Recensie Concertgebouworkest

Van Lahav Shani, die complexe compositie als deze zo weet neer te zetten, mogen we veel verwachten(vier sterren)

Rotterdam mag blij zijn met de nieuwe chef Lahav Shani. Met het Concertgebouworkest laat hij zien wat hij in zijn mars heeft. Zo weet hij op de piano prima zijn weg, in de barok heeft Shani nog behoefte aan een tomtom.

Lahav Shani. Beeld Hans van der Woerd

Het Concertgebouworkest was er als een haas bij om toch nog even een concert te organiseren met Lahav Shani, de aankomende chef van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Per contract is vastgelegd dat deze het Amsterdamse orkest gedurende zijn chefschap niet mag dirigeren. Wat bij zijn voorganger Yannick Nézet-Séguin niet lukte, kreeg het Concertgebouworkest bij Shani wel voor elkaar.

Vrijdag was de grote dag waarop eenmalig een concert klonk waarvan alleen al het programma wees op de onconventionele ideeën van de 29-jarige Shani. Centraal stond Schönbergs zelden gespeelde symfonische gedicht Pelleas und Melisande, maar eerst klonken twee composities die je in verwarring achterlieten.

Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Lahav Shani. Bach, Schönberg, Penderecki (****). Amsterdam, Concertgebouw, 15 juni.

De Ciaccona voor strijkorkest van Krzysztof Penderecki maakt deel uit van diens Pools Requiem. Het zeer toegankelijk stuk uit 2005 leunt op dalende baslijnen die de ruggengraat vormen voor de hogere strijkers in het orkest. Shani liet toverachtige sferen ontstaan. Schitterend hoe hij de gelaagdheid in de partituur op een steeds andere manier uitlichtte. Fragiele violen zette hij af tegen een volle altvioolklank, helder gearticuleerde melodieën tegen een wirwar van diffuse priegelnootjes. Wie zo kan doseren, hoef je niets te vertellen.

Of toch wel? Na Penderecki was Shani zelf solist in Bachs Klavierconcert BWV 1052. Vanachter de grote Steinwayconcertvleugel dirigeerde hij de strijkers rondom hem en op slag was het gedaan met de magie. Hij torste een strijkersgroep met zich mee die zo groot was dat hij, ondanks het nauwkeurige spel van de musici, log en zwaar overkwam. Je hoorde een keur aan timbres en suikerspinzoete romantische lijnen, maar zocht tevergeefs naar de lichte speelsheid die het concert tot een feest maakt. Op de piano weet Shani prima de weg, in de barok heeft hij nog behoefte aan een goede tomtom.

Maar dan Pelleas und Melisande, Schönbergs drie kwartier durende orkestwerk naar het verhaal van Maurice Maeterlinck. De twaalftoonstheorie was nog in geen velden of wegen te bekennen in de eerste jaren van de vorige eeuw. Eerder lonkte Schönberg met zijn immense orkestbezetting naar een componist als Richard Strauss.

Lahav Shani kent de partituur door en door en dirigeerde het stuk uit het hoofd. De thema’s van Melisande en Golo vlocht hij geraffineerd ineen tot een huwelijksthema. Schönbergs glissandi in de trombones liet hij fraai mengen met andere lage blazers, zodat je doordrongen raakte van de duistere sfeer in Maeterlincks verhaal. Voorlopig is Shani beter in het opbouwen dan in het afbouwen van volumineuze klankstapelingen, maar van een dirigent die een complexe compositie als deze zo overtuigend weet neer te zetten, mogen we veel verwachten, de komende jaren. Bij het Rotterdams Philharmonisch, dat wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden