Essay

Verslaving, racisme, foute mannen: drama’s overschaduwen altijd het fenomenale talent van Billie Holiday

null Beeld Redferns
Beeld Redferns

Twee nieuwe films belichten het tumultueuze leven van de zwarte zangeres Billie Holiday. Ze is al ruim zestig jaar dood maar inspireert nog steeds jonge soul- en jazz-zangers. Weliswaar was ze een junkie, maar ook een feminist die de mannenwereld naar haar hand zette.

Om voelbaar te maken hoe lang Billie Holiday (1915-1959) al dood is: toen ze stierf was de muziekterm ‘pop’ nog amper in zwang en bestond de genreaanduiding ‘soul’ nog helemaal niet. The Beatles moesten hun bandnaam nog verzinnen. Het gros van de ‘Jim Crow-wetten’ voor strikte rassensegregatie in de VS was nog van kracht.

Holiday (echte naam: Eleanora Fagan) overleed op 14 juli 1959 in een New Yorks ziekenhuis aan levercirrose, uitgeteerd door heroïne en alcohol. 44 jaar geleefd, inmiddels 62 jaar dood.

Oude muziekgeschiedenis dus, maar toch wordt ze opvallend vaak als voorbeeld genoemd door jonge soul- en jazzvocalisten. Nona uit Uden (geboren 1993) en Celeste uit Brighton (1994) deden het onlangs nog in de Volkskrant. Erykah Badu en Macy Gray, Corinne Bailey-Rae en Paloma Faith, Sabrina Starke en Denise Jannah; ze zeggen allemaal door Holiday te zijn geïnspireerd.

Kandace Springs (1989) zette in 2020 nog een Holiday-liedje op haar jongste album. Trijntje Oosterhuis en José James (een man!) brachten tributes van albumlengte uit. De beroemdste Billie-achtige hebben we dan nog niet eens genoemd: Amy Winehouse (1983-2011), die ten onder ging aan ongeveer dezelfde levensstijl als haar heldin.

Wie zich afvraagt waarom Billie Holiday nog altijd zo tot de verbeelding spreekt, zal een aantal antwoorden vinden in twee recente films. De documentaire Billie van James Erskine (2019) is pas sinds kort thuis te bekijken, bijvoorbeeld via het platform Picl. De biopic The United States vs. Billie Holiday (Lee Daniels, 2020) is voorlopig alleen te zien via het Amerikaanse platform Hulu. De hoofdrol is voor actrice Andra Day, een prima achternaam voor iemand die ‘Lady Day’ vertolkt. Ze sleepte er al een Oscarnominatie mee in de wacht.

Waar het over Billie Holiday gaat, gaat het al snel over de grote drama’s van haar leven: racisme, verslaving en gewelddadige mannen die op haar geld uit waren. Haar muziek wordt bijna altijd door die vertellingen overschaduwd, iets waar ze met haar autobiografie Lady Sings the Blues (1956) overigens zelf aan bijdroeg. De discussie over de vraag hoe ze er zélf precies in stond is nooit geluwd. Was ze somber of juist monter en onverwoestbaar? Was ze slachtoffer of toch ook een vrouw die onverstoorbaar deed wat ze wilde?

Ook in de films van Erskine en Daniels eisen de bekende thema’s de meeste aandacht op. Niet ten onrechte, overigens. Je mond valt open bij de voorbeelden van wreed institutioneel racisme waarmee Holiday moest leven.

Omdat ze een vrij lichte huidskleur had, moest ze haar huid in de jaren dertig donkerder maken, zodat maar duidelijk was dat het orkest waarmee ze zong (dat van Count Basie) een ‘negerband’ was – en geen gemengde. Toen ze vanaf 1936 met het witte orkest van Artie Shaw op tournee ging, mochten de mannen naar de wc bij benzinestations. Billie moest in de berm plassen.

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Als ze in een gemengd wegrestaurant aten, bestelde Billie altijd een extra hamburger in een papieren zak, omdat de kans groot was dat ze bij een volgende zaak niet welkom zou zijn. ’s Avonds namen de bandleden een hotelkamer, maar was Billie vaak veroordeeld tot de achterbank van de bus, tenzij ze een ‘Motel for Colored’ wist te vinden.

Haar samenwerking met Shaw eindigde toen de band in het New Yorkse Lincoln Hotel mocht optreden, maar het etablissement liet weten dat een zwarte zangeres niet welkom was. De band erkende schoorvoetend aan Billie toch wel heel graag dat lucratieve optreden te willen doen, waarop ze maar zelf haar conclusie trok: ze stapte op.

Wie nog niet begreep waarom ze Strange Fruit (1939), haar legendarische lied over het opknopen van zwarte Amerikanen in de zuidelijke VS, alleen met tranen in de ogen en een van woede trillende stem kon zingen, begrijpt het wel na de voorgeschiedenis die Billie erbij verschaft. De documentaire bevat een zinderende live-uitvoering: ‘Black bodies swingin’ in the southern breeze/ Strange fruit hanging from the poplar trees.

Strange Fruit werd zo’n gevaarlijk protestlied gevonden (verontwaardigde krantenkop: ‘Negro singer sings about lynchings’) dat de regering besloot Holiday op haar zwakke punt te pakken: drugsverslaving. De speelfilm The United States vs. Billie Holiday vertelt dát verhaal: Holiday als zorgvuldig geselecteerd slachtoffer van de staat tijdens de eerste grote ‘war on drugs’, in de jaren veertig. Een beroemde, zwarte zondebok was goed bruikbaar.

De narcoticabrigade schaduwde haar jarenlang, maar kon haar aanvankelijk niet op heterdaad betrappen. Aan drugshandel deed ze niet; ze was slechts consument. De tipgevers die haar in de val lieten lopen en heterdaadjes ensceneerden, waren tot tweemaal toe haar eigen managers: eerst Joe Glaser, daarna John Lewy.

Lewy was slechts een van de gewelddadige figuren met wie Holiday een liefdesrelatie had. Jimmy Monroe ging hem voor; Louis McKay volgde hem op. Ze sloegen haar in elkaar, voerden haar drugs en stalen haar geld. Ze schreef verbijsterend vergevingsgezinde liedjes over die mannen. Naar het verliefde My Man (over John Lewy) valt met wat kennis over de man nauwelijks te luisteren.

Op haar 13de tippelde ze al in Baltimore om geld te verdienen. Van de stem van haar pooier, Skinny Davenport, horen we in Billie een audio-opname. Schaapachtig lachend vertelt hij dat Billie het, net als de andere meisjes, fijn vond om te worden geslagen: ‘Ze waren trots op een blauw oog.’

Walgelijk, denk je dan, maar verderop in de film zegt een dierbare vriendin eigenlijk precies hetzelfde: Holiday had iets masochistisch, ze leek er soms een pervers genoegen in te scheppen om klappen te krijgen. Ze mepte ook terug, trouwens.

Billie was, volgens mensen die van haar hielden, niet uitsluitend slachtoffer. Ze was óók een sterke, strijdbare feminist, een vrouw die een mannenwereld naar haar hand wist te zetten. Als zwarte zangeres had ze nu eenmaal machtige witte mannen nodig om in zakelijk opzicht deuren geopend te krijgen. Alle mannen die haar mishandelden, hadden iets gemeen: ze betekenden toch ook iets voor haar loopbaan. Het geweld leek ze op de koop toe te nemen.

Psychiater James Hamilton, die haar behandelde na haar zoveelste overtreding van de opiumwet, noemt Holiday in Billie ‘in feite een psychopaat’: ‘Sterk, getalenteerd, maar ook onbetrouwbaar en extreem impulsief.’

Advocaat Earl Zaidins, vertrouwenspersoon in de laatste jaren van haar leven: ‘Ze was alleen gelukkig als ze ongelukkig was.’

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Ziedaar de tragiek van Billie Holiday. Ze was een fenomenale zangeres (zelfs tegen het einde van haar te korte leven, toen haar stem was aangevreten door drank en drugs), maar het verhaal over racisme, verslaving, verboden biseksualiteit en feminisme is zo dramatisch, zo urgent en sluit zo goed aan bij de belevingswereld van soul- en jazzvocalisten van nu dat ze de muziek haast als vanzelf van de voorgrond verdringen.

Toch spreekt ze voor die jonge collega’s ook muzikaal tot de verbeelding. In Billie wordt gelukkig ook wel uitgelegd waarom ze als zangeres en songschrijver nog altijd inspireert.

Jazz-zangeressen zongen vóór Billie Holiday bijna altijd materiaal dat was geschreven door anderen: fantasieverhaaltjes vaak. Holiday besloot dat ze wilde zingen over haar éígen leven. Het getuigde van een nieuwe, ongekende artistieke geldingsdrang, zeker van een jonge zwarte vrouw. ‘Wat ik zing, moet iets te maken hebben met mijn leven, met wat ik echt heb meegemaakt. Anders kan ik er niets mee’, horen we haar in Billie zeggen.

Dus schreef ze haar liedjes zelf. Van God Bless the Child (1939) over haar jeugd in een arm, zwart deel van Baltimore, tot liedjes over haar liefdesleven, zoals Fine and Mellow: ‘Love will make you do things/ that you know is wrong’, een zin waaruit zowel schuldbewustzijn als vergevingsbereidheid spreekt, afhankelijk van het perspectief. Het geeft haar oeuvre een unieke diepgang.

Ze zag zichzelf niet als een bijzonder begenadigde zangeres, maar vond wel dat ze een verhaal kon vertellen. Dát was ze: de eerste zangeres met een verhaal. Niet in interviews, want die bleven doorgaans vlak, maar wel in haar liedjes. Authenticiteit zou later uitgroeien tot doorslaggevend beoordelingscriterium voor popteksten, maar Billies liedjes waren ‘real’ en ‘true’ in een tijd waarin dat nog niet de norm was. Ze streefde het al voor de Tweede Wereldoorlog na in haar teksten. Haar éígen teksten.

Zingen deed ze op gevoel, improviserend, niet gehinderd door theoretische muziekkennis of oefening in bijvoorbeeld het kerkkoor. In plaats daarvan leerde ze zingen in de rokerige, hitsige atmosfeer van de semi-clandestiene Club Hot-Cha in New York, waar ze op haar 14de voor het eerst achter de microfoon stond.

‘Ze zingt vanuit haar kruis,’ constateerde saxofonist Lester Young. Ze deed dat graag aangeschoten of high, spelend met frasering, tempo en het hese braampje op haar stembanden, zoals geen andere zangeres dat durfde. Ze improviseerde met de noten zoals een jazzmuzikant het op zijn instrument deed.

‘Ik bewonder haar frasering’, zei José James toen hij in 2015 een album met Holiday-liedjes uitbracht. ‘Ze zong als het ware om het jazzritme heen. Iemand als Ella Fitzgerald? Prachtig, maar toch ook wat gedateerd. Billie niet. Zij zou alle moderne soul kunnen zingen.’

Holiday zag haar stem als een instrument. Niet voor niets ging ze vaak tússen de muzikanten staan, in plaats van vóór hen, een revolutionaire kijk op de zangstem in het algemeen en haar eigen stem in het bijzonder.

Soulzangeres Corinne Bailey-Rae in 2016: ‘Billie leerde me dat je stem niet klassiek mooi hoeft te zijn. Dat je ermee kunt doen wat je wilt. In die zin was ze de Björk van haar tijd.’

In juli 1959 liet Billie aan enkele getrouwen weten dat haar man, Louis McKay, haar financieel had kaalgeplukt, maar dat ze wel eindelijk de echtscheidingspapieren had aangevraagd. Invullen kwam er niet meer van: de dood kwam ertussen. Toen ze stierf, stond er 750 dollar op haar naam, nadat ze gedurende twee decennia zo’n 2.500 dollar per week had verdiend.

De documentaire Billie ontleent zijn kracht aan de audiofragmenten van talloze betrokkenen die allang zijn overleden. Die interviews werden in de jaren zestig en zeventig vastgelegd door de jonge journalist Linda Lipnach Kuehl, die een Billie Holiday-biografie wilde schrijven. Die kwam er niet, want Lipnach Kuehl overleed in 1978 nog vóór ze haar acht jaren veldwerk tot een boek kon kneden. Erskine kreeg de cassettebandjes van de familie.

Lipnach Kuehl stierf na een val uit het slaapkamerraam. Zelfmoord, concludeerde de politie, maar de familie betwijfelt dat. Linda liet geen brief achter en had net een verzorgend maskertje op haar gezicht aangebracht, zoals ze elke avond deed voor het slapengaan. Waarom zou je dat doen als je gaat springen? Werd ze geduwd? Wist Linda meer over het leven van Billie Holiday dan voor sommige betrokkenen acceptabel was?

Het antwoord op de vraag waarom het mysterieuze verhaal van Billie Holiday nog steeds fascineert, is eigenlijk simpel: hoe kan ze je níét fascineren?

Billie (James Erskine, 2019, 96 minuten). Te zien via Picl. De speelfilm The United States vs. Billie Holiday is in Nederland vooralsnog niet te zien.

Oscarnominatie

Andra Day, hoofdrolspeler in The United States vs. Billie Holiday, is niet de eerste actrice die voor een Holiday-vertolking een Oscarnominatie in de wacht sleept. Diana Ross deed hetzelfde voor haar hoofdrol in Lady Sings the Blues, een eerdere Holiday-biopic uit 1972. Die film werd voor vijf Oscars genomineerd, maar greep er in alle categorieën naast. Wel won Ross een Golden Globe voor haar Billie-rol, in de categorie ‘Meest Veelbelovende Vrouwelijke Nieuwkomer’.

The United States vs Billie Beeld
The United States vs Billie
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden