Interview Tim Overdiek

‘Veel mannen vluchten in drugs, alcohol, werken, sporten of seks om pijn niet te voelen’

Tim Overdiek Beeld Aisha Zeijpveld

Tim Overdiek, toen adjunct-hoofdredacteur bij de NOS, verloor in 2009 zijn vrouw. Inmiddels is hij rouwcoach, gespecialiseerd in mannen. Met zijn boek Als de man verliest  wil hij mannen leren hun emoties écht aan te gaan. 

Een ingrijpend verlies heeft op den duur ook betekenis. Het geeft naast verdriet, pijn en gemis ook zin aan je leven. (...) Het is helemaal niet gek om te zeggen dat je leven na verlies ook rijker is geworden.’

(Uit: Als de man verliest. Omgaan met tegenslag, verdriet en rouw)

Op 22 oktober is het tien jaar geleden dat Tim Overdiek (54) zijn vrouw Jennifer, 41, verloor. Overdiek is op 22 oktober 2009 adjunct-hoofdredacteur bij de NOS en twaalf maanden terug uit het buitenland, waar hij in de veertien jaar ervoor als correspondent voor de NOS achtereenvolgens uit New York, Washington en Londen had bericht. Hij versloeg de verkiezingsstrijd tussen George Bush en Al Gore, de aanslagen van 9/11, de oorlogen in Afghanistan en Irak.

Zijn Amerikaanse vrouw had hij eerder al leren kennen, toen hij in 1991 als sportverslaggever van Het Parool belde naar de Olympische researchafdeling van het Amerikaanse CBS Sports, waar Jennifer Nolan, die op het punt stond om naar huis te gaan, toch nog een laatste telefoontje aannam.

Er volgden meer telefoontjes, faxen, Jennifer kwam naar Nederland en twee jaar later vestigden ze zich samen in de VS. Ze kregen twee zoons: Sander en Eamonn.

Als ze na veertien jaar terug zijn in Nederland, vindt Jennifer dat er een hond in huis moet komen. Mastiff Elsa wordt geadopteerd uit Spanje. De volgende dag schrijft Eamonn in zijn dagboek dat het de beste ochtend uit zijn leven is: wakker worden met een hond in huis.

Twee dagen later gaan Jennifer en haar zoons er met Elsa op uit. Als ze richting park lopen, ziet Sander dat de hond het speeltje uit haar bek heeft laten vallen. Jennifer gaat het speeltje halen, steekt weer over bij het zebrapad – waar het licht voor haar op groen staat – en wordt aangereden door een motoragent. Diezelfde nacht overlijdt ze in het ziekenhuis.

In 2010 verschijnt van Tim Overdiek het boek Tranen van liefde, over zijn eerste jaar als weduwnaar. Zes jaar later zegt hij zijn baan bij de NOS op en schoolt zichzelf om tot therapeutisch coach, gespecialiseerd in rouw en verlies. Aanstaande dinsdag (1 oktober) verschijnt Als de man verliest, dat hij schreef samen met Wim van Lent, al dertig jaar een op mannen gerichte therapeut.

Jullie citeren klinisch psycholoog Manu Keirse, die is gespecialiseerd in rouw en zegt: ‘Mannen missen de taal van rouw. Zij hebben geen woorden, geen zinnen klaar.’ Hoe kan dat? 

‘Vrouwen leren van hun moeder om over intieme zaken te praten. Ze gaan ook makkelijker bij elkaar zitten voor dergelijke gesprekken. Vaders en zoons die dat doen zijn op de vingers van één hand te tellen. En als je dan zelf een situatie van verlies meemaakt, kun je niet eens de gevoelens herkennen. Ik krijg regelmatig mannen in mijn praktijk aan wie ik zie dat ze stukgaan, maar die toch blijven glimlachen. Omdat die man het zo heeft geleerd. En ik ook.’

Wat hebben jullie dan geleerd? 

‘Ik heb niet meegekregen dat het oké was om diepe emoties te tonen. Ik was 13 jaar toen mijn vader stierf. Hij kreeg thuis een hartaanval en zakte in zijn stoel onderuit. Mijn broers en ik werden naar boven gestuurd. Vervolgens kwam de pastoor ons vertellen dat onze vader nu bij de vader in de hemel was. Na de uitvaart is er nooit meer echt over gesproken. Zoals er ook nooit was gesproken over de dood van mijn vaders eerste vrouw, de moeder van mijn drie halfbroers. Ik heb mijn broers ook nooit over haar horen praten.’

Op welke manier, weet jij nu, was jouw reactie op de dood van Jennifer typisch mannelijk? 

‘Heel erg uitstralen dat ik het alleen ging doen, dat ik niemand nodig had. Ik wilde aan de buitenwereld niet laten zien hoe zwaar ik het had. Dat is een mannelijke beweging. Ik heb van mij en mijn zoons ook een nogal mannelijke drie-eenheid gemaakt. Terwijl ik de jongens misschien af en toe bij moederfiguren had moeten stallen. Maar gelukkig heb ik ook veel wél goed gedaan. Door het verdriet te tonen en daarmee aan mijn zoons te laten zien: het mag er zijn. In onze familie werd vroeger niet gesproken over de dood, ik heb dat bewust heel anders gedaan. Dat moest ook wel: het was te groot en te onverwacht, dus ik kon mijn tranen niet stoppen. Maar ik had me moeten realiseren dat er nog veel meer nodig was dan ik zelf kon. Simpele dingen, zoals mensen toestaan voor me te koken. Ik zette op een gegeven moment zelfs mijn moeder de deur uit. ‘Niet nodig, ik kan het zelf wel!’

‘Wat ik óók goed heb gedaan is onmiddellijk met Sander en Eamonn naar een psycholoog gaan die het trauma van het ongeluk met ze kon bespreken. Zij waren erbij toen het gebeurde. Sander is een jaar later teruggegaan, omdat hij last bleef houden van de beelden. Die gesprekken hebben hem echt geholpen.’

Tim Overdiek Beeld Aisha Zeijpveld

Nu is er een boek, waarin jullie mannen leren omgaan met verlies. Ben jij zelf weleens in therapie geweest? 

‘Nee, op een paar gesprekken met mijn co-auteur Wim na. En door de opleiding tot therapeutisch coach heb ik voldoende inzicht in mijn rouw om en liefde voor Jennifer en mijn vader gekregen. Over de dood raak je nooit uitgeleerd. Dat houd ik oudere cliënten in mijn praktijk ook altijd voor. Beter laat dan niet. Momenteel begeleid ik iemand die nu pas komt rouwen om zijn vader, die veertig jaar geleden is gestorven. Ik ben blij dat hij het doet. Je móét die pijn een keer onder ogen zien. Een belangrijke boodschap in ons boek is: deel je gevoelens met je partner, laat je zien aan je kinderen en ga op zoek naar je vader. Welke band had je met hem, hoe ging hij om met zíjn vader, op welke manieren lijken jullie op elkaar?’

Het voorwoord van Als de man verliest is geschreven door Peter van Uhm, die één dag in functie was als Commandant der Strijdmachten, toen de eerste militair die sneuvelde onder zijn bewind zijn eigen zoon Dennis bleek te zijn. Het boek bevat – behalve observaties over de innerlijke wereld van rouwende mannen en het begrip ‘mannelijkheid’, therapeutische tips, wetenschappelijke inzichten en de aansporing tot het beginnen van een ‘mannengroep’ - interviews met tien bekende mannen, over allerlei vormen van verlies. Muzikant Douwe Bob vertelt over de breuk met zijn grote liefde, ex-schaatser Falko Zandstra praat over zijn faillissement (en het gevoel dat hij daardoor faalde als man en gezinshoofd), theatermaker Marc de Hond over het verlies van gezondheid, presentator Humberto Tan over de dood van zijn broers en schrijver A.F.Th van der Heijden over het verongelukken van zoon Tonio.

A.F.Th van der Heijden noemt de dood van zijn zoon als gevolg van een verkeersongeluk in 2010 ‘nergens goed voor’. Hij zegt: ‘Ik kan geen enkele zin aan Tonio’s dood ontdekken.’ Zelf schreef jij in Tranen van liefde: ‘Jennifers overlijden was niet voor niets geweest. Het tragische verlies heeft van mij een andere man gemaakt. Beter en completer.’ Adri en zijn vrouw Mirjam kiezen er bewust voor de wond van hun verlies open te houden: ‘De pijn mag blijven. Sterker, de pijn houdt Tonio aanwezig.’ 

‘Dat is zijn besluit, ja. Om actief de pijn te behouden. De pijn staat voor hen gelijk aan het leven van hun zoon.’

Tim Overdiek Beeld Aisha Zeijpveld

Jullie schrijven in Als de man verliest: ‘Een ingrijpend verlies heeft op den duur ook betekenis. Het geeft naast verdriet, pijn en gemis ook zin aan je leven.’ 

‘Veel mensen ervaren dat zo, Adri en zijn vrouw niet. Zij kiezen ervoor om de wond open te laten, omdat ze denken: als ik het ga doorleven – in plaats van door te leven – verdwijnt Tonio. Dat begrijp ik wel. Maar als Adri bij mij in de stoel zou zitten, zou ik ermee aan de slag willen gaan. Want wat levert het je op, om die wond open te houden?’

Jullie zijn er vrij stellig in dat het leven na verlies beter kan worden. Dat de dood of het verlies van een geliefde zin heeft. Ik vraag me af of dat voor iedereen opgaat. Voor sommige mensen wordt het leven gewoon nooit meer zo leuk als vóór het verlies. 

Sure. De dingen die je hebt beleefd met degene van wie je hield, ga je nooit meer met een ander beleven. Maar voor mezelf geldt dat ik nu ook heel leuke dingen met andere vrouwen doe, waarvan ik denk: zo leuk had ik het met Jennifer misschien niet kunnen hebben. Terwijl er ook een fase is geweest waarin ik zeker wist dat mijn leven nooit ook nog maar een béétje leuk zou worden. Maar dat gebeurt toch. Dat durf ik te beloven. Als je maar wel het rouwwerk verricht, wordt het beter.’

Wat is dan ‘beter’? 

‘Het wordt nooit meer hetzelfde als het was, maar je krijgt weer zin in het leven. In mijn geval: er is een nieuwe Tim opgestaan, die het leven ook zonder Jennifer aankan.’

Roek Lips, voormalig netcoördinator bij de Publieke Omroep, verloor in 2011 zijn 18-jarige zoon Job. Job was gaan zwemmen in zee, bij het Spaanse San Sebastian, en werd door een verraderlijke golfstroom meegesleurd. Zijn lichaam is nooit gevonden. Over de rouw zegt Lips: ‘De essentie is om je hoofd te buigen.’ En: ‘Ga het aan. Ga er volledig in, duik erin, onderzoek het aan alle kanten en ga het niet uit de weg. ‘Het’ is het verdriet.’ 

‘Roek heeft dat ongelooflijk goed gedaan. Hij heeft grip op zijn verlies gekregen door niet alleen de omstandigheden van zijn zoons dood te onderzoeken, maar ook de hele mannenlijn in zijn familie te gaan uitpluizen.’

Zijn opa bleek ook te zijn verdronken, maar daar is in de familie nooit met een woord over gesproken. Daarna is zijn vader bijna verdronken en Roek zelf ook, als 14-jarige. 

‘De overeenkomsten zijn bijna morbide. Je verzint het niet. Roek kon pas verder met zijn leven nadat hij dit helemaal had uitgezocht. En uiteindelijk heeft hij er met zijn vader over kunnen praten, vlak voordat die stierf. Ze hebben elkaar voor het eerst echt omhelsd. In mijn praktijk laat ik mensen soms ook letterlijk buigen voor hun verlies. Dat kan een helende ervaring zijn. Vooral mannen gaan liever om de pijn heen. Het liefst hebben ze dat ik ze een A4-tje overhandig met oplossingen om van de pijn af te komen. Door te buigen, realiseren ze zich: ik móét het aangaan.’

Jullie hameren in het boek erg op de vader-zoonrelatie. Vooral als de vader mentaal of fysiek afwezig was. 

‘Ook al zeggen we dat het niet belangrijk is, we blijven allemaal op zoek naar onze vader. Je wilt het als man goeddoen. Wat bij ons speelt is: Ben ik de man op wie mijn vader trots zou kunnen zijn?’

Humberto Tan vertelt dat hij geen emotionele band met zijn vader heeft, die in Suriname woont. En zegt: ‘Ik vraag me weleens af, ga ik naar zijn begrafenis? Uiteindelijk denk ik van wel.’ 

‘Wat Humberto heel goed heeft gedaan, is zijn kinderen laten kennismaken met hun opa. Maar ik vind het jammer dat hij zichzelf niet verbindt met hem. ‘Ik ben tachtig procent mijn moeder, twintig procent mijn vader’, zegt Humberto, maar dat is niet zo. Je bent vijftig procent je vader. Dus: ga naar hem op zoek. Dat kan ook als hij niet meer leeft. Bezoek zijn geboortegrond, praat met mensen die hem hebben gekend, schrijf hem postuum een brief. Breng hem terug.’

Over je eigen vader schrijf je dat hij een moeilijke man was, niet in staat om onbezorgde liefde te geven. Je hebt nooit om zijn dood kunnen huilen, maar je draagt het boek wel aan hem op. 

‘Als je betekenis aan de dood van Jennifer kunt geven, is het dat ik niet alleen om haar heb leren rouwen, maar dat ik ook op zoek ben gegaan naar mijn vader. Ik voelde geen enkele emotie voor hem, maar heb me opnieuw met hem verbonden. Ik realiseer me nu dat mijn vader ziek was, manisch-depressief, en een oorlogstrauma had. 41 jaar na zijn dood heb ik hem alsnog geëerd, door aan de muur thuis een collage met foto’s van hem op te hangen.’

Je beschrijft in het boek hoe Jennifer op een bepaald moment depressief werd en vertelt dat ze aan zelfmoord had gedacht. Jij schrikt enorm, zij gaat in therapie, maar samen spreken jullie er nauwelijks over. Je vraagt jezelf nu af: ‘Was het pure domheid, ingegeven door egoïsme, dat haar problemen mij gewoon niet zo goed uitkwamen? Of was het mannelijke onmacht die het me onmogelijk maakte om niet alleen de ernst van de situatie in te zien, maar er ook iets aan te doen?’ 

‘Als zoiets zich nu zou afspelen, waren bij mij meteen alle alarmbellen afgegaan. Maar destijds ging zij in therapie en ik vond niet dat ze mij hoefde te vertellen wat ze daar besprak. Dat deed ze ook niet en ik liet het gaan. Achteraf gezien had ik er wel met meer nadrukkelijke liefde voor haar kunnen zijn. Mijn drukke baan was een excuus om weg te duiken voor mijn verantwoordelijkheid. En misschien durfde ik het niet aan. Wat er aan de hand was, heb ik genegeerd. Uit onmacht of mannelijke onbekwaamheid.’

Tien jaar later ben je een professionele hulpverlener voor mensen die in de knoop zitten. 

‘Jennifer kennende had ze daar keihard om gelachen. ‘Wát?! Jíj?’ Als therapeut vraag ik mijn cliënten er nu nadrukkelijk naar: ‘Overweeg je zelfmoord?’ Vaak zeggen mensen zoiets terloops. ‘Soms hoeft het van mij niet meer.’ Dan probeer ik dat concreet te maken. Wat hoeft dan niet meer? En: hoe vaak is soms? Als mensen het niet delen, wordt het gevaarlijk.’

Nathan Vos, de broer van politica Mei-Li, schreef een boek over de zelfmoord van hun broer. In een interview zei hij: ‘Ik denk dat David misschien wel ten onder is gegaan aan het man-zijn.’ 

‘Niet laten zien dat je het moeilijk hebt, en je in alle omstandigheden vermannen. Dat is een giftige kant aan het man-zijn. En ook een potentieel dodelijke.’ 

Niet alleen plegen in Nederland twee keer zoveel mannen als vrouwen zelfmoord, ook is zelfmoord na longkanker de belangrijkste doodsoorzaak bij mannen onder de 60, schrijven jullie. 

‘Schokkend, toch? En daar is dus iets aan te doen. Misschien niet in alle gevallen, maar probeer het in elk geval: práát erover.’

Hij reikt over tafel, naar de karaf water, schenkt de glazen opnieuw vol. Naast de deurbel beneden hangt het naambordje: Overdiek-Nolan. Zijn zoons dragen de achternaam van hun moeder. Het huis zochten Jennifer en Tim samen uit, nadat enkele maanden daarvoor een relatiecrisis was overwonnen. De aankoop van een nieuwe woning had ook symbolische betekenis: de keuze om de toekomst samen in te gaan. Een week na het tekenen van de koopakte, overlijdt Jennifer.

Na Jennifers dood stopt jullie jongste zoon met honkballen. Zijn moeder ging altijd met hem mee. Jij doet er alles aan om hem er weer naartoe te krijgen. 

‘Ik probeerde dingen voor hem op te lossen. Hij had altijd zoveel plezier gehad in die sport, dus we gingen het gewoon regelen. Onder het motto: ‘En dan ga jíj weer plezier hebben.’ Maar hij had helemaal geen plezier. Dat kon ook niet, want hij deed dat altijd met zijn moeder. Toch voelde het voor mij als een nederlaag dat ik er niet in slaagde hem weer het veld op te krijgen.’

Wat denk jij als je Tranen van liefde terugleest, dat je in het eerste jaar na Jennifers dood schreef? 

‘Ik zie ontzettend veel gepruts. Ook in liefde en intimiteit. Ik ging al snel op zoek naar een vriendin, een vrouwenlichaam, terwijl ik eerst nog dingen voor mezelf had uit te zoeken.’

Vluchtgedrag? 

‘Groot vluchtgedrag; ook een mannelijke beweging. Vluchten in seks, zodat je de pijn van het verlies niet hoeft te voelen. In mijn praktijk zie ik veel compensatiedrang. Of het nou vluchten in drugs, alcohol, keihard werken, sporten of seks is; ik begrijp het allemaal. Ik weet hoe fijn het kan zijn om het even van je af te neuken. Op het moment zelf werkt het, maar het is geen duurzame methode.’

In Tranen van liefde schrijf je: ‘Wat me misschien nog wel het meest dwarszit, is dat we steeds meer in staat zijn om zonder jou verder te leven. Juist dat is onverdraaglijk.’ Hoe kijk je daar negen jaar later naar? 

‘Ik weet nog hoezeer je er in het begin van schrikt, als je je ineens realiseert dat er een paar uur voorbij zijn gegaan zonder dat je aan diegene hebt gedacht. Inmiddels zijn er hele periodes waarin ik niet aan Jennifer denk. Is dat erg?’

Tim Overdiek Beeld Aisha Zeijpveld

Zeg jij het maar. 

‘Nee. Het is een goed teken. Ik denk vaak genoeg wél aan haar. Bijvoorbeeld als ik een vrouw zie lopen met een blauwe sjaal en een zwart leren jasje: de kleding die ze droeg op de dag dat ze verongelukte. Of als Eamonn aan zijn nieuwe opleiding begint, en zij staat niet naast me om hem uit te zwaaien. Het blijft zo zonde dat zij zoveel dingen van de kinderen niet meer heeft kunnen meemaken. En andersom misschien nog wel meer. Eamonn is inmiddels 19: hij leeft al langer zonder zijn moeder dan met. Dat blijft ongelooflijk verdrietig.’

A.F.Th van der Heijden zegt in jullie boek: ‘Het is Mirjam en mij opgevallen dat na het slijten van het nieuws over Tonio, na de eerste golven van rouwpost, er spoedig niet meer naar verlies, verdriet en gemis geïnformeerd wordt.’ Zelf schreef jij in Tranen van liefde: ‘Na een maandje of zes vindt de omgeving het eigenlijk wel welletjes met het gerouw.’ 

‘Ja, maar dat kun je hen niet kwalijk nemen. Mensen die groot verlies hebben geleden zijn vaak niet gemakkelijk in de omgang. Je denkt onwillekeurig toch: ‘Hey, zie je niet hoe groot mijn pijn is?!’ Daardoor is het extra confronterend dat anderen doorgaan met hun leven. Maar zolang er mensen zijn bij wie je altijd terechtkunt, is dat niet erg.’

De Volkskrant Rouwgids

Hoe ga je om met mensen die in rouw zijn en wat moet je doen als een dierbare komt te overlijden? Deze gids helpt je op weg met het rouwen en het geregel.

Jouw vader verloor zijn eerste echtgenote jong en een van jouw halfbroers werd – eerder dan jij – ook vroeg weduwnaar. Toch steunde hij jou niet echt, en kwam je andere broer pas maanden later bij je langs. Begreep jij dat? 

‘Ik heb hen niet om steun gevraagd en zij hebben het ons niet gegeven. Het was wat het was. Na veertien jaar buitenland waren we niet meer zo close. Als therapeut ben ik gaan inzien hoe we binnen ons gezin allemaal op ons eigen eiland omgingen met verdriet en gemis. De afgelopen jaren hebben we elkaar meer gevonden, en gaan we geregeld samen eten. Eigenlijk zijn we nu van alles aan het inhalen.’

Hoe reageerde je zelf toen jouw broer zijn vrouw verloor? 

‘Jennifer was toen in verwachting van ons eerste kind, dus mijn schrik om haar plotselinge dood betrok ik vooral op mezelf. ‘Stel je voor dat...’ Ik kon me niet voorstellen hoe het moest zijn om de liefde van je leven te verliezen. Ik heb de tekst voor het bidprentje geschreven en de kist helpen dragen. Iets doen; dat kon ik wel. Maar emotionele steun bieden? Ik had geen idee, toen.’

Op welke manier ben jij wezenlijk veranderd door de dood van Jennifer? 

‘Ik heb geleerd mijn emoties te laten zien. En ik bén er meer. ‘Heb geen spijt van wat je wel of niet hebt gedaan’, zei Jennifer altijd, maar ik had er meer kunnen zijn als vader en partner. Dat ik na haar dood zo’n nadrukkelijk aanwezige vader ben geworden, is ook compensatiegedrag.’

Je bent een betere vader geworden. 

‘Een betere vader, een betere man.’

Op een bepaalde manier wel treurig. 

‘Ja. Buitengewoon treurig.’

Als de man verliest – omgaan met tegenslag, verdriet en rouw door Tim Overdiek en Wim van Lent wordt uitgegeven bij uitgeverij Balans. Op 4/10 reiken de auteurs in Pakhuis de Zwijger de eerste exemplaren uit aan hun zoons.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden