INTERVIEWCHANEL MILLER

Verkrachtingsslachtoffer Chanel Miller eist met haar nieuwe boek recht van spreken

Chanel Miller in het Ambassade Hotel in Amsterdam.Beeld Eva Roefs

Na haar verkrachting schreef Chanel Miller een vlammende slachtofferverklaring die viraal ging. Ze schreef er een boek over en vertelt hoe ze op vijandigheid en desinteresse stuitte – zelfs in de rechtbank.

Schrijver Chanel Miller (27) heeft er zelf geen herinneringen aan, maar in de nacht van 17 januari 2015 verandert haar leven voorgoed.

Het enige wat Miller nog bijstaat, zegt ze, is dat ze zich door haar zusje en een vriendin liet overhalen om naar een studentenfeestje te gaan. Dat het feestje plaatsvond op de campus van de prestigieuze Stanford-universiteit. Dat ze rap dronken werd en vervolgens gekke bekken trok naar haar zusje. Dat ze later die avond haar bewustzijn moet hebben verloren. En dat ze, toen ze weer ontwaakte, bebloed en zonder onderbroek in een ziekenhuisbed lag, met talloze dennennaalden in haar kleren en haren. 

Ze is slachtoffer geworden van seksueel geweld. De dader, een topatleet aan de universiteit en telg uit een rijke familie, is op heterdaad betrapt door twee voorbijgangers. Het bewijs is overweldigend. Maar na een proces van anderhalf jaar krijgt hij slechts 6 maanden celstraf, waarvan 3 maanden voorwaardelijk.

Toch krijgen de zaak en de opmerkelijk lage straf pas landelijk aandacht als de slachtofferverklaring van Chanel Miller op internet gepubliceerd wordt, onder de naam Emily Doe, een schuilnaam die ze tijdens het proces kreeg toebedeeld om haar privacy te beschermen. ‘We kennen elkaar niet’, begint ze haar verpletterende slachtofferrelaas, ‘maar je bent binnenin me geweest, en daarom zijn wij hier vandaag.’ 

In het 7.000 woorden tellende statement beschrijft Miller in kraakheldere zinnen wat voor impact het zedenmisdrijf op haar heeft gehad. Hoe het bijvoorbeeld was om agressief ondervraagd te worden door de verdediging. Hoe ze haar zelfvertrouwen verloor omdat ze zich niks meer kon herinneren. En wat er door haar heen ging toen ze op lokale nieuwssites steeds weer benadrukt zag worden hoe goed de dader was in sport.

Millers verhaal slaat in als een bom en gaat viraal. Het wordt niet alleen gelezen als een getuigenis, maar vooral als een aanklacht tegen het gebrek aan zorg voor zedenslachtoffers in Amerika. Binnen vijf dagen lezen meer dan 15 miljoen mensen haar verklaring. Volgens een Congreslid schreef ze hét boek over wat slachtoffers van seksueel geweld overkomt. Telefoonlijnen voor verkrachtingsslachtoffers staan roodgloeiend. De cast van de hitserie Girls wijdt er zelfs een video aan. En wanneer de MeToo-discussie een jaar later in alle hevigheid losbarst, wijzen analisten geregeld naar haar zaak en haar krachtige slachtofferverklaring die weerklank vond bij duizenden vrouwen.

Nu, bijna 5 jaar na het zedenmisdrijf, treedt Chanel Miller uit de anonimiteit met haar boek Ik heb een naam. Precies het juiste moment, zegt ze tijdens een interview in Amsterdam. Want eerder was dat ‘absoluut schadelijk’ geweest voor haar ontwikkeling. Miller: ‘Ik was nog erg jong. En het heeft lang geduurd voordat ik kon accepteren dat ik het recht had om mijn verhaal te vertellen.’

Wat trok je over de streep?

‘Toen Christine Ford, de vrouw die een van de hoogste Amerikaanse rechters beschuldigde van aanranding tijdens hun studententijd, getuigde in de Senaat. De volgende dag kocht ik alle kranten die haar foto op de voorpagina hadden staan. Het was een krachtig beeld, zoals ze met gesloten ogen haar hand omhoog hield om de eed af te leggen. De kalmte en waardigheid die ze uitstraalde, terwijl ze tegenover een van de machtigste mannen van het land stond, was inspirerend.

‘Mijn behoefte om ook mijn verhaal te doen viel dus, net als voor veel andere slachtoffers van seksueel geweld in de wereld, samen met de opkomst van de MeToo-beweging. Dat is geen toeval. Zonder de slachtoffers die voor mij naar buiten zijn getreden, bekend of minder bekend, had ik het nog niet aangedurfd.’

In je boek schrijf je dat je pas enkele dagen na het delict ontdekte wat er precies gebeurd was. Via een lokaal nieuwsplatform op internet las je dat je in bewusteloze staat achter een vuilniscontainer op de campus was verkracht met een ‘onbekend object’. Hoe is het mogelijk dat je deze details via het nieuws moest vernemen?

‘Ik denk dat de hulpverleners het domweg waren vergeten te vertellen. Iedereen was druk met het verzamelen van bewijsmateriaal. Het politieonderzoek was nog volop bezig. Het was nog onduidelijk of sprake was geweest van penetratie, een detail dat de aanklacht tegen hem kon verzwaren. Ik heb de nodige medische zorg gekregen, maar daarna mocht ik naar huis in afwachting van het onderzoek.

‘Bovendien worden politierapporten in Amerika openbaar zodra ze zijn ingediend. Ik weet nog steeds niet hoe media er zo snel de hand op wisten te leggen. Maar ik weet nog wel hoe verschrikkelijk het was om te lezen hoe ik was gevonden achter een vuilniscontainer. Vervolgens las ik het internetcommentaar van mensen die vonden dat ik niet zo dronken had moeten zijn.

‘Het was een indringende ervaring. Ik had die informatie liever eerst zelf willen verwerken, met iemand erbij om me te vertellen dat dit nooit had mogen gebeuren.’ 

Welk deel van het schrijfproces viel je het zwaarst?

‘Het lezen van de transcripten van het proces. Tijdens de rechtszaak mocht ik alleen bij de zittingen aanwezig zijn waarin ik zelf werd ondervraagd. Door die transcripties ontdekte ik dat er achttien getuigen zijn verhoord tijdens de zittingen. Toen ik die verklaringen las, realiseerde ik me langzaamaan wat er precies was gebeurd, wat er over mij gezegd is, wat mijn lichaam is aangedaan. Alles in me wilde terugkeren naar de rechtszaal en roepen: ‘Hou op, praat niet zo over mij, raak me niet zo aan, geef me mijzelf terug.’ Het voelde alsof ik geen enkele controle en privacy meer had. Alles was publiek, behalve mijn naam.’

Je beschrijft de zittingen als een uitputtingsslag. Ben je nooit bang geweest dat je verhaal wellicht andere slachtoffers afschrikt om de gang naar de rechtbank te maken?

‘Die hardheid van het proces wilde ik juist zichtbaar maken. Mijn doel is juist om te laten zien wat een kleinzielige vragen de verdediging stelt – dat dit het verbale misbruik is dat je zal ervaren. Als iemand het ooit nog eens een slachtoffer kwalijk neemt dat die geen aangifte doet, laat diegene dan maar dit boek lezen. Er komt te veel op je af. 

‘Ik hoop wel dat dit boek slachtoffers van seksueel geweld laat zien dat ze mild voor zichzelf mogen zijn. Slachtoffers nemen het zichzelf later vaak kwalijk dat ze te stil waren tijdens de verhoren op zitting, of niet krachtiger hun verhaal hebben gedaan.’

‘Ik hoopte door te kunnen gaan met mijn leven – dat mijn leven onaangetast was.’Beeld Eva Roefs

Wat zou jij een slachtoffer adviseren ter voorbereiding op een strafproces?

‘Mijn grootste zwakke plek, en daar ben ik vaak op aangesproken en voor afgestraft, is dat ik geen herinneringen heb aan het delict. Ik werd voortdurend afgekapt door de verdediging, die vond dat ik geen recht had om te spreken. Uiteindelijk ging ik dat mezelf ook wijsmaken. ‘Ja, wie ben ik eigenlijk om mijn verhaal te vertellen?’ vroeg ik me af. 

‘Terwijl ik in het ziekenhuis al intuïtief voelde dat er iets ergs was gebeurd. Dat schijnt vaker voor te komen bij slachtoffers die geen herinneringen hebben aan het misdrijf zelf: ze voelen wel degelijk dat hun lichaam is bezoedeld, maar ze stoppen het weg. Ik wilde dat ik meer aan dat gevoel had vastgehouden en me niet liet aanpraten dat mijn ervaring niet overtuigend genoeg is om te vertellen. Je intuïtie is voldoende om recht van spreken te hebben.’

Vanaf het moment dat Chanel Miller de naam Emily Doe kreeg, drukte Miller haar ervaring weg door Emily Doe als het ware los te koppelen van zichzelf. ‘Aan de buitenkant was mijn leven naadloos doorgegaan’, schrijft Miller in haar boek. ‘Emily woonde in een piepklein wereldje, krap en opgesloten. Ze had geen vrienden, leek alleen af en toe naar de rechtbank te gaan, het politiebureau, pleegde telefoontjes in het trappenhuis. Haar breekbaarheid vond ik vreselijk, en ze sprak zo zachtjes en leek niets te weten. Ik wist dat ze hongerig was, dat ze erkend en verzorgd wilde worden, maar ik weigerde om aan haar behoeften te voldoen.’ 

Wat heeft die dissociatie je destijds opgeleverd?

‘Ik hoopte door te kunnen gaan met mijn leven – dat mijn leven onaangetast was. Ik wilde niet dat de verkrachting mijn leven infiltreerde en me langzaam van binnenuit opvrat. Maar dat is precies wat er uiteindelijk gebeurde. Ik kon niet doen alsof het niet gebeurd was. Ook toen ik dit boek schreef zag ik Emily nog steeds als een aparte identiteit, maar dan in de tegenovergestelde vorm: Emily was iemand die de touwtjes in handen had genomen, die een statement had geschreven en onrecht aankaartte. Ondertussen was ik nog steeds een anoniem persoon die een doodgewoon leven leidde met vrienden die nergens vanaf wisten.’

Er bestonden veel aannames over de echte identiteit van Chanel Miller. Vanwege haar achternaam – Miller heeft een Chinese moeder en een Amerikaanse vader – gingen verslaggevers ervan uit dat ze wit was. De aannamen over haar symboliseerden de werkelijkheid waarin ze leefde, zegt Miller. ‘In de berichtgeving kwamen journalisten nooit verder dan wat oppervlakkigheden. Er was nauwelijks interesse in het slachtoffer, terwijl de sportprestaties van de verdachte uitgebreid aan bod kwamen.’

Welke aannamen over jou bestonden er nog meer in de media?

‘In de berichtgeving werd altijd benadrukt hoe ik moest huilen. Dat ik niet tot spreken in staat was. Een van de redenen om dit boek te schrijven was om mensen uit te leggen waarom ik huilde. Want ik huilde niet alleen omdat ik overstuur was over de verkrachting, maar ook om wat ik ervoer tijdens de verhoren op zitting. Ik wilde de lezer meenemen naar de getuigenstoel en laten voelen hoe het is om in een klein houten hokje gedwongen te worden. Hoe je uitkijkt op dierbaren die gebroken zijn, hoe tastbaar de vijandigheid van de verdediging is en hoe gegijzeld je je kunt voelen door de blik van verslaggevers. Elk woord uit je mond, elke traan uit je oog en elke sliert snot uit je neus wordt opgekrabbeld in een notitieboekje dat vervolgens door een ander wordt opgevoerd in een verhaal waar je geen zeggenschap over hebt. En niet zomaar een verhaal, maar een verhaal over jouw grootste trauma.’

Haar scherpe pen was haar enige wapen toen het Amerikaanse rechtssysteem haar in de steek liet, zegt Miller. Dus toen haar vertrouwenspersoon haar vertelde dat ze een slachtofferverklaring mocht schrijven én voorlezen, antwoordde ze: ‘Weet je het zeker?’ Miller heeft een diploma in Engelse literatuur en zat tijdens haar studie bij diverse boekenclubs. ‘Ik had weliswaar nooit gedacht dat dit het onderwerp was waar ik uiteindelijk mijn eerste grote stuk over zou publiceren, maar schrijven hoorde bij mijn opleiding.’

Niet alle slachtoffers hebben de gave om hun ervaring zo krachtig te kunnen verwoorden en terug te slaan.

‘Dat zit mij ook dwars. Het is oneerlijk dat een slachtoffer pas serieus wordt genomen wanneer ze haar ervaringen opschrijft. Ik beschik over het vermogen om helder te schrijven, maar ook ík zou geen boek moeten hoeven schrijven om anderen te overtuigen. Ik wil niet dat we het normaal gaan vinden dat slachtoffers het pas waard zijn om aan te horen wanneer ze hun ervaring op een mooie, literaire manier kunnen verwoorden. Maar ik verontschuldig me niet voor mijn talent: tegenover de macht die ik dankzij mijn statement weer in eigen handen kreeg, staat dat ik me ook anderhalf jaar waardeloos en gevangen heb gevoeld.’

Heb je nog iets gehoord van de dader sinds je naar voren bent getreden en het boek heb uitgebracht?

‘Ik noem zijn naam in het boek, maar in de kern interesseert hij me niet. Er zijn duizenden jongens zoals hij. De enige reden dat ik zijn naam noem, is om zijn rol te beschrijven. Dat geldt ook voor de namen van de rechter en zijn advocaten. Ik heb nooit de intentie gehad om achter hem en zijn familie aan te gaan. Zelfs de passages waarin ik beschreef hoe een bepaalde blik van een van zijn familieleden op mij overkwam heb ik uiteindelijk geschrapt. Ik kan immers niet weten wat ze dachten. Dit is geen wraakboek.’

‘Het is oneerlijk dat een slachtoffer pas serieus wordt genomen wanneer ze haar ervaringen opschrijft.’ Beeld Eva Roefs

Online aanklacht

In 60 Minutes, een journalistiek televisieprogramma uit de Verenigde Staten, heeft Chanel Miller haar 7.000 woorden tellende slachtofferverklaring volledig voorgelezen. De voordracht duurt ruim 50 minuten en is via YouTube te zien en te beluisteren. 

Chanel Miller – Ik heb een naam 

Vertaling Anna Livestro. Xander Uitgevers; 400 bladzijden; € 20,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden