Reportage Musica Sacra

‘Vergelden, vergeven, verzoenen’: op Musica Sacra zorgen grote thema’s voor fascinerende en persoonlijke kunstwerken

Zelfs 14de-eeuwse muziek kan actueel zijn, bleek op Musica SacraHet Maastrichtse kunstenfestival beleefde een verrassende 36ste editie.

Lichtkoepels van Dönci Bánki, in de kelders van een verlaten fabriek. Beeld Joost Milde

Diep onder de grond van een braakliggend fabrieksterrein, in een sarcofaag van beton, kronkelen de lichamen van twee jonge vrouwen. Ze moeten iets vreselijks hebben meegemaakt. Hun handen slaan machteloos tegen de harde vloer. Ze schoppen, zuchten, richten zich op en rennen op hun blote voeten en in hun transparante jurken in synchrone bewegingen naar de andere kant van de immense ruimte. Even vinden ze elkaar, als slachtoffers van dezelfde ondraaglijke ervaring. Ze slaan hun armen en benen om elkaar heen en laten elkaar weer los. Hun stuiptrekkende bewegingen beginnen opnieuw maar theatermaker Dönci Bánki laat het publiek van Musica Sacra niet zonder hoop naar huis gaan. Aan het eind van zijn voorstelling Lichtkoepels raken ze elkaar weer aan. Voorzichtig, onder een zwak oplichtend peertje, ontstaat er een spoor van verbondenheid, van troost.

De voorstelling past in het thema ‘Vergelden, Vergeven, Verzoenen’ van het Maastrichtse kunstenfestival, maar er klinkt ook het verhaal van Bánki zelf in door, nazaat van Hongaarse slachtoffers van de holocaust. Mooi dat het festival zijn publiek ermee weet weg te lokken van beproefde locaties als de Sint Janskerk en de Sint Servaasbasiliek.

Ook voor de componerende dirigent Iván Fischer, een generatie ouder dan Bánki en eveneens van Hongaars-Joodse komaf, is zijn persoonlijke geschiedenis vlakbij. Hij schreef de cantate Spectra, waarin hij citaten van Bach en teksten van Rilke en Goethe behoedzaam laat botsen met een Jiddisch slaapliedje, een soldatenmars voor strijkers en klezmermelodieën. In de serene Sint Janskerk is het de sopraan Katrien Baerts die, samen met een gedempte trompet, de compositie glans geeft. Jammer dat haar stem even later volledig wordt uitgewoond in het eendimensionale Medea van Guillaume Connesson, een werk uit 2004. Deze monoloog van de wraakzuchtige vrouw die haar kinderen doodde, begint intrigerend. Een klarinet schiet omhoog in vogelachtige kreten die worden gesmoord in fluisterende trillers. Ver daaronder legt een cello een warm bed, maar al snel is er nog maar ruimte voor één emotie: hoog oplopende woede.

Dan de Sint Servaasbasiliek. Daar zijn het Les Chantres du Thoronet die Gregoriaanse klanken uit de 12de eeuw laten opbloeien. De zes mannen, voor het eerst te horen in Nederland, lopen traag door de grote kerk, beschenen door zonlicht dat door de gebrandschilderde ramen naar binnen piept. Hun Mis voor de Heilige Jacobus uit de Codex Calixtinus klinkt verrassend masculien en vitaal. Op een gonzende grondtoon laten ze een verrassend opgewekte kant van het leven als pelgrim horen. Ze houden halt in de gangpaden, zodat de formidabele akoestiek van de basiliek telkens van een andere kant kan worden genoten.

Intussen heeft Diana Herz, kunstenares uit het grensgebied tussen Duitsland en Zwitserland, een installatie ingericht over schuld en verzoening. In de hal van Theater aan het Vrijthof hangen hertenkoppen, koekoeksklokken en familiefoto’s aan de muur, maar interessanter is wat je niet direct ziet: de handen van haar grootvader naast de handen van Hitler en Trump. Schnittstellen, ‘Snijvlakken’, heet haar werk, dat gaat over wonden uit het verleden, over schuld en onschuld, maar ook over perceptie, manipulatie en interpretatie van de publieke opinie. Net als Iván Fischer en Dönci Bánki laat Diana Herz haar familieverhaal meeresoneren in haar werk.

Verderop, in de Onze Lieve Vrouwenbasiliek, drommen zangliefhebbers samen voor de vier heren van New York Polyphony. De veelgeprezen en breed georiënteerde Amerikanen combineren werken uit de Vlaamse en Engelse renaissance met Stravinsky en Ivan Moody, een componist en geestelijke. Zijn compositie Vespers Sequence uit 2016 klinkt verrassend traditioneel, zeker uit de monden van de mannen die van smooth en gladgestreken hun handelsmerk maken. Met Danny Boy als toegift pakken ze hun publiek in.

In de Kapel Zusters onder de Bogen houden de leden van La Morra het bij een sober gezongen programma. Het avontuur zit ’m in de combinatie van twee verschillende genres: de muziek van Guillaume de Machaut en Francesco Landini, originele misteksten en teksten uit Dantes Commedia. La Morra voegt ze samen en laat zo een nieuwe mis ontstaan die laat horen hoe actueel de 14de-eeuwse teksten en noten nog altijd zijn. Met de natuurlijke stem van Vivabiancaluna Biffi, een mannenkoortje, een vedel, een luit, een blokfluit en een voorloper van het klavecimbel maakt La Morra van de grote thema’s een fascinerend en persoonlijk kunstwerk, een kroon op de 36ste editie van Musica Sacra.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden