Veelkoppig solo-optreden Cate Blanchett in Manifesto is hommage aan haar genie

Film (filmessay) - Manifesto

Manifesto is minstens zozeer een hommage aan de kunst als aan Cate Blanchetts genie. In dertien wisselende gedaanten declameert de actrice avant-gardistische manifesten.

De steden moeten herbouwd worden als immense scheepswerven. Droom en werkelijkheid moeten samenvloeien tot een absolute realiteit. Alle materialen verdienen dezelfde rechten. Alle hedendaagse kunst is nep.

En zo wisselen de leuzen elkaar af, in Manifesto. Een adequatere titel had dit van een grotere videoinstallatie afgeleid experiment niet kunnen krijgen: de Duitse regisseur en kunstenaar Julian Rosefeldt dook in zo'n vijftig manifesten achter de belangrijkste kunststromingen van de 20ste eeuw, van surrealisme en futurisme tot Dogma 95 en versmolt die teksten tot een duizelingwekkend geheel. Voortdurend wordt in Manifesto de totale artistieke revolutie uitgeroepen, in heetgebakerde dan wel dichterlijke variaties. En dat met Cate Blanchett in een veelkoppig solo-optreden.

Manifesto, Filmessay, Regie Julian Rosefeldt, Met Cate Blanchett, 95 min., in 18 zalen.

Als dronken, door industrieruïnes scharrelende zwerver plukt ze snippers uit Guy Debords manifest van het situationisme. Als roodharige weduwe houdt ze een begrafenisrede gebaseerd op Tristan Tzara's dadaïstische pamfletten. Ze is een machinist in een afvalverwerkingsfabriek. Een poppenspeler. Een punker.

Maar liefst dertien keer, telkens even briljant, wisselt Blanchett van gedaante; ieder manifest of collage van manifesten brengt ze als een bepaald type(tje), waarmee de woorden automatisch een al dan niet dubbelzinnige lading krijgen. Bij iedere tekst hoort ook een eigen landschap. Fascinerend is het, hoe woord en beeld de ene keer wringen - bezielde frasen tegen decors van droeve flatjes en anonieme beursgebouwen - en de andere keer precies dezelfde wereld oproepen.

Zo komt Rosefeldt speels uit bij de voornaamste kwesties van zijn film: wat er van al die gehoopte revoluties is terechtgekomen, en hoe de kunstrebellen onze samenleving hebben vormgegeven. Frappant ook, hoe die ooit zo avant-gardistische teksten zichzelf hier vermommen als de spraak van alledag. Wat gebeurt zodra ze als ellenlang tafelgebed worden gedeclameerd, als overhoring in een schoolklas of als commentaar bij een nieuwsitem? Dooft dan hun vuur? Of hebben ze hun actualiteit sowieso al lang verloren?

Het is aan Blanchetts spel te danken dat zulke kwesties gaan sprankelen. Tot in de kleinste details geeft ze haar personages overtuigend gestalte, en elke zin klinkt alsof hij rechtstreeks uit haar gemoed opschiet. Zelfs wanneer de woorden te snel over elkaar buitelen om echt te kunnen landen, blijft het heerlijk om naar Blanchett te luisteren. Manifesto is minstens zozeer een hommage aan de onverwoestbare veranderdrift van de kunst als aan Blanchetts genie. Had ze enkel boodschappenlijstjes voorgedragen, dan was de film nog steeds een groot genoegen geweest.