Review

Van Riel was bezienswaardigheid in de politiek

Prettig leesbaar portret laat zien hoe invloedrijk de schilder achtige VVD'er Harm van Riel was in de jaren zeventig. Via zijn jonge 'leerling' Hans Wiegel wist Van Riel de VVD om te toveren van een herenclub naar een brede volkspartij.

Prettige openingszin: 'De mededeling dat je een boek schrijft over een veertig jaar geleden afgetreden Eerste Kamerlid maakt je niet meteen de held van elk feestje of het middelpunt van gesprek in de kroeg.' Onwillekeurig wil je nu toch weten om wie het gaat. Om een VVD'er die 'ook binnen de VVD meedogenloos in de vergetelheid is geraakt', aldus de auteur.

Mark Verheijen, veelbelovend Tweede Kamerlid totdat hij vorig jaar moest aftreden vanwege gedoe over declaraties, schreef een boek over Harm van Riel (1907-1980). De overtreffende trap van de vergetelheid die Verheijen opvoert is overdreven. Van Riel is nooit partijleider en nooit minister geweest, hij mengde zich niet uitbundig in het openbare politieke debat. Maar achter de schermen, vanuit de Eerste Kamer waar hij twintig jaar fractievoorzitter was, was zijn invloed groot.

Het is ook voor de niet-ingevoerden een fijn leesboek geworden, vooral doordat Verheijen zo goed laat zien hoe Van Riel een voor die tijd - de jaren zeventig - voor onmogelijk gehouden ambitie waarmaakte: de VVD omvormen van een herenclub tot een brede en grote volkspartij die op den duur het CDA opzij zou duwen. Van Riel deed dat door Wiegel, 34 jaar jonger, te adopteren, te chaperonneren en te regisseren. Die bracht de doorbraak. Zo kun je volhouden dat de VVD tot op de dag van vandaag de vruchten plukt van het strategisch inzicht en de onverstoorbaarheid van de wonderlijke, schilderachtige Van Riel.

Hij had een groot verstand; op zijn vierde had hij van zijn moeder leren lezen. Vanaf zijn zesde las hij dagelijks het Algemeen Handelsblad en de Opregte Haarlemsche Courant. Hij was zijn leven lang vrijgezel. 'Geheel vrijwillig', schrijft Verheijen en voegt daar het geheimzinnige 'naar het schijnt' aan toe. Dus zeg maar als een soort Rutte. Vanaf zijn 29ste had hij een huishoudster voor de bewassing en de voeding.

Mark Verheijen

Harm van Riel - Een rechtse provo.
Non-fictie
Boom; 280 pagina's; euro 22,50.

Van Riel zette zichzelf neer als een negentiende-eeuwse, gegoede burgerman met Drents accent, ofschoon hij uit Noord-Holland kwam. Hij droeg steevast een bolhoed. Zijn driedelige kostuums werden gemaakt bij de gebr. Domhoff, aanvankelijk in Den Haag, later in Haarlem. Wijnkoperij Thooft&Van Vollenhoven uit Rotterdam leverde de grote hoeveelheden drank. De sigaren kwamen van Hajenius uit Amsterdam. Hij rookte er vijftien per dag.

Harm van Riel was een bezienswaardigheid in de politiek. Dat Hans Wiegel als tovenaarsleerling zich graag spiegelde en de ensceneringen zorgvuldig bestudeerde blijkt bijvoorbeeld uit de wijze waarop de sigaar in het hoofd geplaatst dient te worden, namelijk in het midden van de mond, in de ronding die ontstaat als men de lippen tuit. Precies zoals Van Riel dat deed. Poseren is het halve werk.

Voor de andere helft wees Van Riel zijn jonge kompaan de weg naar de 'nieuwe arbeiders die zich steeds meer luxe konden veroorloven'. Die hadden bij de PvdA niets meer te zoeken en des te meer bij de VVD. 'Een belangrijk deel van de arbeiders', aldus Van Riel, 'is politiek apatisch en in wezen uitsluitend in het eigen levenspeil geïnteresseerd.' Daar lag de winst.

Harm van Driel. Beeld anp

Hans Wiegel: 'Het was 1971, ik was net fractievoorzitter en Van Riel, fractievoorzitter in de Eerste Kamer, en ik werden uitgenodigd op het Torentje waar toen nog de minister van Binnenlandse Zaken zetelde. Dat was Geertsema. Er moest vooroverleg zijn met de VVD-bewindslieden. Er waren broodjes, veel broodjes. Van Riel en ik kregen een uiteenzetting over al het voortreffelijks waarmee onze mensen in het kabinet bezig waren. Het was duidelijk dat men ons wilde committeren. Ik was jong, ik zat er net, ik dacht: ik zeg niks. Toen de heren uitgesproken waren, nam Harm het woord. Hij zei: 'Geertsema, dank voor de lunch, wij vonden het een prettig gesprek.' In andere woorden: zoek het uit, jullie. Hij stond op en wij vertrokken.'


1977, de slopende kabinetsformatie tussen PvdA en CDA, tussen Den Uyl en Van Agt liep naar het noodlottige einde. VVD-leider Wiegel ontving telefoon van professor Duynstee, die tot de Nijmeegse katholieke maffia behoorde, de cercle van Van Agt. Of hij eens langs mocht komen. Duynstee meldde zich op slobkousen. Hij had één boodschap: dat het verstandig was als Wiegel de komende weken niet te veel in de prut zou roeren. Het afstervingsproces met de PvdA moest zijn kans krijgen. Bij Wiegel ging de vlag in de top, na zes maanden formatie kwam de VVD aan bod. Wiegel sprak met niemand over het bezoek. Behalve met Van Riel. 'Harm, ik heb professor Duynstee op bezoek gehad!' Van Riel: 'Dat is goed nieuws.'


Hans Wiegel: 'Mijn vrouw Jacqueline en ik gingen een keer eten met Magda van Everdingen, secretaris van het partijbestuur en Harm, bij Van Riel thuis. Overal boeken, zelfs op en vóór de koelkast die in de zitkamer stond. Eerst een borrel. De twee dames zaten op hoge rechte stoeltjes en dronken sherry uit geneverglazen. De heren, in diepe fauteuils, genever uit sherryglazen. Daarna, als licht voorgerecht, een heerlijke gerookte vette paling. Vervolgens ging de gastheer naar zijn piepkleine keukentje, zette zich op een kruk bij het fornuis, mikte een pakje roomboter in de pan en braadde daarin een prachtige ossehaas.

Daar met z'n vieren. Zo op elkaar gesteld. Die jaren zijn voor mij onvergetelijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden