Van ruwe olie naar oude meesters

In het Frans Halsmuseum in Haarlem is voor het eerst de hele verzameling van George en Ilone Kremer te zien....

Haarlem ‘Ab-so-luut niet’. Geen enkel verband is er tussen zijn vroegere werk als handelaar in olie en zijn tegenwoordige bezigheden als verzamelaar van oude meesterkunst. Ook niet omdat het om olieverf gaat in die schilderijen? ‘Haha, nee, helemaal niet. Het heeft er niets mee te maken.’

Vanuit niets dan een jeugdherinnering aan museumbezoek begon George Kremer begin jaren negentig aan zijn kunstverzameling. Hij was zojuist, vrij abrupt, met zijn handel gestopt. Toen de markt elektronisch werd, vond hij het ‘gewoon niet leuk meer’. ‘Mijn handel was fysiek. We kochten olie, verscheepten dat, leverden het aan raffinaderijen. Ineens werd het ‘screenhandel’, vanaf een computerscherm.’

Als er dan toch een verband is, dan is het dat hij dicht bij zijn product blijft. De schilderijen van oude meesters gaven hem een nieuwe reden om te reizen. Samen met zijn vrouw Ilone en geënthousiasmeerd door de in 2007 overleden kunsthandelaar Robert Noortman, bezocht hij musea en veilingen. Hij ging over kunst lezen en studeren, en heel veel kijken.

De Kremers bouwden zo de afgelopen veertien jaar een collectie op, waarvan veel werk in de hoogste kwaliteitscategorie valt: museale werken. Met schilderijen van Gerrit van Honthorst, Ferdinand Bol, Gerard Dou, Philips Koninck, Jan Lievens, Pieter de Hooch. En ja, ook een Rembrandt. Hun hele collectie van ruim vijftig oude meesters is nu in het Frans Hals Museum in Haarlem te zien.

De museumwereld is blij met zo’n verzamelechtpaar. ‘Ze hebben een mooie, persoonlijke collectie’, zegt directeur Emilie Gordenker van het Mauritshuis in Den Haag. Enkele van de beste werken, zoals de De Hooch en de Rembrandt, hangen normaal in bruikleen in haar museum. De Kremers stonden ze al vlak na aankoop af, omdat ze het ‘heel leuk vinden’ om ze ‘met het publiek te delen’. Het Mauritshuis beheert bovendien hun schilderijen in depot en verzorgt het wetenschappelijke onderzoek naar de collectie.

Van het type verzamelaar dat Kremer is, zijn er bovendien maar heel weinig. ‘Het zijn echte collectioneurs’, zegt conservator Christiaan Vogelaar van De Lakenhal in Leiden. ‘Er zijn wel mensen met schilderijen in bezit, bijvoorbeeld omdat ze die geërfd hebben. Maar er zijn in Nederland geen mensen die actief 17de-eeuwse schilderijen verzamelen van zulke kwaliteit’. In de Lakenhal hangen onder meer werken van Jan Lievens en Jan Davidsz de Heem van de Kremers.

Voor Leiden is die collectie belangrijk, zegt Vogelaar. Kremer heeft een zwaartepunt aangebracht in het werk van de vroege Rembrandt en zijn omgeving: de tijd dat de schilder in Leiden werkte. ‘Kremer is eigenzinnig en heeft een uitgesproken smaak. Hij denkt echt mee.’

De banden met musea zijn al vanaf het begin sterk. Maar met de tentoonstelling die morgen in Haarlem begint, maakt het echtpaar een duidelijke volgende stap: ze treden persoonlijk in de publiciteit. Dat doen Nederlandse verzamelaars niet vaak.

Emilie Gordenker juicht het toe: ‘Ze maken hun passie voor kunst aanstekelijk, en de collectie heeft duidelijke samenhang.’ Naast Rembrandt vormen ook de Utrechtse Caravaggisten een thema – navolgers van de Italiaanse schilder Caravaggio. Daardoor is in Haarlem de presentatie helder, met duidelijke verhaallijnen.

De tentoonstelling sluit aan bij een beweging die enkele jaren geleden in gang is gezet, waarbij musea hun relaties met particuliere begunstigers steeds zichtbaarder maken. Verzamelaars worden steeds hipper. Er wordt een signaal afgegeven aan de bezoeker: zonder verzamelaars zouden musea er heel anders uitzien.

‘Verzamelaars geven kleur aan een museum’, zegt Edwin Jacobs, directeur van De Lakenhal. ‘De band van de conservator met de verzamelaar is vaak heel familiair. Als dat zichtbaar wordt, dan maakt dat een museum menselijk.’

Ook Emilie Gordenker vindt die zichtbaarheid goed. ‘Het geeft de schilderijen iets toegankelijks. Alsof je ze dichter kan naderen’. Wel beklemtoont ze dat het van de verzamelaar en van het museum afhangt of samenwerking klopt. ‘Het Mauritshuis heeft een huiselijk karakter, dus daar zijn de Kremer-schilderijen op hun plek.’

Wieteke van Zeil

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden