recensie plantenboeken

Vanuit de plant gezien en De tuin houden allebei een pleidooi voor plant-aardig leven ★★★☆☆

Niet alleen bomen, ook planten verdienen onze aandacht, stelt bioloog Arjen Mulder. Dat is goed voor de planeet, en de tuin knapt er ook nog eens van op.

Beeld Floor Rieder

‘Het evenwicht is wankel en iedereen levert een bijdrage om het in stand te houden’, schrijft bioloog en schrijver Arjen Mulder in Vanuit de plant gezien over planten in een bos. Draden van speciale typen schimmels groeien tot in of om de fijnste wortelvertakkingen van planten, zo is al langer bekend. Via een ongehoord fijnmazig ondergronds netwerk van die draden leveren de schimmels voedingsstoffen aan planten en krijgen ze er voedzame suikers voor terug. 

Een bos is iets veel wonderlijkers en complexers dan simpelweg een verzameling ternauwernood levende stammen die eenzaam water en mineralen uit de bodem pompen. Arjen Mulder dist vol overgave bijzondere wederwaardigheden van planten op en wordt daarbij nu en dan flink esoterisch, bijvoorbeeld als hij het heeft over ‘een collectief aan wie iedereen zijn deel afstaat’ of over ‘aangenaam en zinvol levende planten, zieke eenlingen die het collectief altruïstisch steunen’. Voor dergelijke boude beweringen lijken geen harde wetenschappelijke bewijzen te bestaan, en als die er wel zijn, geeft hij ze niet. Wel zijn er ruim voldoende onderzoeken die aantonen dat planten elkaar chemisch bestrijden en met elkaar in groeisnelheid wedijveren, om zich het meeste licht of de gunstigste groeiplek toe te eigenen. Geheel volgens de darwinistische ideeën van onderlinge strijd, waarvan Mulder weinig moet hebben.

Mulder is geen zweverige boomfluisteraar, zijn kennis van de moderne biologie en evolutiebiologie is evident. Hij wil afdalen in de blinde vlek van de 21ste-eeuwer, overlopen naar de kant van de plant die mensen onvoldoende zien, schrijft hij. Dat perspectief kan de wereld redden, is zijn overtuiging. Vandaar dus het ‘pleidooi voor een plantaardige planeet’ uit de ondertitel – Mulder bedoelt: ‘plant-aardig’. Een prima streven, in tijden waarin de natuur achteruitholt.

Maar er kleven problemen aan het boek (zo te zien een bundeling van een vijftal los van elkaar geschreven essays, hoewel dat nergens wordt vermeld). Mulder wil te graag literair doen, stilist zijn van de groene zaak. Zo is een kamerplant bij hem een ‘extatische non’, want voortgekomen uit een stekje en dus het resultaat van een onbevlekte ontvangenis. Ook blijkt hij aanhanger van de omstreden Gaia-theorie van de Britse wetenschapper James Lovelock, volgens welke de aarde zich gedraagt als een levend wezen. Stijgt de temperatuur op aarde, dan vermenigvuldigen eencellige plantjes in de oceanen zich namelijk enorm. Vervolgens stoten zij veel grotere hoeveelheden van bepaalde afvalgassen uit, die wolkenvorming bevorderen en waarmee de aarde weer afkoelt. Dit lijkt wel op de homeostase van levende cellen, is het idee, de processen waarmee het interne milieu zo constant mogelijk wordt gehouden. Toch verliest de aarde jaarlijks meer materie in de vorm van gassen dan erbij komt in de vorm van ruimtestof, terwijl een essentieel kenmerk van leven nu juist is dat het standhoudt tegen verval, in elk geval tijdelijk.

Peter Wohlleben: De tuin.

Ook in De tuin van de Duitse boswachter Peter Wohlleben gaat het over planten, tuinplanten dus, maar dan aangevuld met dieren en diertjes die in een tuin zijn te vinden. Wohlleben, beheerder van een flink stuk ecologisch bos in het Eifelgebied, brak als natuurschrijver door met Het geheime leven van bomen. Het vrij dunne De tuin beoogt een gids te zijn voor een betere beleving van de eigen tuin. Wohlleben slaagt daar aardig in, met details over eenvoudig zelf te verrichten meteorologische waarnemingen en een soort spoedcursus tuinecologie, met tips hoe je een tuin aantrekkelijk kunt maken voor allerlei dierlijk leven. Aan feitenkennis ontbreekt het ook hem niet. Het hoge Rien Poortvliet-gehalte ten spijt – ‘wurmen en hun vriendjes’, het kan aan de vertaling liggen – slaagt Wohlleben er net als Mulder in om wat hij noemt de ‘sensibiliteit’ voor natuur te verhogen. En dat is mooi. 

Arjen Mulder: Vanuit de plant gezien. Arbeiderspers; 265 pagina’s; € 22,99. 

Peter Wohlleben: De tuin. Uit het Duits vertaald door Bonella van Beusekom. Lev.; 208 pagina’s; € 18,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden