van een alleszins goedbedoeld project – Victoria had het in haar ergste nachtmerries niet kunnen bedenken.

Deborah Cadbury: Koningin Victoria als huwelijksmakelaar – Haar kinderen en kleinkinderen op Europese tronen
Uit het Engels vertaald door Roelof Posthuma.
Nieuw Amsterdam; 428 pagina’s; € 34,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.