Via internet laten we subtiele marketingmanieren gewoon toe

Loes Reijmer werpt in deze rubriek een blik op onlinecultuur.

Vlog van Monica Geuze, met een pot pindakaas. Traditionele reclame negeren we veelal; via internet laten we subtielere manieren van marketing gewoon toe.

Bij de foto's van Hans Eijkelboom is het fijn gluren en gnuiven. De 68-jarige fotograaf, vrijdag geïnterviewd in de Volkskrant, legt al 25 jaar het voorkomen van mensen op straat vast. Hij gaat zitten op een drukke plek, kijkt een kwartier lang welk thema zich opdringt en begint dan foto's te schieten van de voorbijtrekkende voetgangers: pubers met hetzelfde bomberjack, vinexvrouwen met een harig vest in pasteltinten en woest bebaarde mannen die natuurlijk heel erg tegen het kapitalisme zijn, maar wel door de Kalverstraat lopen. De foto's blinken uit in alledaagsheid en toch lijkt Eijkelboom zijn objecten ergens op te betrappen. Hij laat in elk geval zien hoe we jammerlijk falen in het streven naar uniciteit.

De fotograaf zou niet aan duiding doen, maar aan het eind van het interview waagde hij zich er toch aan. Kleding is directer geworden, vond Eijkelboom, 'staat meer in het teken van zelfexpressie'. De oorzaak? 'Volgens mij hangt dat samen met de opkomst van het internet. Naast hun analoge hebben mensen nu ook een digitale identiteit, een meer vrije en vaak ongeremde versie van zichzelf.'

En dat heeft gevolgen voor de openbare ruimte. 'Vroeger dachten mensen: hé, ik heb zin om te neuken', zei de fotograaf. 'Nu trekken ze een shirt aan met de tekst: ik heb zin om te neuken.'

Ik liep wat bezorgd naar mijn kledingkast om te kijken of er inderdaad zo'n shirt lag. Dat bleek, godzijdank, niet zo te zijn. Maar ik snap wel wat Eijkelboom bedoelt. De evolutie is ook te zien in zijn boek People of the Twenty-First Century: voor mensen die niet tot subculturen behoren, is kleding tot het jaar 2000 gewoon kleding.

Maar met de jaren lijken ook Jan Modaal en Debby Doorsnee steeds meer over hun voorkomen na te denken. Anno 2017 wordt de Kalverstraat bevolkt door klonen van Kendall Jenner en Gigi Hadid, jonge vrouwen die hun inspiratie rechtstreeks van Instagram halen.

Starend naar mijn kledingkast zag ik nog een andere invloed van internet - iets wat zorgwekkender is dan shirts met genante teksten, in elk geval voor mijn bankrekening. Bij veel recente aankopen heb ik me online laten lokken, met open ogen. Merken geven eenmalige korting als je je inschrijft voor de nieuwsbrief. Ik zeg daar vaak 'ja' tegen met het stellige voornemen om me direct weer uit te schrijven zodra de eerste mail binnenkomt. Maar dat doe ik nooit en ik klik bij elke nieuwsbrief weer gretig door het nieuwe aanbod. Blijkbaar wil ik verleid worden.

Tot niet zo lang geleden had de mens een gezonde houding tegenover reclame. Die kwam min of meer neer op: negeren. Een 'nee/nee'-sticker op de brievenbus, zappen bij een reclameblok op tv. Dat lijkt veranderd te zijn door internet. Ja, we surfen slim met adblockers, maar laten marketing wel op subtielere manieren in ons leven toe.

Het beste voorbeeld daarvan zijn vlogs, een genre dat sowieso maar moeilijk te begrijpen is voor mensen ouder dan 30. Die rollen met de ogen als Anna Nooshin weer een dure tas omhoog houdt en wapperen met het vingertje als ze daar niet braaf bij vertelt dat ze die heeft gekregen. Terecht ook, maar de fans vinden het geen probleem.

Sterker nog: ze lijken de video's juist te bekijken om al die producten voorbij te zien komen. 'Ga je in de volgende vlog wel je Zara-kleren laten zien?', vraagt Alyssa onder vlog 909 van Monica Geuze. Anderen kunnen niet wachten tot ze de potten pindakaas die ze per post kreeg opgestuurd daadwerkelijk gaat proeven.

De gewillige houding die jongeren aannemen als het om reclame gaat, is een fascinerend feit van deze tijd, iets wat ik als marketeer handenwrijvend zou gadeslaan. Ons voorkomen staat door de opkomst van internet zeker meer in het teken van zelfexpressie. Maar misschien zijn we wel slaafser dan ooit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden